Peking gegijzeld door angst voor instabiliteit

China's nieuwe leider klinkt daadkrachtig, maar aannemelijk is dat ook hij zal stuklopen op de macht van de 'Big Business'.

Na een rimpelloos verlopen partijcongres weten 1,3 miljard Chinezen wie hun hoogste leiders voor de komende vijf tot tien jaar zijn. Gaat er op politiek en economisch vlak iets wezenlijk veranderen?

Ja, als we de nieuwe hoogste man, Xi Jinping, op zijn woord moeten geloven. In zijn aanvaardingsspeech somde hij urgente problemen op, zoals de partijcorruptie en de kloof tussen arm en rijk. Het volk verwacht dat die worden opgelost, zo zei hij.

Daar heeft hij gelijk in. Alleen werden diezelfde problemen in 2002, bij het aantreden van zijn voorgangers, ook al als urgent bestempeld. Dus is vooral de vraag of de Chinese Communistische Partij ditmaal wél de daad bij het woord kan voegen. De kwalen van de patiënt China zijn al jaren bekend, maar de toediening van effectieve medicijnen blijft uit.

De Chinese media toonden zich na afloop van het congres optimistisch over de te verwachten daadkracht. Xi Jinping bezit zichtbaar zelfvertrouwen. Maar er is ook reden voor pessimisme over de daadkracht van de nieuwe leiders. Hun voorgangers liepen bij economische hervormingen stuk op de 'gevestigde belangen' van de 'Big Business': het immense bankwezen (China telt enkele van de grootste banken ter wereld) en de grote staatsbedrijven zijn gebaat bij een status quo die voor hen zeer profijtelijk uitpakt. Hun macht is in de voorbije tien jaar alleen maar verder gegroeid.

Ook lokale en provinciale overheden houden graag vast aan de bestaande orde, inclusief het investeren in vastgoedprojecten waarmee nogal wat functionarissen schatrijk zijn geworden. Het wordt nog een heel gevecht om dit verzet te breken ten gunste van een duurzaam economisch model met meer bestedingsruimte voor het volk. Bovendien is het de vraag of de leiders dat wel willen aangaan. Tot de nieuwe top van zeven mannen behoren ten minste twee en volgens pessimisten zelfs vijf politici die wars zijn van hervormingen.

De eerste vraag is of Xi Jinping en zijn premier Li Keqiang - die tot het hervormerskamp wordt gerekend - hun collega's weten te overtuigen. Wordt die enorme hobbel genomen, dan wacht de strijd tegen de buitenwereld.

Op economische hervormingen bestaat dus slechts een kleine kans. Wezenlijke veranderingen op politiek vlak verwacht eigenlijk niemand. In zijn toespraak noemde Xi wel de sociaal-economische aspiraties van zijn volk, zoals een beter milieu en economische groei, maar van enige behoefte aan inspraak in het politieke proces maakte hij geen melding. Zijn partij houdt het erop dat het voldoende is de democratie in eigen gelederen te verbeteren.

Intellectuelen die het algemeen kiesrecht een warm hart toedragen, hopen dat daarvan een olievlekwerking kan uitgaan. Zij wijzen erop dat de partij met 82 miljoen leden evenveel inwoners telt als Duitsland. Wanneer die met democratie vertrouwd raken, kan zich dat verder verspreiden, aldus de tot 'Nieuw Links' behorende intellectueel Wang Hui.

De gedachte is sympathiek, maar lijkt toch vooral ingegeven door wensdenken. De nieuwe leiders zitten op Wangs olievlekwerking helemaal niet te wachten, omdat die kan leiden tot hun grootste nachtmerrie: instabiliteit. Daar valt op grond van het Chinese verleden begrip voor op te brengen, maar voor hervormingen werkt die angst verlammend.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden