Politici draaien rond zwarte scholen

De voorstanders van het mengen van leerlingen waren eerst links, toen rechts, en nu weer links.

DEN HAAG - Door het bestaan van zwarte scholen als feit te accepteren, breken hoofdrolspelers van de coalitiegenoten CDA en VVD met hun eigen koers


Onderwijsminister Van Bijsterveldt, VVD-fractieleider Blok en ook CDA-integratiewoordvoerder Mirjam Sterk hebben de afgelopen jaren juist beleid gesteund dat poogde segregatie in het onderwijs tegen te gaan.


Het rapport Bruggen Bouwen van de Commissie-Blok, over de stand van de integratie, werd in januari 2004 matig enthousiast ontvangen. Te vrijblijvend en te weinig concreet, luidde de kritiek. Eén concrete aanbeveling was er wel: segregatie op scholen moest worden bestreden.


Naamgever van die commissie was Stef Blok. Een van zijn commissieleden was Mirjam Sterk. Die zijn nu aan de macht. In het regeerakkoord tussen VVD en CDA van eind vorig jaar echter ontbrak het woord segregatie. Deze week sprak CDA-minister van Onderwijs Marja van Bijsterveldt uit wat velen al vermoedden: bestrijding van segregatie is niet langer 'een beleidsdoel'. De regering van VVD en CDA accepteert het bestaan van zwarte scholen als een feit.


De snelle draai in het denken is exemplarisch voor de omgang met het onderwerp zwarte scholen. Drie decennia terug was het de SP die de spreiding van allochtonen het eerst aan de orde stelde. Het kwam haar te staan op de beschuldiging extreem-rechts te zijn.


Het onderwerp was daarna besmet. Terwijl vooral in de grote steden scholen in hoog tempo verkleurden, deden de politieke partijen gedurende de jaren tachtig en negentig haasje-over in een wedstrijd kleurenblindheid.


Pim Fortuyn probeerde het themaop de agenda te krijgen na zijn machtsovername in Rotterdam in 2002. Dat mislukte. Zijn coalitiegenoten VVD en CDA schrokken ervoor terug om aan de gang te gaan met oude SP-ideeën. Die laatste partij wilde niet geassocieerd worden met Fortuyn en hield zich stil.


Twee jaar later durfden CDA, VVD en Leefbaar wel. Onder leiding van CDA-wethouder Leonard Geluk begon Rotterdam een experiment, waarbij scholen werden gestimuleerd etnisch een afspiegeling te worden van de wijk waarin ze stonden.


Het college nam expliciet afstand van kleurenblindheid. 'Het gaat ons om integratie en dat gaat over kleur', zei Geluk, 'niet om de kwaliteit van het onderwijs.' Marja van Bijsterveldt was in die tijd CDA-voorzitter.


Het Rotterdamse beleid werd toen nog gezien als rechts. Langzaam sloeg dat om. In 2007 namen CDA en PvdA in het regeerakkoord een passage op over invoering van dubbele wachtlijsten. Eerdergenoemde Van Bijsterveldt was er weer bij. Ze werd staatssecretaris van Onderwijs.


Maar terwijl de scepsis afnam bij links, groeide zij bij rechts. Zeven jaar na het rapport-Blok en de maatregelen van het Rotterdamse college zijn de rollen exact omgedraaid.


Alle linkse partijen vinden inmiddels dat scholen gemengder moeten worden. Maar nu vinden Blok, Sterk, Van Bijsterveldt en hun partijen, net als de PVV, het thema niet belangrijk meer.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.