Nieuwsoverbodige zorg

Patiënten kunnen écht met minder zorg toe, blijkt uit ervaringen in twee ziekenhuizen

Een arts doet zijn ronde in het ziekenhuis Bernhoven in Uden, terwijl een verpleegkundige de patiënt verzorgt.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Ziekenhuis Bernhoven in Uden en het Beatrix-ziekenhuis in Gorinchem gelden al jaren als pioniers in de strijd tegen ­­onnodig dure zorg. Nu is het ook bewezen. Bij minder behan­delen blijft de zorg op peil en lopen de patiënten niet weg. 

Een operatie bij een liesbreuk? Als een medisch specialist de tijd neemt om de voor- en nadelen te bespreken ziet een groot deel van de patiënten van de ingreep af. Een neustussenschotoperatie kan ook prima in de dagbehandeling, scheelt de patiënt weer een nacht van huis. En als medisch specialisten ingeroosterd worden om telefonisch te kunnen overleggen met de huisarts, blijkt dat een boel doorverwijzingen te kunnen voorkomen.

Zomaar wat van de initiatieven waarmee de ziekenhuizen Bernhoven uit Uden en het Beatrix-ziekenhuis uit Gorinchem de afgelopen jaren hebben geprobeerd overbodige zorg het ziekenhuis uit te kieperen. Dat is gelukt, concluderen nu het Centraal Planbureau (CPB), de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en IQ Healthcare, een onderzoeksafdeling van het Radboudumc, in liefst drie gezamenlijke rapporten.

Het Beatrixziekenhuis verleende 7 procent minder zorg dan vergelijkbare ziekenhuizen, Bernhoven zelfs 13 procent minder. ‘Waar andere ziekenhuizen zeggen niet minder zorg te kunnen leveren, omdat de zorgvraag door de vergrijzing alleen maar toeneemt, tonen deze ziekenhuizen aan dat het is gelukt het behandelvolume te laten dalen, al hebben de huisartsen een deel van de zorg opgevangen’, zegt Simone van Dulmen, de hoofdonderzoeker van IQ Healthcare. Daarbij bleef de kwaliteit van zorg op peil en weken patiënten niet uit naar andere ziekenhuizen, zoals werd gevreesd.

Langverwacht

Naar dit onderzoek is lang uitgezien, omdat de twee ziekenhuizen al jaren gelden als pioniers in de strijd tegen onzinnige (en dus onnodig dure) zorg. Er gaat geen congres voorbij of met name Bernhoven wordt op het podium gehesen om te vertellen hoe het óók kan. Zorgverzekeraars pochen met de resultaten en gebruiken die in onderhandelingen met andere ziekenhuizen om ze op de noodzaak van zinnige zorg te wijzen. De ervaringen in Bernhoven en het Beatrix leidden er mede toe dat alle ziekenhuizen vanaf 2022 niet meer mogen groeien in omzet, een afspraak tussen de overheid, zorgverzekeraars en ziekenhuizen. Maar onafhankelijk onderzoek moest nog vaststellen of die bevinden ook echt klopten. 

‘Ik verwacht’, zegt Ab Klink, bestuursvoorzitter a.i. van zorgverzekeraar VGZ en aanjager van het project, ‘dat politieke partijen de uitkomsten van dit cpb-rapport zeker meenemen in hun verkiezingsprogramma’s van volgend jaar.’ Hij ziet in het rapport een bevestiging van ‘de brede lijn in de maatschappij dat lang niet alle zorg nodig is’. Kijk maar naar corona, zegt hij: in de afgelopen maanden vroegen mensen om veel minder zorg en een deel daarvan hoeft ook niet te worden ingehaald. Blijkbaar is niet alles even nodig. 

Toch laat ook dit onderzoek laat zien hoe ingewikkeld het is in de zorg consensus te krijgen over dit soort gevoelige onderwerpen. Na het lezen van de rapporten is Wim van Harten, bestuursvoorzitter van ziekenhuis Rijnstate in Arnhem en hoogleraar zorgtechnologie, nog altijd niet overtuigd van het succesverhaal van de ziekenhuizen. Dat ze erin zijn geslaagd het aandeel onnodige zorg ‘een beetje’ omlaag te krijgen, erkent hij, maar hij betwijfelt of dat ook de totale kosten van het ziekenhuis omlaag heeft gebracht: ‘de cijfers uit het rapport sluiten niet geheel aan bij de jaarrekeningen.’  Wat hij er ook in mist: uitleg van de wetenschappelijke uitgangspunten, en onderzoek naar de patiënten die níet zijn behandeld. ‘De mogelijke schade bij hen wordt in onderzoek zelden of nooit benadrukt.’ Dit onderzoek, vindt Van Harten, ‘bevat ook voor elk wat wils’.

Geert van den Enden, algemeen directeur van Bernhoven, is juist ‘heel blij’ dat nu vaststaat ‘dat andere ziekenhuizen niet meer bang hoeven te zijn dat ons model niet werkt’. 

Niet automatisch minder zorgkosten

Minder zorg in de ziekenhuizen betekent overigens niet automatisch dat ook de kosten voor de zorg navenant dalen. De kosten voor gebouwen, personeel en ict lopen gewoon door. Maar, zegt Van den Enden, 'wij geven al jaren ongeveer evenveel geld uit. Terwijl het aantal patiënten in de regio elk jaar groeit. Per patiënt dalen de zorgkosten dus wel degelijk.’ De omzet van Bernhoven en het Beatrix-ziekenhuis is bovendien minder gestegen dan bij andere ziekenhuizen.

Wat doen Bernhoven en het Beatrix Ziekenhuis anders?

1. De productieprikkel is eruit

In Bernhoven zijn alle medisch specialisten in loondienst gekomen (waarbij ze mede-eigenaar zijn geworden van het ziekenhuis), in Gorinchem is het betalingsmodel van het medisch specialistisch bedrijf aangepast. In de meeste ziekenhuizen werken de specialisten samen in een msb, een medisch specialistisch bedrijf. Elke handeling die zij verrichten heeft direct invloed op het inkomen van de msb, en dus op dat van henzelf.

Onderzoeker Van Dulmen: ‘Ik sprak specialisten die zeiden: we praten nu in de vakgroepvergaderingen niet meer over geld, maar over de zorg voor de patiënt.’ Maar pas op, waarschuwt Bernhoven-directeur Van den Enden, er zijn neveneffecten. ‘Vroeger had je discussies over geld, nu over tijd. Er moet eerder een extra dokter bij.’ Waar vergaderingen voorheen standaard ’s avonds waren, zijn die nu overdag.

2. Artsen nemen zelf het voortouw

Alle initiatieven om de zorg anders te organiseren, kwamen vanuit de artsen zelf. Van den Enden: ‘Wat wij hebben kunnen waarmaken is dat het in ons ziekenhuis volledig gaat om het belang van de patiënt. Daardoor kan de arts weer vanuit zijn medisch hart voor de patiënt zorgen.’ In Uden en Gorinchem kwamen de artsen zelf met ongeveer 150 plannen om de zorg te verbeteren. Daarin was er vooral meer tijd voor de patiënt, die zelf een veel groter aandeel kreeg in de keuze van de behandeling. Door de uitgebreide voorlichting zag die vaak juist van een ingreep af.

3. Het hele ziekenhuis doet mee

De enige manier waarop deze manier van werken echt zoden aan de dijk zet, is als iedereen van de noodzaak van het programma doordrongen is en niemand voor het uitvoeren ervan enige belemmering ervaart. Het is deze ziekenhuizen gelukt een cultuurverandering op gang te brengen, zegt Van Dulmen. ‘Elk ziekenhuis heeft wel z’n projectjes, maar hier was echt het gemeenschappelijke gevoel: we gaan met z’n allen de beste zorg voor de patiënt leveren.’

Meer over de ziekenhuiszorg

Ziekenhuizen moeten veel slimmer gaan werken. In Gorinchem laten ze zien hoe dat kan. Goedkoper, logischer, maar vooral: beter voor de patiënt. Ook kwaliteit kan een medicijn zijn.

joerd Repping, jarenlang hoofd van het centrum voor voortplantingsgeneeskunde aan het AMC, is sinds februari namens alle partijen uit de medisch specialistische zorg ‘kwartiermaker Zorgevaluatie en Gepast Gebruik’ bij het Zorginstituut. Hij ziet het als zijn missie om een einde te maken aan de ‘onzinzorg’ in de ziekenhuizen.

De tijd dat alleen de arts de wijsheid in pacht had, ligt achter ons. In steeds meer spreekkamers doet de mening van de patiënt er ook toe. Maar dan moet die wel zijn huiswerk doen.

Door langer met patiënten te praten, blijkt een doorverwijzing of behandeling vaak niet nodig.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden