Partij zoekt geld - van leden komt het niet

De oude bestuurspartijen PvdA, CDA en VVD komen financieel in de problemen door ledenverlies. Moeten er andere subsidies komen? Dat zul je de partijen niet snel horen zeggen, uit angst voor de kiezer.

Diederik Samson van de PvdA Beeld anp

Een half miljoen per jaar, zo hoog schatte Hans Spekman een paar maanden geleden in de Volkskrant de hoogte van het huurcontract voor het statige grachtenpand van het PvdA-partijbestuur in Amsterdam in. De voorzitter schaamt zich er diep voor en wil er liever vandaag dan morgen weg. Uit principe. 'Ik wil een PvdA zijn die in de praktijk brengt wat we met de mond belijden', zei hij al in 2012.

Door een 'heel lang, goudgerand huurcontract' lukt dat maar niet. Financieel zou het voor de PvdA een uitkomst zijn. Het geld is hard nodig. Penningmeester Ard van der Tuuk erkent dat zijn partij elk jaar moet beknibbelen op activiteiten.

Bij het CDA gebeurt hetzelfde. Met minder handen moet hetzelfde werk worden verricht. 'We zijn al een aantal jaar bezig met een uitputtingsslag', zegt penningmeester Bart van Meijl. Een deel van het pand waarin het partijbureau van het CDA is gevestigd, wordt verhuurd om geld in het laatje te brengen.

Hoewel ook een partij als de SP de laatste jaren leden verliest, raakt de krimp vooral de oude massapartijen VVD, CDA en PvdA die ook het afgelopen jaar weer duizenden leden zagen vertrekken. De ontzuiling en de voortgaande individualisering raken de ledenbestanden hard. De generaties die als vanzelfsprekend lid werden van een politieke beweging sterven langzaam maar zeker uit.

Dat neemt niet weg dat de partijen terecht aan de bel trekken, vindt Paul Bovend'eert, hoogleraar staatsrecht van de Radboud Universiteit. Hij wijst erop dat een gezond partijsysteem van het grootste belang is voor de democratie - de grote partijen zijn de spil van het landsbestuur. 'Partijen selecteren kandidaten voor het parlement, de provincies en de gemeenteraden. Bovendien schrijven ze partijprogramma's, die de basis van het regeerbeleid vormen.'

Tekst gaat verder onder graphic

PvdA, CDA en VVD in geldnood door ledenverlies

De krimp van de drie klassieke ledenpartijen CDA, VVD en PvdA - die Nederland sinds de Tweede Wereldoorlog in wisselende combinaties besturen - nadert volgens de eigen bestuursleden een kritisch punt. Nu de leden blijven weglopen, komen partijen in geldnood. Lees hier meer over de voortgaande verschrompeling van de partijen.

Taboe

Praten over een wijziging van het subsidiesysteem geldt op het Binnenhof als vloeken in de kerk. Ook tegenover de Volkskrant verwijzen de Kamerfracties naar het partijbureau of zeggen ze geen reden te zien om het onderwerp zelf in Den Haag te berde te brengen. Uit angst voor wat het electoraat daar wel niet van zou vinden.

'Politici vinden het eng om het woord subsidie te gebruiken als het over de eigen organisatie gaat', onderschrijft CDA-penningmeester Van Meijl. 'Liever debatteren ze er niet over in de Tweede Kamer, want dan staat morgen weer in de krant dat ze alleen maar geld komen halen. Voor je het weet word je gezien als een subsidieverslaafde.'

Na een overleg, binnenskamers, met de penningmeesters van de belangrijkste partijen vorig jaar wilde minister Plasterk van Binnenlandse Zaken eerst peilen of er in de Tweede Kamer draagvlak is voor een wetswijzing omtrent de overheidsbijdrage. Vooralsnog is het antwoord nee: de Tweede Kamer - inclusief de eigen fracties - reageert zeer terughoudend. Tot ergernis van Van Meijl: 'Want intern zeggen de partijen: praten over het veranderen van het systeem, dat zou niet slecht zijn.'

SP-partijsecretaris Hans van Heijningen noemt een mogelijke verandering van het subsidiesysteem problematisch. Hij deelt sowieso het probleem niet (de socialisten zijn dankzij de verplichte afdrachtregeling voor alle SP-volksvertegenwoordigers veel minder afhankelijk van subsidie), maar hij ziet ook geen oplossing in een nieuwe verdeelsleutel. 'Want op basis waarvan ga je het grotere vaste deel van de subsidie dan vaststellen? Je kunt niet zeggen: we hebben dertien partijen in de Kamer, dan delen we het totale bedrag gewoon door dertien. Het zal toch te maken moeten hebben met de omvang van de partij en het aantal volksvertegenwoordigers.'

Bovendien raken de financiële problemen van de oude middenpartijen aan een gevoelig politiek thema: zijn zij niet gewoon uit de tijd aan het raken? Verkiezingsonderzoeker Maurice de Hond vindt van wel. 'Het huidige bestel is gebaseerd op de zuilen van vroeger, maar de bevolking leeft niet meer in die zuilen. De generatie die nog lid was van een partij sterft langzaam uit.'

Tekst gaat verder onder graphic

Zonder leden?

Pim Fortuyn wilde in 2002 daarom liefst al een partij zonder leden maar kwam er in de haast rond de oprichting van de Lijst Pim Fortuyn niet onderuit. Geert Wilders brengt dat model zonder leden nu al tien jaar in de praktijk. Hij heeft geen zin in afdelingen, partijcongressen en onderling discussiërende leden die de partijleiding de maat nemen. Daarmee loopt hij jaarlijks doelbewust miljoenen aan partijsubsidie mis. Dan maar minder geld, is zijn leidraad. Getuige zijn jaarverslagen is hij er ook nog niet in geslaagd grote particuliere geldbronnen aan te boren.

Ook dit model zonder leden kent schaduwzijden. Vaak is al gewezen op de kwetsbaarheid van de PVV die wel kiezers trekt maar na tien jaar nog nauwelijks partijkader heeft, geen talenten opleidt en nog steeds grotendeels leunt op Wilders. De partijleider heeft de grootste moeite om voldoende kandidaten te vinden voor zijn lijsten en doet daarom nauwelijks mee aan de gemeentelijke verkiezingen.

Om het huidige democratische systeem niet in gevaar te brengen, moet er een oplossing komen voor de financiële malheur, betoogt hoogleraar Bovend'eert. Dat begint bij de partijen zelf, die meer aan fondsenwerving zouden kunnen doen. 'Maar dan moet je gaan oppassen voor Amerikaanse toestanden, waarbij politici afhankelijk zijn van gestes vanuit het bedrijfsleven.'

Tekst gaat verder onder graphic

Daarnaast zouden partijen meer activiteiten kunnen organiseren voor mensen die niet per se lid van de partij zijn. 'Op die manier kun je donaties van sympathisanten binnenhalen, zonder dat men een lidmaatschap hoeft aan te gaan.'

Zulke cultuurveranderingen kosten tijd, weet Bovend'eert. Tot partijen daar aan toe zijn, is de helpende hand van de overheid onmisbaar. 'De financiering vanuit de overheid moet een grotere basis bieden. Men moet zich realiseren dat dat nodig is voor de gezondheid van het partijsysteem, in ieder geval voor de korte termijn. Partijen zijn nog niet ten dode opgeschreven, maar het is nu wel vijf voor twaalf.'

Jongeren liken wel, maar lid worden is te veel gevraagd

De pijn van de teruglopende ledenaantallen zou kunnen worden verzacht door een groei in het aantal leden bij de politieke jongerenpartijen (PJO's). Deze bewegingen zijn gelieerd aan 'volwassen' partijen en zijn mede bedoeld om jongeren klaar te stomen voor het echte werk.

Zo was premier Mark Rutte van 1988 tot 1991 voorzitter van de JOVD, de jongerenpartij van de VVD, alvorens hij actief werd bij de moederpartij. Andere voorbeelden van voormalige PJO-voorzitters zijn Sharon Dijksma (PvdA), Jack de Vries (CDA) en Boris van der Ham (D66). Voor de jongerenpartijen is het ook zwoegen, blijkt uit een rondgang. De meeste van hen schommelen in ledenaantallen of verliezen snel aanhangers. Zo schrijven de Jonge Socialisten, kweekvijver van de PvdA, jaarlijks meer mensen uit dan dat er bijkomen. Dat komt deels door de tegenvallende electorale positie van de PvdA, verklaart voorzitter Bart van Bruggen, maar hij signaleert daarnaast een landelijke trend. 'De laatste jaren is het wantrouwen richting de politiek veel groter geworden. Mensen hebben niet langer de behoefte om daar bij te horen.'

PerspectieF-voorzitter Erik-Jan Hakvoort (ChristenUnie) is nog scherper in zijn oordeel. Hij heeft daar alle reden toe: in tien jaar tijd is zijn vereniging bijna de helft van de achterban kwijtgeraakt. 'Men wil gewoon geen lid meer worden en ik vraag me af of het tij nog te keren is. Mensen liken tegenwoordig. Ze willen zich niet meer inschrijven en een stickertje op hun hoofd geplakt krijgen.' Tijd om na te denken over een ander systeem, vindt hij. 'We moeten een manier vinden om mensen op een vrijblijvende basis aan ons te binden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden