Pessimisme over repatriëring neemt toe

Frustratie bij de hulpverleners in Donetsk: zij kunnen hun werk niet doen. Tegelijkertijd temperen hun bazen de hoop in de Tweede Kamer.

AMSTERDAM/DEN HAAG - Nabestaanden moeten er rekening mee houden dat niet alle menselijke resten en persoonlijke bezittingen van slachtoffers van de vliegramp op 17 juli terug komen naar Nederland. Ook vandaag is het maar de vraag of hulpverleners de rampplek veilig kunnen bereiken. De afgelopen twee dagen was dit niet het geval wegens aanhoudende beschietingen tussen Oekraïeners en pro-Russische separatisten.


Dit blijkt uit een informatiebijeenkomst maandag tussen experts en Tweede Kamerleden. 'We zouden graag de garantie willen geven dat alle menselijke resten en bezittingen terugkomen naar Nederland, maar die kans is niet heel groot', zei korpschef Gerard Bouman van de Nationale Politie. 'Nabestaanden vragen zich af: is mijn geliefde terug in Nederland? Ik kan dat niet met zekerheid zeggen.' Familierechercheurs hebben dit volgens de politiechef al besproken met nabestaanden.


De repatriëringsmissie eindigt vooralsnog op 17 augustus, exact een maand na de vliegramp. Daarna verloopt de toestemming die Nederland heeft van Oekraïners en rebellen om verder te zoeken in het rampgebied. Het is maar zeer de vraag of het kabinet daarna aanstuurt op meer tijd.


Veiligheidsdeskundigen stellen dat in de eerste twee of drie weken na een vliegramp de meeste kans bestaat op het vinden van stoffelijke overschotten en aanwijzingen over de oorzaak. 'Daarna neemt de kans af', zegt Commandant der Strijdkrachten, Tom Middendorp. De eerste periode zijn strijdende partijen rondom de rampplek bovendien nog genegen om hulpverleners toe te laten, 'maar daarna gaan ze weer denken aan hun eigenbelang', aldus Middendorp.


Rondom de rampplek woedt momenteel een burgeroorlog, wat het bergingswerk bemoeilijkt. De Oekraïense president Petro Porosjenko heeft maandagmiddag aan minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken) beloofd om niet meer in de buurt van het rampgebied te vechten. Die ochtend werd het staakt-het-vuren echter nog geschonden, onduidelijk is door wie. Nederland heeft sinds vorige week donderdag een afspraak met rebellen dat 63 ongewapende hulpverleners het gebied in mogen.


Timmermans zegt 'teleurgesteld' te zijn dat het de onderzoekers zondag en maandag niet is gelukt om de rampplek te bereiken. Maar hij zal nooit druk uitoefenen om toch te gaan: 'Ze mogen geen onnodige risico's lopen.' Regeringspartijen VVD en PvdA willen nog niet vooruitlopen op een mogelijke verlenging van de repatriëringsmissie en hopen dat de veiligheids-situatie snel verbetert zodat hulpverleners alsnog hun werk kunnen doen.


SP-Kamerlid Jasper van Dijk vindt 'verlenging een optie als de komende weken niets opleveren'. D66-Kamerlid Sjoerd Sjoerdsma: 'De strategie van het kabinet - een ongewapende repatriëringsmissie - is net begonnen. Ik hoop, misschien tegen beter weten in, dat men de komende dagen wel bij de rampplek kan komen.'


CDA'er Pieter Omtzigt wil graag weten 'hoeveel slachtoffers nog geborgen moeten worden. Volgens politiechef Bouman is dat niet te zeggen. In de lijkzakken die naar Nederland zijn overgebracht zitten lichaamsdelen die deels zijn verbrand of zwaar zijn beschadigd. 'Om hoeveel mensen het allemaal gaat, is daardoor niet exact te zeggen.'


Nederland en Oekraïne hebben maandag een principe-akkoord bereikt over de mogelijke bewapening van zevenhonderd mensen om hulpverleners op de rampplek te beschermen. Volgens Timmermans is het 'zeer onwaarschijnlijk' dat dit doorgaat. Het kabinet wil voorkomen dat Nederlandse militairen verzeild raken in het gewapende conflict in Oekraïne.

Sancties

Bronnen rond de Franse en Amerikaanse regering meldden maandagavond dat de Verenigde Staten en vier Europese landen nieuwe economische sancties willen tegen Rusland. Het verlangen naar zwaardere sancties komt voort uit teleurstelling over de geringe inspanningen van het Kremlin om de separatisten in Oost-Oekraïne te bewegen tot onderhandelingen met de regering in Kiev.


Maandag telefoneerde President Obama met de regeringsleiders van Frankrijk, Duitsland, Engeland en Italië. De gesprekken vonden plaats voorafgaand aan een bijeenkomst van alle Europese ministers van Buitenlandse Zaken, vandaag in Brussel.


Voor de hand liggende sancties zijn het sluiten van de Europese kapitaalmarkt voor Russische staatsbanken, een verbod op wapenhandel met Rusland en restricties aan de handel in technologie. Tony Blinken, veiligheidsadviseur van Obama, zei maandag dat de eerder genomen economische maatregelen succesvol blijken.


Veel Europese regeringsleiders zijn na de vliegtuigramp uitgesprokener in hun kritiek op Rusland dan daarvoor. Duitsland stelde zich vanwege zijn grote handelsbelang in Rusland lange tijd gematigd op, maar de vliegramp betekende een ommekeer. Maandag waarschuwde Merkel dat een 'sterk signaal richting Moskou' nodig is. De Britse premier Cameron schreef een artikel in de Sunday Times dat Europa 'te weinig tegen Rusland doet.' De Britse regering schrapte maandag het voor 2015 geplande Ruslandjaar.


De Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergei Lavrov, sloeg terug met diplomatieke spierballentaal, dreigend dat economische sancties tegen Rusland alleen maar een stimulans betekenen voor de economische onafhankelijkheid van zijn land.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.