Pats stelling

Altijd spelen met mensen die beter zijn dan jij, dat is de werkwijze van jazzgitarist Pat Metheny ( 59 ). Na een geslaagde samenwerking gaat hij direct door naar de volgende.Deze keer liep dat anders.

Gitarist Pat Metheny (59) raakt snel verveeld met de meeste muziek. En niet het minst bij die van hemzelf. Tientallen platen maakte hij met talloze muzikanten in diverse stijlen, maar niet één mocht er lijken op die eraan voorafging. Metheny wordt algemeen beschouwd als de beste, veelzijdigste jazzgitarist van zijn generatie. Akoestisch, elektrisch, van swing tot noise - zijn immense oeuvre bestrijkt alle genres. Hij werkte samen met de allergrootsten uit de jazz, van saxofoonlegende Ornette Coleman tot nieuwe pianoheld Brad Mehldau. Vaak bleef het bij eenmalige samenwerkingen, dan moest Metheny weer door naar nieuwe uitdagingen. Maar nu veranderde hij zijn gewoonte.


Voor zijn huidige band Unity wist hij saxofonist Chris Potter (1971) te strikken: 'Iemand die ik al lang volgde en die ik beschouw als een van de besten van zijn generatie.' Ze maakten in 2012 een plaat en gingen op tournee. Toen die eind dat jaar was afgesloten, zat Metheny zoals altijd vol plannen. Maar een vervolg op het met een Grammy en andere jazzprijzen gelauwerde Unity Band (2012) zat er niet bij.


Het liep anders. Zijn nieuwe album Kin (), dat een paar maanden geleden verscheen, maakte hij opnieuw met saxofonist Chris Potter, bassist Ben Williams en drummer Antonio Sanchez. De tournee was zo goed bevallen, dat Metheny niet anders kon. 'Normaal gesproken heb ik het na zo'n lange tijd wel gehoord. Dan zijn de mogelijkheden onderzocht en kunnen we elkaar muzikaal niks meer vertellen. Nu was dat anders. Voor het eerst dacht ik na iets van honderd optredens met die band: ik wil met hen door, we zijn nog lang niet klaar.'


Maar, zo vertelt Metheny aan de telefoon vanuit New York, er moest wel een nieuw element aan het concept worden toegevoegd. Iemand die het geluid kon verrijken. Dat werd multi-instrumentalist Giulio Carmassi.


Kin ( ) is een avontuurlijk album geworden, meer elektronisch ('een andere eis die ik aan onze nieuwe muziek stelde') met meer ruimte voor Metheny op elektrische gitaar. Potter en Metheny wisselen elkaar af met knap solowerk en het is Carmassi die de composities versiert en verluchtigt met zijn fabelachtige spel op liefst elf instrumenten en af en toe zelfs zijn stem gebruikt. Kin ( ) is daardoor toch een heel andere plaat geworden dan het eerste album met Unity, dat meer een standaard jazzkwartetplaat was.'


Voordat de Unity Group met Carmassi naar Europa komt, waar ze op 8 juni in het Utrechtse TivoliVredenburg te zien zullen zijn, hebben ze er in deze bezetting al een vijftigtal Amerikaanse shows opzitten. 'Nee, verveeld ben ik nog niet geraakt. Ik leer elke avond weer iets.'


En dat is voor Metheny belangrijk. 'Ik heb vaker betoogd dat je je als muzikant moet omringen met mensen die net iets beter zijn dan jij. Dan kom je tot de mooiste resultaten. Als ik Chris nu hoor spelen, voel ik eenzelfde bewondering en zelfs een gevoel van nederigheid als ik veertig jaar geleden had bij vibrafonist Gary Burton of dertig jaar geleden bij Ornette Coleman.'


Niet toevallig maakte hij met hen misschien ook wel zijn beste platen. Song X, dat Metheny in 1985 opnam met Coleman is een moderne jazz-klassieker. 'Ik hou van muzikanten met een persoonlijkheid en de drang alles net iets anders te doen. Ornette zocht steeds hetzelfde avontuur als ik, dat ging heel intuïtief. Als ik die plaat hoor, verbaas ik me nog steeds, omdat alles vanaf het begin met zo veel vuur en passie wordt gespeeld.'


Het was zo'n zeldzame samenwerking dat die van Metheny eigenlijk best een vervolg had mogen krijgen. Het kwam er domweg niet van.


Metheny: 'Tot op de dag van vandaag is er contact en ook goede wil, maar Ornettes gezondheid is niet best en eerlijk gezegd denk ik dat we destijds zo tot het uiterste zijn gegaan, dat alles alleen maar kan tegenvallen. Maar ik houd enorm van zijn spel.'


Metheny raakte op zijn 11de verslingerd aan jazz dankzij zijn oudere broer Mike, een begenadigd trompettist. Zelf koos hij voor een ander instrument; gitaar. 'Dat was heel vanzelfsprekend, het was 1966, 1967 en de gitaar was het symbool van een nieuwe tijd. Rock 'n' roll, Jimi Hendrix, noem het maar op. Dan ga je geen saxofoon of trompet spelen.'


Zo was hij naar eigen zeggen 'dubbel rebels'. Met gitaar zette hij zich af tegen zijn ouders en met zijn muzikale voorkeur tegen zijn vriendjes. 'Die Miles Davisplaten sloegen op me in als een honkbalknuppel. Dat was de muziek waar ik me in wilde begeven. Ik raakte verslingerd aan platen van gitarist Wes Montgomery, zo elegant en tegelijk gedurfd, en improviseerde liever dan dat ik naar de radio luisterde.'


Al zijn vrije tijd ging op aan het leren improviseren. Zijn talenten werden snel onderkend en hij kwam in contact met grootheden als gitarist Jim Hall en vibrafonist Gary Burton, met wie hij ook samenspeelde. 'Maar altijd is die onrust gebleven. Een gevoel van: oké, dit is leuk, maar er is meer te doen. De technische kant van een gitaar vond ik ook altijd aantrekkelijk. Niet alleen dat je met pedalen het geluid kon vervormen, dat deed iedereen al, ik wilde meer. Ik was als kind al een snoeren- en knoppenfetisjist. Zat altijd aan elektrokastjes te morrelen.'


Dat bleek een hobby die uiteindelijk zou leiden tot het bouwen van zijn eigen Orchestrion, een groot eenmansorkest waarvan alle delen worden aangestuurd door zijn gitaar.


Het hele muzikale universum van Metheny, zo geeft hij grif toe, draait om de gitaar. Maar dan hoort hij zijn zoon en die zegt doodleuk: 'Pa, alle muziek met een gitaar is zo 20ste eeuw.'


En misschien heeft hij wel gelijk ook, zegt Metheny lachend. 'Als ik nu 16 was, zat ik misschien ook de hele dag achter de computer harde beats te genereren en was Skrillex net zo belangrijk als Wes Montgomery destijds voor me was. Waar je als kind door wordt gegrepen in de muziek, daar kom je nooit meer vanaf.'


Pat Metheny Unity Group. TivoliVredenburg, 8/6

This Is Not America

Jazzgitarist Pat Metheny heeft geen hekel aan popmuziek, maar vindt er te weinig muzikale uitdaging in om zich er zelf mee bezig te houden. Toch leverde hij een belangrijke bijdrage aan wat voor David Bowie zijn grootste hit in Nederland zou zijn. Het liedje This Is Not America,


afkomstig van de soundtrack van The Falcon and the Snowman bezorgde Bowie en Metheny in 1985 een nummer-1-hit. Metheny: 'Ik herinner het me als leuk om te doen, maar meer ook niet. Het liedje is geen mijlpaal, eigenlijk ben jij de eerste in twintig jaar die erover begint.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden