PLATEN: POP

Ministry imponeert..

minder met gaten

in de geluidsmuur

Ministry: Filth Pig. WEA 9362 45838 2.

Het vorige album van Ministry verscheen bijna vier jaar geleden. Al Jourgensen en Paul Barker hadden op deze plaat, Psalm 69: The Way to Succeed and The Way to Suck Eggs, een brug geslagen tussen de twee hardste stromingen in de rock. Spijkerharde metal en compomisloos beukende elektronische beats werden door de groep uit Chicago tot een bijna op zichzelf staand genre gesmeed. De uiterste consequentie van een ontwikkeling die in 1983 begon, toen de groep zich nog bezighield met onbeduidende synthi-pop. Op elke volgende plaat werd het geluid harder en gemener, maar Psalm 69 leek niet te overtreffen.

Filth Pig klinkt op het eerste gehoor vooral als een stap terug. Er zijn gaten geboord in de geluidsmuur, waardoor het gebrul van zanger Al Jourgensen soms potsierlijk overkomt. Als hij zich vergrijpt aan Dylan's Lay Lady Lay vraag je je af waar hij met zijn band naar toe wil. Filth Pig mist de overrompeling van de voorganger, al blijft het knap hoe Ministry door handig gebruik te maken van wat elektronika de platgetreden metal paden weet te mijden.

Lambchop: How I Quit Smoking. City Slang EFA 049692.

Knap: een dertienkoppige band die, aangevuld met vijf strijkers, een vederlicht geluid produceert. Lambchop komt uit Nashville en produceert op het tweede album een introvert, maar beklemmend geluid. Zanger, gitarist en componist Kurt Wagner schreef het ene na het andere droevige liedje en zijn begeleiders dompelen de songs onder in een lauw bad van akoestische gitaren, banjo's, klarinetten en strijkers. Het resultaat is een harmonisch klinkend album vol tijdloze pop.

Met landgenoten als Smog, Will Oldham's Palace en de Britse Tindersticks ontpopt ook Lambchop zich als een groep die intens melancholiek klinkt, maar de luisteraar tegelijkertijd een hart onder de riem weet te steken.

Tortoise: Millions Now Living Will Never Die. City Slang EFA 049692

Een van de opvallendste platen is het tweede album van Tortoise. Vijf gelouterde muzikanten uit de buurt van Chicago, van wie er een paar hun sporen verdienden in gitaarbands met een zekere cultstatus (Eleventh Dream Day, Slint). Het nieuwe album van Tortoise, geheel instrumentaal, is een spannende geluidscollage waarin veel stijlen zijn terug te vinden. Gitaarnoise vervloeit in atmosferische ambient klanken, terwijl loodzware dubs even makkelijk overgaan in lichte percussie.

Vervreemdend is vooral het ruim twintig minuten durende Djed. De band sleept de luisteraar mee op een muzikale reis waarin het Duitsland van de krautrock en het Amerika van Philip Glass worden bezocht. Nergens verliest Tortoise zich echter in gefreak. Millions Now Living Will Never Die is een avontuurlijke plaat die nieuwsgierig maakt naar de concerten in Nederland van Tortoise volgende maand.

The Bluetones: Expecting To Fly. Superior Quality Tone 2.

Marion: This World and Body. London Records 8286952.

Voor de Britse popmuziek was 1995 een goed jaar. Naast de successen voor Pulp, Blur en vooral Oasis, toonden ook enkele sterke debuten aan dat er wel degelijk sprake is van een serieus te nemen stroming genaamd Britpop. Dat veel beginnende bandjes zich door dit succes voelen aangespoord, lijdt geen twijfel. Te vrezen valt alleen dat de markt overspoeld zal worden met door platenmaatschappijen als Britpop-sensatie aangeprezen groepen.

De eerste twee dienden zich deze week al aan, The Bluetones en Marion. Hun debuutplaten zijn geen hoogvliegers. Marion heeft goed geluisterd naar U2 in haar begindagen en blijft, op een enkel aardig liedje als Sleep na, steken in epigonisme. The Bluetones klinken aanmerkelijk sympathieker, al blijven hun singles het best overeind. Slight Return en Bluetonic kunnen zich meten met de beste Stone Roses-songs, maar als geheel overtuigt het album niet. GK

Steve Wynn: Melting in The Dark. Brake Out. Out 124-2.

De Amerikaanse zanger-gitarist Steve Wynn verdeelt zijn tijd tussen zijn groep Gutterball en solo-projecten. Melting in The Dark valt in de laatste categorie, al verzamelde hij wel een complete band om zich heen, bestaande uit de muzikanten van Come, al jaren een van zijn favoriete bands. Het stevige gitaarwerk van Thalia Zedek en Chris Brokaw (die de spil van Come vormen) geeft Wynns songs eindelijk weer eens dat scherpe randje dat ze lang niet hebben gehad. De sound benadert die van het werk dat Wynn in de jaren tachtig opnam met zijn groep Dream Syndicate. Zedek en Brokaw zullen Wynn ook begeleiden tijdens zijn Nederlandse tournee, gepland voor begin april. GvV

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden