Plasterk wil dat lokale SP-politici hun salaris rechtstreeks krijgen - en niet meer via de partijkas

Roemer: 'Bizarre prioriteiten'

Gemeenten en provincies moeten vergoedingen aan politici rechtstreeks overmaken op hun persoonlijke bankrekening en niet op de rekening van hun partij. Dit schrijft minister Plasterk van Binnenlandse Zaken in een brief aan lokale overheden. De minister richt zich in de brief specifiek op de afdrachtregeling van de SP.

Emile Roemer Foto anp

SP'ers die namens hun partij een politieke functie uitoefenen, zijn volgens de partijregels verplicht hun vergoeding eerst af te staan. De SP betaalt vervolgens een vast (lager) bedrag aan hun volksvertegenwoordigers. De afdrachtregeling maakt dat de SP altijd over een goed gevulde campagnekas beschikt.

Lokale SP'ers vragen de gemeente of de provincie daarom om hun vergoeding rechtstreeks op de partijrekening te storten. Maar Plasterk roept lokale overheden nu dus op daar geen gehoor meer aan te geven. Hij schrijft: 'Het ligt in de rede dat de gemeente of provincie de vergoeding aan het raads- of Statenlid overmaakt op zijn of haar persoonlijke bankrekeningnummer en niet op het rekeningnummer van de politieke partij.'

De minister onderstreept zijn punt met een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland uit februari. Een SP-raadslid in de gemeente Noordoostpolder eiste dat de gemeente haar raadsvergoeding op de landelijke SP-rekening zou storten. De rechter oordeelde dat de gemeente hiertoe niet verplicht was.

'Als een volksvertegenwoordiger een vergoeding niet meer van de overheid maar van een politieke partij ontvangt, wordt diegene daarmee financieel afhankelijk van de partij', stelde de rechtbank. Een volksvertegenwoordiger moet echter 'zonder last of ruggespraak' kunnen functioneren. Door geld te betalen aan de partij in plaats van de politicus, kan de onafhankelijkheid van het raadslid in gevaar komen, luidde het oordeel.

Plasterk heeft al overleg gehad met de vertegenwoordigende organen van gemeenten en provincies, de VNG en het IPO. Ook deze instanties vinden dat hun leden de vergoedingen rechtstreeks aan bestuurders en volksvertegenwoordigers moeten uitkeren.

Thijs Coppus, penningmeester van de SP, vindt de actie van Plasterk een 'politieke pesterij'. Hij schrijft op Facebook: 'Blijkbaar maakt het feit dat onze mensen het niet voor het geld doen en dat onze partij het van belang vindt om niet alleen afhankelijk te zijn van subsidie (...), de gevestigde orde zo bang dat alles uit de kast wordt gehaald om onze solidariteitsregeling te verbieden.'

De SP is met lokale afdelingen in overleg over het aanspannen van nieuwe rechtszaken, laat Coppus weten. Hij kan nog niet zeggen om welke gemeenten het gaat. Die ene zaak in Noordoostpolder geldt volgens hem niet als jurisprudentie voor heel Nederland. Hij benadrukt dat de SP-leden gezamenlijk hebben ingestemd met de afdrachtregeling en dat 95 procent van de volksvertegenwoordigers zich eraan houdt.

Plasterk kan SP'ers niet verbieden een deel van hun loon af te staan aan de partij, schrijft hij in zijn brief. 'Het raads- of Statenlid zelf mag vervolgens (een deel) van de vergoeding afdragen aan een politieke partij.' Coppus legt uit dat de SP om praktische redenen heeft afgesproken dat alle vergoedingen rechtstreeks op de partijrekening worden gestort. 'Onze raadsleden en Statenleden zitten er niet op te wachten. Dat ze het op hun rekening krijgen gestort en dan weer door moeten storten.

Fractievoorzitter in de Tweede Kamer Emile Roemer beticht Plasterk ervan zijn prioriteiten niet op orde te hebben. 'Plasterk was zo druk met zijn politieke pesterij dat hij de aanpak van topsalarissen in de publieke sector niet naar de Kamer kon sturen.' Binnenkort spreekt Plasterk ook met de Eerste en Tweede Kamer over de afdrachtregeling van de SP.

Per volksvertegenwoordiger verschilt de afdracht. Raadsleden houden 25 tot 50 procent van hun vergoeding over. Kamerleden krijgen van de partij netto 2750 euro per maand, tegenover de circa 7.700 euro bruto die andere Kamerleden van de overheid krijgen.