PLATEN: JAZZ

hoezo veelbelovend..

Marcus Printup (28)

jong trompettalent?

Marcus Printup: Song For The Beautiful Woman. Blue Note CDP 7243 8 30790 2 5.

Eric Reed: The Swing and I. MoJazz 530 468-2.

Elke zichzelf respecterende jazzplatenmaatschappij behoort tegenwoordig zijn eigen jonge trompetgod onder contract te hebben. Columbia pronkt met de vader aller jazzwonderkinderen, Wynton Marsalis, en heeft bovendien Terence Blanchard achter de hand. Verve contracteerde achtereenvolgens Roy Hargrove en Nicholas Payton. Blue Note komt daar een beetje achteraan met Marcus Printup, die in december vorig jaar zijn debuut-cd Song For The Beautiful Woman opnam.

Printup's spel houdt ontegenzeggelijk een belofte in. Hij beschikt over een ouderwets vette, glanzende toon, zijn articulatie is onberispelijk, de statige allure van zijn solo-opbouw herinnert soms aan Clifford Brown en Fats Navarro, en blijkens zijn geavanceerd gebruik van harmonieën heeft hij ook met vrucht naar Booker Little geluisterd.

Tenorsaxofonist Walter Blanding, die in zes van de negen stukken meespeelt, klinkt minder opvallend, maar de oplettende ritmesectie met pianist Eric Reed en drummer Brian Blade heeft een stevig aandeel in het succes van deze vertolkingen.

Er blijft één ongemakkelijke vraag over. Marcus Printup maakt zijn debuut als 28-jarige, een leeftijd die zijn drie grote voorbeelden Fats Navarro (1923-1950), Clifford Brown (1930-1956) en Booker Little (1938-1961) niet eens hebben bereikt. Dus hoezo veelbelovend jong trompettalent?

Eric Reed is op zijn 24ste al aan zijn derde cd onder eigen naam toe. The Swing and I, in augustus 1994 te Los Angeles opgenomen, bewijst dat de pianist zich net zo goed thuisvoelt in de stijl van Wynton Kelly als in die van McCoy Tyner of Ahmad Jamal. In een recent interview bracht hij de paradoxale positie van zijn jazzgeneratie helder onder woorden: 'Laten we het maar onder ogen zien, in feite leren wij de muziek grotendeels van platen. Dat is ons contact met de geschiedenis. Wij hebben Coltrane nooit gezien en Art Tatum ook niet. Dat hebben we gemist.'

Ondanks die indirecte overdracht biedt Eric Reed een intrigerende reeks trio-vertolkingen, met kundige begeleiding van drummer Greg Hutchinson en afwisselend de bassisten Rodney Whitaker en Ben Wolfe. Raadselachtig is alleen de produktie, waarvoor Wynton's jongere broer Delfeayo Marsalis tekent. Wat is de functie van de vier muzikale fragmenten die variëren van 28 seconden tot krap anderhalve minuut? En waarom duikt tegen het eind in één nummer plotseling de excessief vibrerende baritonzang van Eddie Bailey op?

T.S. Monk: The Charm. Blue Note CDP 0777 7 89575 2 2.

Een merkwaardige verschijning op het jazztoneel is T.S. Monk, de zoon van de in 1982 overleden Thelonious Monk. Als drummer stijgt hij niet uit boven de middelmaat, maar op grond van zijn familienaam mag hij nu al een paar jaar platen maken voor Blue Note.

Zijn sextet, opgebouwd uit Newyorkse doorsnee-muzikanten, staat onder muzikale leiding van trompettist-arrangeur Don Sickler, die in de jaren tachtig bekendheid verwierf als oprichter van Dameronia. Ook die groep, met drummer Philly Joe Jones, trachtte voort te bouwen op de postume reputatie van een bebop-grootheid, componist Tadd Dameron.

Maar waar Dameronia grote artistieke triomfen vierde, blijft de band van T.S. Monk steken in hard bop-sjablones en niet erg inspirerende soli, waarbij pianist Ronnie Mathews nog het best voor de dag komt. Dat de musici, de drummer voorop, weinig hebben begrepen van het erfdeel van hun naamgever, wordt pijnlijk duidelijk uit de bleke vertolking van Thelonious Monk's Bolivar Blues. BV

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden