Platenbaas Seymour Stein, een oor voor goede liedjes

Platenbaas Seymour Stein ( 74 ) ontdekte Madonna en maakte vele artiesten groot. Nog steeds zoekt hij naar nieuwe muziek, zoals komend weekend op Noorderslag.

Seymour Stein (midden) met David Byrne van Talking Heads en Madonna in 1996. Beeld WireImage

Elke morgen loopt Seymour Stein (74) nog, met wandelstok, naar zijn kantoor op Broadway. Een paar blokken slechts is het pand van Warner Music in New York van zijn huis verwijderd. 'Ik hoef niet meer te werken hoor, maar ik doe nu eenmaal niets liever.'

Het werkkamertje van waaruit hij zijn Sire Records beheert, is gevuld met posters, boeken en foto's van Madonna, de Ramones en andere artiesten die Stein groot heeft gemaakt. 'Hoewel mijn label wat gekrompen is, zoek ik nog steeds nieuwe muziek. Daarom kom ik ook naar Groningen. Op Eurosonic staat het beste wat Europa aan nieuwe popmuziek te bieden heeft, hoor ik altijd.'

Daags voor hij naar Nederland afreist staat Seymour Stein V te woord over zijn roemruchte platenlabel Sire. 'Een van de grootste kleine platenmaatschappijen in de jaren zeventig en tachtig. Natuurlijk, mijn beste jaren liggen achter me, maar ik zoek nog over de hele wereld naar nieuwe liedjes. Daar was het me om te doen: liedjes. Ik was precies op tijd om de doorbraak van de rock-'n'-roll mee te maken in 1954-'55. Toen wist ik dat ik mijn leven aan muziek zou wijden.'

Op zijn 15de had hij al een baantje bij Billboard, het toonaangevende muziekvakblad, en ontmoette hij legendarische platenbazen als Syd Nathan (de man achter de James Brown-successen) en Jerry Wexler van het label Atlantic. Nathan spoorde vader Stein aan zijn zoon Seymour vooral te steunen in diens wens het in de muziekindustrie te gaan maken. 'Uw zoon heeft een uitstekend gehoor voor goede liedjes.'

Zes decennia later stelt Stein vast dat een goed gehoor misschien wel zijn enige gave was. 'Ik speel geen instrument, kan niet zingen en ben ook niet erg zakelijk. Maar als ik een goed liedje hoor, wil ik dat met de hele wereld delen.'

Met deze instelling ontdekte Stein de talenten van Madonna en punk- en new wave-bands als de Ramones en Talking Heads. Hij vertelt graag over zijn gloriejaren. Noem een bandnaam en er komt een verhaal.

Hier volgen er er drie.

Eurosonic Noorderslag

Popmanifestatie Eurosonic Noorderslag beheerst deze week (11 t/m 14/1) Groningen. Eurosonic is daarbij het zogeheten showcasefestival (woensdag tot en met zaterdag), waarbij honderden jonge en vernieuwende bands uit binnen- en buitenland hun muziek laten horen. Het eendaagse festival Noorderslag, op zaterdag, is vooral een Nederlands popfeestje. Dan wordt ook de Nederlandse Popprijs uitgereikt. Vandaag al wordt de Pop Media Prijs toegekend.

Focus

'Mijn eerste grote succes was in 1972 Hocus Pocus van Focus. Ik deed al jaren goede zaken met platenmaatschappij EMI in Londen. Die waren eigenaar van Capitol in de VS, maar Capitol begreep niks van nieuwe muziek, ze hadden ook al twee keer nee gezegd tegen The Beatles. Ik had goed contact met EMI en bracht wel muziek van hen uit. Dat zong rond bij andere EMI-vestigingen in Europa: in New York was er dat kleine Sire, dat zomaar Europese muziek uitbracht. Zo kreeg ik ook uit Nederland muziek toegestuurd. Van The Cats bijvoorbeeld. In 1969 raakte ik onder de indruk van een instrumentaal album van ene Jan Akkerman (Talent for Sale). Ik bellen, maar helaas, Jan was vertrokken bij EMI en richtte zich op een carrière met zijn band Focus.

'Ik nam meteen het vliegtuig en ging naar Carré, vlakbij het voor mij veel te dure Amstel Hotel. Geweldige muzikanten! En ik had ook al een producer in gedachten. Mike Vernon. Focus wilde, Mike niet. Die had een pesthekel aan fluitisten. Die weerzin had me een jaar eerder al een deal met Jethro Tull gekost.

'Ik zei: Mike, nu ga je doen wat ik je vraag. We namen met Focus twee albums op. Het eerste, Moving Waves, bevatte Hocus Pocus, dat na een aarzelend begin in 1973 niet van de radio was te slaan. Gitarist Jan Akkerman en fluitist Thijs van Leer konden totaal niet met elkaar overweg. Ik wist dat Focus geen lang leven beschoren was. Maar Hocus Pocus vind ik nog altijd magistraal. Het duikt nog overal op, vorig jaar nog in die verschrikkelijke tv-serie Vinyl op HBO.'

Focus in 1972. Beeld Getty Images

Punk en new wave

'Een serie als Vinyl maakt me boos, omdat de makers ervan niet begrijpen dat midden jaren zeventig in New York heel wat meer gebeurde dan coke snuiven. Een geweldige tijd was het, waarin muziek juist voorop stond.

'Grappig genoeg hadden de grote platenmaatschappijen niet door wat er onder hun neus gebeurden. De meest fantastische nieuwe bands doken op uit holen als CBGB's. Vooral voor de Ramones heb ik altijd een zwak gehad. Alle vier oorspronkelijke bandleden zijn dood, net als mijn toenmalige echtgenote, die een tijdje hun management deed. Triest, maar doorwerken bleek voor mij altijd de beste remedie. En muziek luisteren.

'Ik draai de Ramones nog veel. Ik word ook na veertig jaar van weinig dingen zo vrolijk als van een Ramonesliedje. Maar er was veel meer moois toen. Blondie, waar mijn ex-zakenpartner Richard Gottehrer en ik om streden - ik verloor - en Talking Heads. Een gouden periode voor de popmuziek.

'Uiteindelijk kregen ook de grote platenmaatschappijen hier het door. Ze zochten zich suf naar hun eigen Ramones of Blondie, maar vergaten opnieuw naar Engeland te kijken. Daar had net als in de jaren zestig een explosie aan geweldige nieuwe muziek plaatsgevonden. Ik zat begin jaren tachtig veel in Londen en wist hoeveel bands als Echo & The Bunnymen, The Smiths en Depeche Mode betekenden.

'Ik voorzag een nieuwe British Invasion, maar er was geen label in New York dat die bands contracteerde. Dus deed ik het maar. Geleidelijk kwam er een tweede Britse invasie: Duran Duran en Culture Club. Zo groot werden The Smiths in de Verenigde Staten niet, maar ze zijn ook nu nog altijd zeer invloedrijk. Als ik dan in Smiths-gitarist Johnny Marrs autobiografie lees hoe ik met hem hier in New York een gitaar ging kopen, voel ik iets van vaderlijke trots.

'Dat gitaren kopen deed ik trouwens ook met Brian Jones van The Rolling Stones en met David Byrne van Talking Heads. Het was mijn manier om bewondering te tonen.'

Madonna

'In 1982 lag ik in het ziekenhuis met een nare infectie. Een club-dj, Mark Kamins, kwam vaak langs. Hij wilde het gaan maken als producer. Hij had talent en ik gaf hem weleens wat mee om te remixen. Maar ik liet hem niet een van mijn artiesten produceren.

''Ga zelf maar talent ontdekken', zei ik, en gaf hem 18 duizend dollar voor zes nieuwe talenten. De eerste twee stelden niks voor. Maar toen kwam hij met Madonna's liedje Everybody. Ik wilde haar het liefst die avond al contracteren. Eerst maar even wassen, scheren en een schone pyjama aan, voordat ik haar aan mijn bed ontving. Ik zag meteen: dit wordt een wereldster, daar hoef ik niks aan te doen. Nooit zag ik iemand met zoveel talent en doorzettingsvermogen. Zonder mij was ze er ook gekomen. Dat ze aan mijn ziekenhuisbed bijna smeekte om een contract is een van de mooiste dingen die ik als platenbaas heb beleefd.'

Seymour Stein wordt 14/1, 13.30 uur, geïnterviewd op de Eurosonic Conferentie, Oosterpoort, Groningen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden