Pechtold, maak belofte uit 1966 nu eens waar

Nu ons kiesstelsel niet langer een stabiel landsbestuur garandeert, moet de grondwet op de helling.

Alexander Pechtold zit nog net niet zelf in de regering. Maar veel scheelt het niet. De man die vorig jaar zijn partij aan een bescheiden winst hielp - D66 kwam op 12 zetels - werd bij de formatie van Rutte II buiten de deur gehouden. Maar die arrogantie wordt duur betaald: de coalitie blijkt al bij zijn eerste begroting te smal.


Pechtold weet dat hij nodig is om nog iets wat op regeren lijkt, in werking te zetten. Hij heeft vorige week een beetje z'n zin gekregen: wat extra geld voor onderwijs, iets minder lastenverzwaring en iets meer tempo bij het hervormen van de arbeidsmarkt.


Maar er had voor D66 meer ingezeten, namelijk het opnieuw agenderen van wat de bestaansreden van de partij is: democratisering van het vastgelopen politieke bestel.


De verkiezingsuitslag houdt in Nederland geen enkel verband meer met de uitkomst van de kabinetsformatie, zodat de kiezers zich totaal niet met hun nieuwe regering identificeren. Daarom bedacht D66 hervormingen als een districtenstelsel, een gekozen premier en referenda. Die agenda werd opgepikt door de populisten, maar toen de kiezers in 2005 niet de gewenste keuze maakten bij het referendum over de Europese grondwet, was de animo voor staatsrechtelijke hervormingen in Den Haag tot het nulpunt gezakt.


Maar nu laait het debat over het gebrek aan stabiliteit, effectiviteit en legitimiteit van de huidige politieke constellatie opnieuw op. De kunstgrepen van de afgelopen jaren, zoals een akkoord sluiten met een onbetrouwbare gedoogpartner, een coalitie vormen met je tegenstander in de verkiezingscampagne en begrotingen maken met drie oppositiepartijen staan niet op zichzelf.


Op Prinsjesdag voorspelde premier Rutte zelfs dat we de komende twintig jaar zullen vastzitten aan minderheidskabinetten - hetzij in de Tweede Kamer, hetzij in de Eerste.


Met andere woorden: in ons versplinterde partijenlandschap leveren verkiezingen niet langer een mandaat op voor een stabiele coalitie. De populistische buitenstaanders (SP, PVV, Partij voor de Dieren) spinnen garen bij het gebrek aan legitimatie voor het regeringsbeleid. Bij Maurice de Hond zijn deze drie tegenpartijen goed voor 61 zetels; PvdA en VVD staan samen op 32.


Zo zijn de politieke partijen in het begin van de 21ste eeuw een bron van instabiliteit geworden. In principe zou daarin verandering kunnen komen door hergroepering van partijen in twee of drie grote formaties of door hervorming van het kiesstelsel met hetzelfde effect. Maar tot geen van beide opties bleek het partijwezen in staat - ondanks de pogingen van Alexander Pechtold zelf en zijn voorganger Thom de Graaf.


Hoe frustrerend dat ook was, het blijft merkwaardig dat juist D66 niet aanhaakt nu de tijd rijp lijkt voor, om het deftig te zeggen, een 'constitutioneel moment'. Nu ons kiesstelsel niet langer een stabiel, effectief en legitiem landsbestuur garandeert, moet de grondwet op de helling.


Dat is niet uniek voor Nederland, leert David Van Reybrouck ons in zijn inspirerende pamflet Tegen verkiezingen. Aan wat hij noemt 'het democratisch vermoeidheidssyndroom' lijden vele oudere parlementaire democratieën. De verbeeldingskracht van Van Reybrouck gaat zo ver dat hij vertegenwoordigende lichamen als de senaat door loting wil samenstellen, zoals in het antieke Athene.


Een interessante gedachte, die een Eerste Kamer zou opleveren van 38 vrouwen en 37 mannen, met uiteenlopende achtergronden en opleidingen, kortom een getrouwe afspiegeling van de bevolking. Deze volksvertegenwoordigers op basis van burgerdienstplicht wisselen elkaar snel af, en hoeven zich dus niet druk te maken om herverkiezing. Ze zullen dan ook meer bereid zijn tot een constructieve samenwerking dan de door permanente verkiezingskoorts bevangen Kamerleden van vandaag, veronderstelt Van Reybrouck.


Het is weer eens wat anders dan het afschaffen van de senaat, het invoeren van een kiesdrempel, een districtenstelsel, referenda of een gekozen premier - voorstellen die overigens nog steeds relevant zijn. In elk geval is de huidige toestand onhoudbaar en ligt er voor Alexander Pechtold een unieke kans om de belofte van Hans van Mierlo uit 1966 in te lossen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden