Poëzie is overal

Bij het begin van Poëzieweek: het gedicht leeft volop. Dankzij een prozaïsche zakelijkheid.

De Dichter des Vaderlands, Anne Vegter, tijdens de Gedichtendag in Paradiso in 2013.Beeld anp

Het was allemaal de schuld van juffrouw Vermeulen. Had ze mij in de derde klas lagere school maar niet een ellenlang gedicht van Annie M.G. Schmidt uit het hoofd moeten laten stampen. Strafwerk voor een verjaarde zonde.

Mijn liefde voor poëzie werd in de kiem gesmoord. Voor den uchtend van haar bloei vergaan.

Twee decennia had ik nodig voor mijn terugkeer in de maatschappij der letteren. Dichters waren nog drinkende zonderlingen in versleten regenjas en lekkend zolderkamertje. Effe geen cent te makken: als ze van hun bundeltjes 300 exemplaren verkochten, hadden ze een topjaar. Op naar de bakker.

Nu zijn dichters - op een enkeling na misschien - nog steeds geen kassakrakers, maar hun werk is overal. De poëzie staat steviger op z'n versvoeten dan ooit tevoren. Vandaag, Gedichtendag, start de Poëzieweek. Mede mogelijk gemaakt door een vleugje prozaïsche zakelijkheid. En met succes: toen ik vorig jaar het Poëzieweekgeschenk door Ilja Leonard Pfeijffer hoopte te ontvangen, bleek het begeerde werkje (nóg niet tweedehands verkrijgbaar) halverwege de Week overal uitverkocht. Ik heb er mijn bundeltje Mark Boog niet voor laten liggen.

Er is de VSB Poëzieprijs. Vrijdag strijden in Utrecht acht finalisten met 'videogedichten' in de NK Poetry Slam 2016. Boekhandels - de betere herken je aan de hoeveelheid poëzie op de planken - liggen vol beschreven koffiemokken en kussenslopen van Stichting Plint.

Op mijn toilet scheur ik dagelijks een velletje van Van Oorschots Poëziekalender 2016 - de beste gedichten bewaar ik zelfs. Elke stad een muurgedicht.

Er is een Dichteres des Vaderlands. Zij, Anne Vegter, trekt met Hallo gedicht door theaters. De barricades op 'om de kunst dichterbij te brengen en niet om zeep te helpen', zei ze gisteren in Trouw. Die krant deed weer eens alsof poëzie 'moeilijk' en 'saai' is. Onbedoeld dook Vegter in het defensief.

Poëzie is pas echt volwassen als ze geen ondergeschoven kindje meer wil zijn.

Dinsdagavond hielden uitgever en vrienden van Joost Zwagerman in een (bijna) vol Felix Meritis zijn postume dichtbundel ten doop. Oorverdovende hartekreten, 'in twee maanden op papier geworpen'. Wakend over God; de titel zal de reden zijn waarom Trouw een lezersaanbieding deed. Jessica Durlacher, Peter Buwalda, Ilja Leonard Pfeijffer en anderen droegen werk voor en herdachten Joost.

Goede poëzie laat zich zingen. Wende Snijders zong Voor alles, Frederique Spigt vertolkte Nu jij weg bent, dat zij samen met Zwagerman schreef. Bowieaanse vooruitwijzingen: Moet ik nog wel verder/ val ik, of blijf ik staan?/ Moet ik nog wel verder/ Zoveel levens nog te gaan.

Dat kijken zo veel liefs vermag: wat een rouwdienst leek, werd een feest van wederopstanding. Van Zwagerman, en van de poëzie.

Ik hoop dat ik vandaag nog op tijd ben voor het Poëzieweekgeschenk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden