point taken

In de minispeelfilms blijft de balans tussen drama en dans een delicaat punt.

dans


Point Taken 4


15/3, Cinedans - Dance on screen festival, Amsterdam. 25/3 op tv (Nederland 2, 00.05 uur


Twee elkaar verdringende jongensruggen boven aan een reusachtige waterglijbaan. Een jochie dat op straat ligt, kijkend naar de oneindige wolkenlucht boven hem. En dan is er nog die close-up van een paar gympies, duidelijk een kindermaat. Zie hier de openingsshots van de drie nieuwe dansfilms in de jaarlijkse serie Point Taken, een project van NTR, Mediafonds en Fonds Podiumkunsten.


Dit keer heeft 'het kind' alle teams van choreografen en filmregisseurs geïnspireerd. Het kind dat volwassen wordt, zijn eigen stem vindt, zijn onschuld verliest. Na de wereldpremière op het druk bezochte festival Cinedans in Eye, zijn de films dit weekend te zien op televisie.


De verhalende aanpak voert de boventoon. Alle drie de aanwinsten zijn eigenlijk minispeelfilms, geen abstracte vormexperimenten met dansende boontjes of vliegende paraplu's zoals die tijdens de opening van Cinedans voorbijkwamen. In al die verteldrang blijft de balans tussen drama en dans een delicaat punt. Want als er qua beweging te weinig interessants gebeurt - al is het maar op het niveau van de montage alleen - kun je zo'n film in willekeurig welke context financieren, maken en uitzenden. Point Taken 4 laat echter zien dat er inmiddels een grote expertise in het genre is opgebouwd.


Zwemmen of verzuipen van Jaakko Toivonen en Michiel Vaanhold is de meest ongekunstelde en transparante film. Op de bodem van een leeg zwemparadijs - weg is het Tropicana-gevoel nu er geen water stroomt - leeft een groep jongetjes zich uit. De onbeholpen bewegingen van deze amateurs, die met z'n allen heuse choreografietjes uitvoeren op de bodem en langs de muren, passen perfect bij hun rol. De spanning zit vooral in het verhaal: één kind neemt meer en meer een uitzonderingspositie in en waagt uiteindelijk de 'sprong in het diepe', niet alleen figuurlijk.


Toer van Schayk en Barbara Makkinga verleiden vooral met de schoonheid van hun schilderachtige, vaak surrealistische composities. Van Schayk is behalve choreograaf ook beeldend kunstenaar, duidelijk. Ik ben de enige is een coming of age-film. Een reis in een auto, met uitstapjes aan zee en in de duinen, maakt van de jonge jongen die naar de wolkenlucht lag te staren een jongeman. Onderweg wordt hij vergezeld door een stille stoet volwassenen. In combinatie met prachtige natuuropnames zorgen zij voor een droomachtige, soms dreigende sfeer.


Het meest dynamisch, qua onderwerp, dans en cameravoering, is The Mirror van Guy Weizman (dansgroep Club Guy & Roni) en Gijs Kerbosch. Hier geen poëzie, wel snoeihard geweld. Een arrestatieteam valt een kerk met vluchtelingen binnen, waarbij een soldaat een vrouw met kind frontaal neerknalt.


Kan het erger dan deze (onbeschaamd kitscherige) madonnamoord? De rest van de film sleurt ons mee in de nachtmerrie van de soldaat, in de gekte van oorlog. Met veel gejaagde, verknipte beelden, harde beats, fysieke dans. 'Zachte' gevoelens als schuld, angst en verdriet doorkruisen de meedogenloze sfeer. Een dans-film pur sang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden