Pijnlijk servies en een fraaie kotsbak

Prettig is een perfect vormgegeven schaal met eten op tafel. Akelig is een perfect vormgegeven schaal op tafel die is bedoeld als kotsbak in tijden van overvloed, met een opstaande rand tegen de spetters....

Die omslag van comfortabel naar ongemakkelijk is kenmerkend voor de tentoonstelling Lekker decadent! waarmee het verbouwde keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden een nieuwe koers kiest. De Princessehof was voorheen vooral een degelijk en traditioneel museum dat hoogwaardige gebruikskeramiek liet zien. Op deze expositie ontstijgt de keramiek het gedecoreerde gebruiksvoorwerp, vrijwel al het tentoongestelde serviesgoed is louter te zien als kunst.

Werk van tientallen kunstenaars en vormgevers, nationaal en internationaal, toonaangevend en net beginnend, is hier bijeen gebracht. Van Marlene Dumas staat er een bord met een zelfportret waarop Dumas het teveel aan eten weer uitkotst, naast een schaal die hongerend Afrika verbeeldt: de overvloed van weinigen steekt schrijnend af tegen het tekort van velen.

Borek Sipek leverde een krullerige theepot met aan de onderkant speelse gaatjes: het ding kan geen druppel vocht vasthouden. Hella Jongerius maakte porseleinen borden, geborduurd met grove katoen: het eten druipt door de borduurgaatjes van het bord op tafel. Joris Laarman is de nieuwe Nederlandse ster op het gebied van design. Zijn werk heeft een hang naar het barokke. Van hem is de fraai vormgegeven kotsbak. Erbij hoort een spatel, die in de keel gestoken het braken opwekt.

Dat objecten met een heel verschillend soort overdadigheid allemaal vallen onder de noemer decadent, wordt benadrukt door de opsplitsing van de tentoonstelling in categorieen als 'extreem', 'macaber', 'overdadig', 'kritisch'. 'Extreem' is een effen Delftsblauw bord van Bas Warmoeskerke, student aan de Eindhovense Design Academy. De rand van het bord is een in sierlijke krullen uitgevoerd gootje, waaruit een lange lijn coca moet worden opgesnoven.

'Overdadige decadentie' staat voor een deel van de vormgevers voor seks. Marcel Wanders maakte een groot bord met op de ene helft een Delftsblauw bloemetje waaruit een grote fallus oprijst, en op de andere helft een vrijend koppel. Leopold Foulem, Rob Brandt en Hans van Benthem decoreren schalen met vagina's en vrouwen-anussen waarin penissen steken.

Onder de noemer 'overdadige decadentie' valt ook het werk van de geniale Amerikaans/Japanse Joan Takayama Ogawa. Ze tart de grenzen van wat met keramiek technisch mogelijk is. Probleem aan keramiek is namelijk dat fragiele decoraties tijdens het grof stoffelijke productiesproces vaak sneuvelen. Takayama Ogawa maakt weelderige, technisch perfecte theepotten in de vorm van kitscherige handtasjes, met als decoratie bijna losliggende bloemblaadjes en gouden rupsjes. Het is een raadsel hoe zoiets delicaats gemaakt kan worden.

'Macaber' leidt per definitie tot pijnlijke kunst. De Hongaar Laszlo Fekete decoreert een soepterrine met een stapeling van spierwitte olifantjes met afgesneden slurfjes in bloederig rood. De Nederlandse Pauline Wiertz maakt afgehakte kippenpootjes van glanzend porselein, en laat ze uitmonden in een hol kopje. De Amerikaan David Regan brengt een soepterrine in de vorm van dooie vissen die de giftige kwik uit de bek loopt.

Wat de noemer ook is , geen van de categorieleidt tot kunst die weldadig kietelt, bijna alles is ongemakkelijk of confronterend. Daarmee staat deze keramiek haaks op het gebruikelijke gezellige serviesgoed. Het resultaat is prikkelend, zet aan het denken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden