Plots stonden de Taliban in zijn straat: 'Het zijn nog kinderen'

Hij is een doodgewone inwoner van Kunduz en de strijd om deze Afghaanse stad vindt plaats voor zijn raam. Als hij nu naar buiten kijkt, ziet hij meestal een lege straat: geen mens waagt zich buiten terwijl er wordt gevochten. Maar er zijn ook Talibanstrijders. Vluchtende ambtenaren. En honderden gevangenen die door de Taliban zijn vrijgelaten.

Afghaanse milities in de provincie Kunduz. Beeld afp

Een paar uur geleden stonden er Talibanstrijders te rommelen aan zijn auto, vertelt de man over de telefoon aan de Volkskrant. Hij haalde drie keer diep adem, ging naar buiten en liep op hen af.

Het waren jonge mannen, die strijders. Kinderen eigenlijk: jongens van dertien, misschien veertien jaar oud. Maar ze waren tot de tanden toe bewapend. 'Ze wilden mijn wagen meenemen', vertelt de man. 'Ik heb hen verteld dat het geen regeringsauto is, maar gewoon de wagen van een burger. Van mij. Toen lieten ze hem staan.'

De man aan de telefoon komt zelf uit Kunduz: hij spreekt de taal en heeft het accent van de regio. 'Burgers worden in eerste instantie met rust gelaten', vertelt hij. Maar zijn baan kan hem in gevaar brengen: de man werkt voor een internationale organisatie die projecten voor de lokale bevolking heeft opgezet. Daarom wil hij niet dat zijn naam wordt gepubliceerd en ook de ngo waar hij voor werkt, mag niet genoemd worden. 'Ik hoop dat de Taliban mijn huis niet binnen komen', zegt hij bezorgd. 'Er liggen hier papieren. Boeken. Mijn laptop.'

Korte stilte.

'Nee, dat zou niet goed zijn.'

Ansar (laten we hem zo maar noemen) werd maandagnacht rond drie uur wakker van het geluid van oorlog. Totaal onverwacht begonnen de Taliban met honderden strijders met een offensief tegen Kunduz en ze rukten vanuit drie verschillende kanten snel op. Er werden raketten afgevuurd. Granaten ontploften. Er klonk artilleriegeschut.

Opgesloten

'Hoge ambtenaren wisten niet hoe snel ze weg moesten komen', vertelt Ansar. Hij zag ze gaan, kijkend door zijn raam: wagens vol, in de richting van de luchthaven die drie kilometer ten noorden van de stad ligt. Ook kantoren van de Verenigde Naties pakten hun spullen en lieten Kunduz achter. Burgers die ook naar de luchthaven probeerden te komen, werden tegengehouden door veiligheidstroepen. Andere uitvalswegen waren door de Taliban geblokkeerd.

Op maandagmiddag is zeker de helft van de stad in handen van de Taliban. Hun witte vlag wappert op het centrale plein en de strijders trekken op naar de luchthaven.

'Wij zitten hier vast', constateert Ansar. 'Opgesloten in onze huizen.'
Hij is niet onder de indruk van de reactie van het Afghaanse leger. 'Maar ze kunnen ook weinig doen', zegt hij. 'Dit is anders dan kleine dorpjes: het zijn smalle straten en huizen vol burgers. Daar kun je geen raketten op afvuren zonder burgerslachtoffers te maken. Veel strijders bevonden zich vannacht al in de stad, in huizen. En veel van die strijders zijn zelf eigenlijk nog kinderen.'

Hij zucht. Klinkt ongemakkelijk. Maakt zich grote zorgen, zegt hij. 'Dit is niet zomaar voorbij. Vandaag zijn de Taliban veel sterker dan gisteren. Ze hebben nieuwe voertuigen veroverd. En wapens, veel wapens. Het kantoor van de gouverneur, de gevangenis - dat ligt allemaal vol en ik geloof niet dat deze wapenvoorraden zijn meegenomen toen het personeel op de vlucht sloeg.'

Ook de gevangenen heeft hij zien lopen, vanuit zijn raam. Honderden mannen, waaronder veel strijders die weer voor de Taliban zullen vechten.

Maar een Middeleeuwse slachtpartij, zoals die tijdens de burgeroorlog in de jaren negentig plaatsvond als er een stad werd veroverd en de mannen van hun commandanten mochten plunderen en verkrachten, die verwacht hij niet. 'Ze zullen tegenstanders oppakken', denkt Ansar. 'En ik vrees dat de situatie zal worden misbruikt om persoonlijke vetes uit te vechten. Dat gaat zeker mensenlevens kosten.'

Weer een zucht. 'Dit komt volkomen onverwacht. Het gebeurt gewoon. En ik heb werkelijk geen idee wat er verder gaat komen.'

Beeld reuters
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden