PLATEN: KLASSIEK

Beethoven, Missa Solemnis o.l.v. John Eliot Gardiner. Archiv 429 779...

Gardiner weet mis

van Beethoven

vitaal te houden

CD van de maand van Deutsche Grammophon en het sublabel Archiv is de opname van Beethovens Missa Solemnis onder leiding van John Eliot Gardiner. Het nieuwe eraan is niet de opname - die is uit 1989 - maar de naam van Gardiners orkest. Dat heette destijds The English Baroque Soloists. Op de herpersing staat het vermeld als Orchestre Révolutionnaire et Romantique.

Dat is de naam die Gardiner tegenwoordig op zijn spelers van toepassing acht wanneer hij Beethoven of Berlioz dirigeert - zoals bij de uitvoeringen van Leonore en de Missa Solemnis, deze week in het Holland Festival.

'Révolutionnaire et Romantique' klinkt Micky Mouse-achtig, maar de marketing-technische reden van de wederdoop laat zich raden (die moest bij het Beethoven-platenpubliek elk wantrouwen jegens period performance de kop indrukken). En het is duidelijk dat Gardiner, als het om Beethoven gaat, de rollende r's graag sterk accentueert.

Beethoven stond onder invloed van de idealen van de Franse Revolutie. Hij liet dat ook muzikaal doorschemeren - zoals steeds duidelijker wordt, nu de oeuvres van Parijse componisten als Méhul, Gossec, Cherubini en Rouget de Lisle (de componist van de Marseillaise) musicologisch zijn doorgespit. Motieven in de symfonieën van Beethoven (zoals de opening van de Vijfde) blijken ontleend aan muziek die de Franse republiek propagandistisch kracht bijzette. En dragen volgens Gardiner een vergelijkbare - voor de Wener Beethoven destijds niet ongevaarlijke - politieke boodschap.

Gardiner heeft zijn credo onderstreept in zijn plaatuitvoering van de negen symfonieën. Snelle tempi, en zodra Beethoven in zijn thema's of instrumentatie iets assertiefs naar voren brengt, krijgt het bij Gardiner een militante klank. Dat werkt enerverend. Maar Gardiners jacht op het patsboem en rommeldebom heeft over het geheel genomen ook iets irritants, alsof een oeuvre naar één gedachte wordt toegedirigeerd (zoals sommige vernieuwende kappers maar één model knippen).

Revolutionair - en ook na zeven jaar nog wel een beetje nieuw - is in ieder geval de opname van het monumentaalst bedoelde (en stilistisch meest tegenstrijdige) werkstuk uit Beethovens late scheppingsperiode, de Missa Solemnis. Met zijn kleine keurtroep - OR+R, Monteverdi Choir en solisten - sluit Gardiner zich aan bij het vitalisme dat Beethovens kunst ook in deze monsterzetting van de mistekst ademt.

Het leidt soms tot karikaturale gewaarwordingen. Er is nogal wat upheaval, en zelfs in het Qui tollis lijken de dames namens het Lam Gods op weg naar de barricaden. Maar de spiritualiteit die Beethoven heeft neergelegd in zijn meest bezonken episodes, staat hierdoor in een extra helder licht. De solisten zijn uitstekend; ook Charlotte Margiono, die gisteren in het Concertgebouw niet mee kon doen.

Méhul, Stratonice, o.l.v. William Christie. Erato 0630-12714.

Het toeval wil dat een van Beethovens verborgen Parijse inspiratoren de aandacht heeft weten te trekken van de oude-muziekspecialist William Christie. Het is Etienne-Nicolas Méhul, een componist die tot de coryfeeën hoorde van de nieuwe Franse republiek, en later een curieuze vriendschap onderhield met Napoleon.

Christie heeft Méhuls opera-eenakter Stratonice onder het stof vandaan gehaald. Geen revolutionair propagandawerk, maar een komedie die en passant laat blijken hoe toondichters van de Revolutie op hun beurt onder invloed stonden van Gluck en Haydn, van oudere Parijzenaars als Monsigny en de schaker-componist Philidor, en (nog een beetje) de opera seria. Als er voortvarendheid doorklinkt in Stratonice, is die niet militanter dan die in Glucks Iphigénie en Tauride of Mozarts Figaro.

Het neemt niet weg dat de excursie van Christie, een herontdekker van de barok, naar het muzikaal nog slecht in kaart gebrachte Parijs van de jaren 1790, een fascinerend souvenir heeft opgeleverd. Een produktie waarvan overigens de helft kan worden weggetoetst. De gesproken dialogen, essentieel voor de Opéra Comique, zijn niet van grote poëtische waarde, en kunnen beter worden gelezen dan beluisterd.

Stratonice is een 'comédie héroïque' met quasi-klassieke, uit marmer samengestelde karakters. Interessant is niet de plot (Antiochos is ziek van liefde voor Stratonice, de verloofde van zijn vader; een dokter weet raad), maar wel de muzikale lay-out, bestaande uit een ouverture en acht gezongen nummers.

De melodiek is effectief, wordt ondersteund door simpele maar doeltreffende modulaties, en is voorzien van geraffineerde pastelkleurtjes in het orkest. Dat de latere Berlioz zo'n bewondering had voor Méhul, is begrijpelijk. Dat de aria Ah! gardez vos trésors een eeuwlang een highlight is gebleven onder Franse tenoren is ook duidelijk. Christie, zijn ensembles Cappella en Corona Coloniensis en zijn solisten, onder wie de tenor Yann Beuron, hebben het in ieder geval begrepen. RdB

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden