Opinie

Paul Brill:' Voor veel Brazilianen geldt tegenwoordig het welbekende: it's the economy, stupid'

Brazilië wordt dan wel vaak in één adem genoemd met bijvoorbeeld China, India en Rusland als het gaat om economische groei, maar het Latijs-Amerikaanse land staat er eigenlijk veel beter voor, schrijft Paul Brill.

Stakende veiligheidsmedewerkers in Rio de Janeiro, half maart. Beeld AFP

Het gebeurt wel vaker: je denkt je behoorlijk te hebben ingelezen over een stad of land waar je voor het eerst heen gaat, maar dan blijkt ter plaatse dat al die gedegen informatie over geschiedenis, economie en niet te missen bezienswaardigheden één even simpele als essentiële lacune bevat. Dat overkwam me weer eens op vakantie in Buenos Aires.

Ik was er geheel op voorbereid dat Argentijnen 'afwisselend lijden aan zelfoverschatting en neerslachtigheid' en dat ze een land bewonen waar 'de rokken tien centimeter korter zijn dan elders, maar aanraken niet mag', zoals ex-correspondente Ineke Holtwijk fraai beschrijft in Argentinië, het land van Máxima. Maar ik had er geen flauw idee van dat Buenos Aires een hondenstad is. Letterlijk: het lijkt wel of er evenveel vier- als tweevoeters zijn. In het grote stadspark, de Reserva Ecológica, langs de Rio de la Plata kun je zelfs groepjes honden tegenkomen die schijnbaar bij niemand horen.

Voorschriften voor het uitlaten van de hond bestaan niet of worden massaal overtreden. Geen enkele Argentijn loopt met een plastic zakje achter zijn geliefde huisdier aan. Het gevolg is een stad bezaaid met uitwerpselen, vooral in wijken die gelden als 'schilderachtig'. Buenos Aires wordt er niet minder monumentaal op, het is onmiskenbaar een stad met allure, die kan wedijveren met Parijs, Rome en Madrid. Maar al die hondenpoep versterkt wel de sfeer van verwaarlozing die ook wordt opgeroepen door het vele zwerfvuil en het slechte onderhoud van openbare gebouwen, zelfs in de achtertuin van het presidentieel paleis wordt het gras niet gemaaid.

Contrast
Een opvallend contrast met het grote buurland Brazilië, dat het scherpst tot uiting komt bij de beroemde watervallen van Iguazu op de grens van beide landen. Aan Braziliaanse kant ontbreekt de groezeligheid die je aan Argentijnse kant al snel tegenkomt wanneer je van de toeristische route afwijkt. Het verschil tussen een land dat economisch duidelijk in de lift zit, en een land dat nog altijd kampt met de gevolgen van de zware geldcrisis van het begin van de eeuw.

En dat is niet het enige verschil dat in het oog springt. In Argentinië waait de politiek je tegemoet. Op het Plaza de Mayo bezweren veteranen van de Falklandoorlog dat ze niet zullen rusten voordat op de Malvinas de Argentijnse vlag wappert. Wanneer president Cristina Kirchner plannen ontvouwt voor een nieuwe raad van cultuur, wordt haar bijna een uur durende toespraak door drie televisiezenders live uitgezonden. Gedurende een kleine drie weken Brazilië ben ik de beeltenis van president Dilma Rousseff precies één keer tegengekomen: op een krantenfoto van een ontmoeting met FIFA-baas Sepp Blatter, die het land bezocht om te zien hoe de voorbereidingen voor het WK voetbal van 2014 vorderen.

Daarmee is niet gezegd dat de Braziliaanse politiek een passieloze voorstelling is geworden (noch dat er geen armoede meer bestaat). Maar je krijgt sterk de indruk dat er niet meer zoveel aandacht is voor de politieke arena als vroeger. Voor veel Brazilianen geldt tegenwoordig het welbekende adagium: it's the economy, stupid. En die economie groeit als kool (zij het in 2011 wat minder dan in de voorgaande jaren). Waarbij in zakenkringen met een zekere berusting wordt aangetekend dat dit meer ondanks dan dankzij de politieke leiding van het land is gebeurd.

Is Brazilië daardoor beter of slechter af dan andere opkomende mogendheden? Van het BRIC-kwartet dat vaak wordt opgevoerd als nieuwe krachtbron van de wereldeconomie, timmert Brazilië het minst aan de weg. Maar eigenlijk steekt het in meerdere opzichten gunstig af bij R, I en C.

Democratie
In tegenstelling tot China en Rusland heeft de democratie er vaste voet aan de grond gekregen. De groeicijfers zijn niet zo spectaculair als die van China en India, maar Brazilië heeft onlangs wel Groot-Brittannië verdrongen van de zesde plaats op de lijst van grootste economieën en staat ruim voor op India en Rusland. Anders dan China, India en Rusland heeft het geen noemenswaardige territoriale conflicten of oplaaiende geschillen met naaste buren. De tijd dat Brazilië zich voegde naar de wensen van Washington is duidelijk voorbij, maar er wordt ook geen amechtig anti-amerikanisme bedreven. Toen de Iraanse president Mahmoud Ahmadinejad in januari zijn Latijns-Amerikatournee maakte, was hij niet welkom in Brasilia en moest hij het doen met de usual suspects: Venezuela, Ecuador, Cuba en Nicaragua.

Er heerst een politiek klimaat waarin gewone Brazilianen zich ook niet gedwongen voelen om van hun hart een moordkuil te maken. Zo weten ze wel waarom Argentinië zich weer druk maakt over de Malvinas. 'Dat gebeurt altijd als er economische problemen zijn.' En ze menen ook te weten waarom de Argentijnse economie kwakkelt. 'Omdat de Argentijnen een beetje lui zijn.' Geen toppunt van verfijnde analyse, maar verre te verkiezen boven de ronkende teksten die in vroeger tijden opgeld deden.

Paul Brill is buitenlandcommentator van de Volkskrant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.