PKK breidt activiteiten steeds verder uit

De bomaanslag in Kusadasi is niet opgeëist, maar de verdenking viel meteen op de Koerdische PKK, die sinds vorig jaar haar activiteiten steeds verder uitbreidt....

Sinds de Turkse autoriteiten begin 1999 onder nooit geheel opgehelderde omstandigheden PKK-leider Abdullah Öcalan in handen kregen in Kenia, nam het geweld in Zuidoost-Turkije zienderogen af, vooral na zijn oproep de wapens neer te leggen. Die oproep werd in 2000 overgenomen door het congres van de partij ergens in Noord-Irak.

De nietsontziende oorlog die vanaf 1984 woedde tussen de Turkse strijdkrachten en militante leden van de PKK (Partiya Karkerên Kurdistan, oftewel Koerdische Arbeiderspartij) kostte aan 35 duizend personen – veelal Koerden – het leven. De Turkse strijdkrachten ontruimden en verwoestten ruim drieduizend dorpen, in de valse hoop daarmee de steun voor de PKK te beëindigen.

Direct na Öcalans gevangenneming kondigde de toenmalige premier Bülent Ecevit aan dat de regering een groots wederopbouwproject voor het Zuidoosten zou opzetten. Het bleef echter bij mooie woorden: in november 2002 verklaarde de burgemeester van Zuidoost-Turkijes grootste stad Diyarbakir, Feridun Celik, tegenover de Volkskrant dat hij nog nooit een cent uit Ankara had mogen ontvangen voor wederopbouw.

Ook particuliere investeerders meden het verpauperde Zuidoosten als de duivel wijwater. Een laagopgeleide, deels analfabete bevolking, een primitieve infrastructuur waaraan de oorlog ook al geen goed aan had gedaan.

Na het eenzijdig uitgeroepen bestand bleef het redelijk rustig in het gebied, zij het dat een militante vleugel van de PKK verklaarde zich niets aan te trekken van de oproep van het PKK-congres of de gevangen zittende Öcalan. Zo af en toe manifesteerde deze groep zich met een bomaanslag. Veelal bleef de schade beperkt en doden vielen er zelden.

Na de Amerikaanse invasie van Irak is het geweld van PKK-zijde steeds verder toegenomen. Tot ergernis van de Turken houden de Amerikanen zich in Noord-Irak afzijdig, wat de militairen verleidde tot acties in Noord-Irak. De laatste maanden is het drie, vier keer per week raak: de PKK-strijders voeren steeds brutalere acties uit. De acties in het zuidoosten eisen de levens van veel militairen en politiemensen. Maar de acties lijken zich te verplaatsen naar het toeristische zuiden.

In april dit jaar was er een bomaanslag in Kusadasi, waarbij een politieman omkwam. Vorige week zondag ontplofte een bom in de badplaats Cesme, waarbij twintig gewonden vielen en zaterdag vielen in Kusadasi vijf doden. Het is duidelijk dat de acties zijn gericht om het toerisme te treffen, een van de grootste bronnen van inkomsten voor Turkije. Vijf jaar geleden waren de Turkse badplaatsen ook al het doelwit van de PKK, en met succes. Toen bleven de stranden geruime tijd leeg.

Turkije heeft altijd een keur aan extremistische groepen en groepjes gehad die het geweld niet schuwen. Het betreft een bont palet van maoïstische clubjes tot het streng marxistische Revolutionaire Volksbevrijdingsfront DHKP/C, van de Turkse Hizbollah tot de PKK. Daarnaast zijn er moslimfundamentalistische splintergroeperingen als de IKBA/C.

De eerdere aanslagen in Kusadasi en die in Cesme zijn opgeëist door de TAK, de Koerdische Bevrijdings Haviken. TAK wordt beschouwd als een vleugel van de PKK. Als TAK met terreuracties kan bewerkstelligen dat buitenlandse toeristen de Turkse stranden gaan mijden, dan heeft premier Erdogan er een hoofdpijndossier van formaat bij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden