Passie uit de Peel

Na ruim 5000 tranentrekkers en honderden gouden platen mag Johnny Hoes zich in groot eerbetoon verheugen. Zondag, op het Lowlands-festival....

Ze mogen dan prikkelende namen hebben als Alfredo Krijtlijn en de Grasmaaiers, De Zingende Fresia's, Anja, Tanja en de Teiltjes, Blonde Bonnie en de Badmutsen of Sjonnie Wiener en de Snietsels: alleen een vreemdeling in het tranendal van de smartlap laat zich in de luren leggen. Kippenvel is de enige graadmeter voor de kenner. Kippenvel. Aan de hogeschool van het levenslied, ofwel Benelux Music Industries te Weert, heeft Johnny Hoes (86) een nieuwe ontdekking in de pocket. Harmina. Harmina uit Assen. Met appels van wangen en een uithaal ('kom terug, kom terug in m'n aaaaarmen') die een Corry - van voorheen Corry en de Rekels - afgunstig, of op z'n minst onrustig moet stemmen. Nog even, en De Alpenzusjes kunnen wel inpakken.

'n Vergeetmijnietje/ leg ik op jouw graf/ 'k mis jou m'n liefje/ met je blijde lach/ jij was veel te jong nog/ had nog zo lang te gaan/ wat heeft die dronken smeerlap/ m'n kindje aangedaan (2x)

Achttien karaats Nedersmart. De ingrediënten zijn er, het wals tempo doet de rest. Eerlijk is eerlijk, eerst zag Hoes niks in Harmina. Ook een keizer van het levenslied kan zich vergissen. 'Kijk, ik kan niet liegen. Ze had een bandje opgestuurd en ik had haar afgewezen.' De Zangeres Zonder Naam had die snik, hè. En die kinderstem; eentje uit duizenden. Harmina niet. Harmina is Harmina. Ontwapenend. Zong thuis achter het aanrecht. En blijkt, behalve veel medegemaakt, ook een gouden hart te hebben. Ze wóónt eigenlijk in een levenslied, zich als ex-Jordanese liefdevol ontfermend over de zoon van haar overleden zuster. 'Ik heb een geoefend oog voor die dingen', zegt producer-tekstschrijver Charlie Prick die Harmina hoorde optreden en tot diep in de wortels van z'n haarmatje geraakt werd door Harmina's pure uitstraling. 'Recht uit het hart gezongen, het publiek voelt feilloos aan wat echt is. Het cd-tje is net aan haar opgestuurd, ze zat gisteravond huilend van blijdschap aan de telefoon.'

'Ach', zegt maestro Hoes, 'het zijn zulke simpele mensjes. Daar heb je geen voorstelling van. Die komen helemaal uit Assen hierheen om met ons koffie te drinken. Harmina is eten en drinken voor de mensen. Geweldig repertoire.' Hoes' klassieker Ach vaderlief, toe drink niet meer zit ook in het pakket. En laat de heer Hoes hem nou toevallig gisteravond flink geraakt hebben! 'Ik ben potverdimme voor de allereerste keer in m'n leven dronken geworden, ik zweer het je'. Nog wat gruizig ploft hij neer bij de wand van zijn boudoir die geheel is bepleisterd met gouden en platina grammofoonplaten. ('Als ik al m'n zeperds hier op had moeten hangen, dan had ik daar een heel gebouw voor moeten laten neerzetten.') Normaal gesproken zet Hoes z'n stekels op wanneer hij krantenvolk over de vloer krijgt. Schrijven maar raak, die lui. Dat ie in vijf minuten een liedje in mekaar kan draaien (hij schreef er vijf duizend, onder meer Anneke Grönloh's topper Brandend zand). Was het maar wáár. En was het maar waar, dat hij een afspraakje had met die smakelijke verslaggeefster uit Zwolle. 'Ons opa mag nog graag naar de vrouwtjes kijken', had kleindochter Rebecca (22) gegiecheld, kwistig rijstevlaai serverend.

Opa had in haar wang geknepen, zijn buikje beklopt en betoogd dat zijn seksuele aspiraties ('die hangen aan de wilgenboom') zijn ingeruild voor culinaire genoegens. In zijn tweede woonplaats Knokke, waar men bij een zeebries zijn toupet moet vasthouden, ook als men Hoes heet, beziet hij 's zomers meewarig 'de vrouwtjes die op het strand voor zoete koek slikken wat de roddelbladen ze onder de neus douwen.' Van Hoes bijvoorbeeld geen kwaad woord over de Zangeres Zonder Naam, de eenzaam gestorven suikertante van de op camp beluste homoscene, voor wie hij ruim 500 liedjes schreef, en die haar ontdekker in de steek liet toen platengigant EMI 'haar een worst van een half miljoen voorhield. Daarna heeft ze geen hits meer gehad. Dat was triest, maar helaas haar eigen schuld.'

Dit najaar komen Hoes z'n memoirettes uit waarin staat: we zijn sámen begonnen, we hadden het sámen moeten afmaken. 'Ik zou haar te weinig betaald hebben, maar bij Philips kreeg ze vijf centen per plaat en ik begón bij haar met vijftien cent. Als ik godverrrrdimme zou kunnen liegen, zou je het an me zien. Haar manager zei al dat ze zo verschrikkelijk op geld was. In België had ze twee optredens op een avond voor een droomgage, allemaal zwart. Dat ga ik niet vertellen, ik zal niemand verrajen.'

Net over uit Knokke, blikt Nederbelg Hoes met gemengde gevoelens terug op een carrière die sinds '61 gedomineerd wordt door de verzuchting 'Ik kan niet slapen en niet eten,/want ik kan je niet vergeten/ met je rode mond,/ je blauwe ogen,/ je haar zo blond.' De aldus uit Venlo geleende carnavalskraker Ach, waas ik maar beej mooder thoesgebleve van Frans Boermans maakte van Hoes met 400 duizend verkochte singles onbetwist nationaal recordhouder. Op de vleugels van dit succes ontstonden scabreus getinte opvolgers als: Daar mag je alleen maar naar kijken (maar aankomen niet) en Haar sneeuwwitte boezem was nauw'lijks bedekt.

Waar de stembanden van de Zangeres Zonder Naam rechtstreeks op haar traanklier aangesloten leken (Als Ierse kind'ren huilen, of Er lag een baby op de stoep in de koude) wist de zanger Johnny Hoes zijn timbre doortrokken van een natuurlijk glijmiddel, goedgekeurd door de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen. Onder pseudoniemen als Van Akker ('zo heette m'n Belgische moeder') en Rio Jim voorzag de tekstschrijver Hoes coryfeeën als Slome Japie en Dikke Leo van 'het pikantere werk' zoals Puntje d'r in, puntje d'r uit en Hup zei m'n simmetje daar gaat ie weer, door de schoorsteen op en neer.

Wat ze in Weert konden, kon Johnny Jordaan ook (Wie heeft er zeepsop in de pruimenpap gedaan. . .iedere pruim ligt in het schuim) en vervolgens produceerde Hoes samen met de baas van seksblad Candy een plaatje of wat waar geen woord Turks bij was. Hoes zingt gezellig even voor: 'Manus, haal je vinger uit m'n anus en Lexie, 'k ben zo sexy/ laat 't kantoor nou effe stikken en kom eens lekker liggen likken, ja die man was pas door de geile wol geverfd.' Maar potverdimme, vraagt de heer Hoes zich bitter af, wát is die dubbelzinnigheid vergeleken met wat Hans Teeuwen ('nog familie') en Youp van 't Hek er uitkramen over neukdozen en hoerenspleten? 'Als het maar intellectueel is, hè.'

Nee, wie als kind op Katendrecht omringd werd door 'dames van de lichte brigade' zal d'r niet van blozen. Zeemanszoon Hoes heeft daar het volle leven gezien; snollen die vechtend de dancing 'Walhalla' uitrolden en elkaars gezicht met een scheermes probeerden te verminken. Zelf zou hij later ook klappen krijgen. Vrouw en twee dochters verloren. Met kanker in haar lijf leidde dochter Jacqui zeventien jaar z'n hitfabriek Telstar aan de rand van de Peel. 'Het was hier een aflopende zaak geworden, echt waar. Als ik hier binnenkwam, leek het een sterfhuis zo macaber. De muziek was d'r uit.'

Dat de jongens van Doe Maar er op het hoogtepunt van hun populariteit in '84 mee kapten, was sneu voor Hoes c.s. maar daar had hij nog respect voor ook! 'Ze hadden nog jarenlang hun zakken kunnen vullen, maar waren het kotsmoe om nog langer slachtoffer te wezen van de publiciteit.' En zómaar een single uitbrengen, geen platenmaatschappij die het nu nog aandurft. 'In no time wordt ie gedownload, al hebben wij nog het geluk dat de jeugd zich niet zo voor ons repertoire interesseert. Ze vergeten dat mensen op de werkvloer, op het platteland, en senioren zo verrot graag een liedje in hun moerstaal horen. Géén luisterliedje met diepgaande tekst, maar iets wat ze naar binnen kunnen wippen als een zeker iets bij een weduwvrouw, begrijp je?'

Maar Hilversum minacht de smartlap. In huize Hoes heerst de opvatting dat programmamakers, door politieke partijen aan hun baan geholpen, het wiel opnieuw uitvinden. 'Die willen trendsetter zijn, kunnen geen eer inleggen met Nederlandstalig. Terwijl het grote publiek schreeuwt om de smartlap. Op piratenstations is een heksenjacht, dus we komen niet meer aan de bak. Dat zijn toch misstanden?'

De bedenker van de Feyenoord-hymne Hand in hand, kameraden en Op een zeemansgraf staan nooit geen rode rozen ('nooit geen, da's hoog Rotterdams, wist je dat niet?') draaide zijn hand niet om voor een versje over kroonprins en geliefde: Op het strand van San Fernado/ dans ik met Maximaaaaaa een tango, en: Ik wil geen ander, dan Willem-Alexander. Maar aan het duo Margarita en twistbaron De Roy van Z. zal Hoes z'n handen niet vuilmaken: 'Het spijt me, maar ik kan 't niet luchtig houwen bij die klootzak.'

'Weet je hoe ik herinnerd wil worden? Niet als de man die zoveel liedjes schreef. Maar als de man die honderden artiesten die geen kruiwagens hadden in de schijnwerper heeft gezet. Dat vind ik mijn grootste verdienste.' Zoals De Electronica's, die zich er over beklaagden nooit geld voor wereldhit De vogeltjesdans te hebben gekregen? 'Ach, wat zitten ze nou te lullen', klinkt het met een grom. 'Iedereen kon hier controleren hoe het is gegaan. Die jongens beschouwden me als hun broer. Die ga je toch niet potverdimme voor een paar platen oplichten? M'n dochter deed de zaken, trouwens. Die heeft dat keurig afgewikkeld. Je moet goed begrijpen, wij hadden alleen ons taalgebied. In de rest van de wereld waren het anderen.'

Zou hij, voormalig zingende cowboy, ontdekker van een Zwarte Lola, een Manke Nelis en een Eddy Wally, de Gouden Harp en een lintje hebben gekregen als iets niet deugde? Nou? 'Mooi dat het Lowlands-festival me wil eren, maar waarom nu pas? Het is net als met ouwe oorlogsmisdadigers, die hadden ze ook veel eerder moeten oppakken.'

Zoon Adri Jan (56) zeilt binnen, uitbundig gekapt. Als nieuwe directeur heeft hij levensliedrockgroep Normaal het Hoes-imperium binnengeloodst. Daarmee is het vertrek van een Bertus Staigerpaip dik gecompenseerd: Doe het nog een keer (3 x), tis toch zo lekker. 'Kan Hilversum niet omheen, hoor. Om Harmina evenmin, wéés eerlijk! Moet je horen: De bruid aan je zijde keek stralend en blij/ Ze heeft je gekregen ten koste van mij. Klinkt daar niet iets van een Zangeres Zonder Naam in door? Hoes senior wrijft in zijn oog waar hij kanker aan heeft gehad. 'Potverdimme, ik heb nooit in reïncarnatie geloofd. Nu bijna wel. Even.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden