Paulus mikte op de heidenen

ALS DE APOSTEL Paulus een omschrijving had moeten geven van zijn werk, dan had hij allereerst gezegd: 'Apostel voor de heidenen in de eindtijd.' Want Paulus was ervan overtuigd dat hij het werk van Jezus voortzette....

HENK MULLER

Deze op het eerste gezicht onlogische redenering past echter in het wereldbeeld dat Paulus met andere joden in die tijd deelde. Paulus was theoloog, maar geen systematisch theoloog. Hij dacht eerder in beelden en metaforen dan in schema's. Volgens dat wereldbeeld zouden aan het einde der tijden heidenen de God van Israël vereren. Eerst zou God Israël als land herstellen. Maar tot het zover was, was Galilea nog een Romeinse provincie. Na het eerherstel van Israël zouden de heidenen God aanbidden op de berg Sion. Paulus zag voor zichzelf vooral een rol weggelegd in het tweede deel van het goddelijke plan en hij had haast.

De apostel Paulus verwachtte dat het einde der tijden nog tijdens zijn leven zou plaatsvinden. Paulus mikte op de heidenen. Als de heidenen naar Israël kwamen en Israëls God aanbaden, zou God komen. Paulus had al een hoop werk verricht. Hij had kerken gesticht in Klein-Azië, Macedonië en Griekenland en was van plan naar Spanje te reizen.

De apostel schreef een brief aan de Romeinen, terwijl hij wachtte op een schip naar Jeruzalem, waar hij aan de gemeente giften van zusterkerken zou brengen. In die brief betitelde hij zichzelf een aantal keren als apostel voor de heidenen. De rechtvaardiging door het geloof was volgens de apostel belangrijker dan het volgen van de letter van de Wet. Hij vroeg de gemeente in Rome voor hem te bidden, omdat zijn boodschap hem niet erg populair maakte onder de joden die vasthielden aan de Tora.

Eenmaal in Jeruzalem meenden joodse inwoners dat hij heidenen in de Tempel had gebracht. Het kwam tot een proces en Paulus werd als gevangene naar Rome gevoerd, waar hij twee jaar opgesloten zat. Waarschijnlijk is Paulus, die tot zijn bekering Saulus heette, ter dood gebracht tijdens de eerste christenvervolging in 64.

In de biografie Paulus, die begin volgende week verschijnt, beschrijft de Britse journalist A. Wilson nauwgezet de handel en wandel van Paulus. Hij schetst de Romeinse wereld waarin Paulus en andere christenen de dood vonden, omdat Nero een excuus nodig had voor de brand die, zo wilde het gerucht, hij zelf had gesticht. De christenen dienden, schrijft Tacitus, als brandende fakkels in de tuin van de Romeinse villa van de keizer. Wilson vertelt dat christenen in Nero's tijd een onbeduidend groepje waren dat, dankzij Nero, een plaats in de geschiedenis kreeg. Honderden jaren verder was het christendom dominant in het westen. Mensen noemen hun hond Nero en hun zoon Paulus, aldus Wilson.

Het is volgens hem aan Paulus te danken dat de niet-joodse wereld het christendom heeft geaccepteerd. Zoals Paulus ook het christendom van het jodendom heeft losgemaakt, aldus Wilson. Hij vindt dat niet alleen de brieven van Paulus de geest van de apostel ademen. Volgens hem zijn ook de vier evangeliën op alle mogelijke manieren door Paulus beïnvloed. Daarvoor heeft hij twee 'bewijzen'.

Jezus zag zichzelf als een messias, maar het idee dat zijn dood een zoenoffer zou zijn voor de zonden van mensen, was hem wezensvreemd. Wilson is ervan overtuigd dat dit beeld van Paulus afkomstig is. Helaas staat Wilson in deze visie ongeveer alleen. Jezus zag zichzelf als een profeet. Zijn dood en opstanding bezegelden een nieuw verbond en maakten nieuw leven voor alle mensen mogelijk. Dat Paulus de heidenen die boodschap bracht, is zijn verdienste. Maar het was Jezus die deze boodschap uitdroeg.

Wilson wijst in dit boek op de 'vreemde tegenstellingen' in de evangeliën: zijn tweede 'bewijs'. De Jezus die de evangelisten beschrijven, lijkt een gespleten persoonlijkheid. Aan de ene kant de vreedzame, vriendelijke man van de Bergrede. Aan de andere kant een man die de farizeeërs, zijn moeder en de autoriteiten van de Tempel beschimpt. Wilson stelt dat deze conflicten in werkelijkheid conflicten met Paulus zijn. Paulus heeft zijn visie opgedrongen en legt ze de evangelisten in de mond.

De conclusie is duidelijk: voor Wilson is Paulus de stichter van het christendom. Hij verdraaide de woorden van Jezus, die zichzelf niet als de stichter van een nieuwe religie zou hebben gezien. Wat overigens ook moeilijk kan, omdat Jezus net als Paulus de eindtijd verwachtte.

Het is Wilsons verdienste dat hij de levensgeschiedenis van Paulus nauwgezet vertelt. Af en toe leunt hij wel erg onkritisch op de bronnen, in hoofdzaak de brieven van Paulus en de Handelingen van de Apostelen. Maar net als in zijn voorgaande boek over Jezus maakt hij weer dezelfde fout. De auteur tracht op basis van teksten die een bepaald doel dienen - mensen het evangelie brengen - een historische beschouwing te reconstrueren. Daar is niets op tegen en in dit geval kan dat ook moeilijk anders. Maar net als het boek Jezus, dat hij zelfs een biografie noemde, ziet Wilson geen kans theologie van geschiedenis te scheiden. Hij snapt maar niet hoe het kan dat de boodschap van Jezus zo verdraaid in het Nieuwe Testament terecht is gekomen. In het boek over Jezus waren de evangelisten de boosdoeners. Paulus heeft het zicht op de historische Jezus weggenomen, schreef Wilson destijds al. In Paulus neemt hij zich voor dat uitvoerig te bewijzen.

Maar Wilson vertelt niets nieuws. Aan het begin van deze eeuw maakte de Duitse geleerde A. von Harnack furore met soortgelijke verwijten aan Paulus. De apostel zou de boodschap van de jood Jezus 'vergriekst' of beter 'gehelleniseerd' hebben om de goede boodschap van Jezus aanvaardbaar te maken voor de Grieks sprekende inwoners van het Romeinse rijk. De God van de joden werd een soort God van de filosofen. Paulus werkte met abstracte Griekse begrippen. Hoewel de auteur in het boek veel respect toont voor de denkkracht en energie van de apostel, begint hij op dit punt last van paranoia te krijgen.

Het is inmiddels gemeengoed dat de joodse wortels van de auteurs van het Nieuwe Testament, Paulus incluis, veel dieper gaan dan auteurs als Von Harnack en in diens voetspoor A. Wilson aannemen. Het boek zegt misschien minder over Paulus dan over Wilson. Het heeft iets therapeutisch. Wilson moest iets van zich afschrijven.

Als student theologie in Oxford haakte Wilson af omdat hij de theologische Jezus van de kerk niet kon verbinden met de Jezus die uit de studie van het Nieuwe Testament te voorschijn kwam. De 'Jezus van het geloof' en de 'echte' Jezus zijn voor hem diametraal verschillend. Hoewel Wilson is blijven lezen en studeren, heeft hij kennelijk nooit gemerkt dat de twee niet van elkaar zijn te scheiden. Voor wie iets van Jezus of Paulus en hun gedachtenwereld wil begrijpen, zijn er veel betere boeken voorhanden dan die van de eeuwige dilettant Wilson.

A.N. Wilson: Paulus - De geest van de apostel

Prometheus; 328 pagina's; ¿ 39,90.

ISBN 90 5333 566 8.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden