Parijs betaalt met stakingen prijs voor EMU

De massale stakingen in Frankrijk hebben een diepere achtergrond dan de bezuinigingen op zich, stelt Pierre Haski. De Franse heersende klasse heeft zich volledig vervreemd van de bevolking....

PIERRE HASKI

IN de toekomst zullen historici er een zware dobber aan hebben te verklaren hoe Frankrijk in 1995 terechtkwam in een 'winter van ongenoegen'. Hoe kunnen een president - die met een comfortabele meerderheid werd verkozen - en een briljante premier in enkele maanden tijd de grootste sociale oproer in tien jaar provoceren, de beurzen in verwarring brengen, en hun kiezers zo snel van zich vervreemden? Dit zou een triviale vraag zijn, wanneer zij niet gevaarlijk was voor Europa's ambitie een monetaire unie te realiseren voor het eind van de eeuw.

Er is geen eenduidige verklaring. Op een bepaalde manier betaalt Chirac met de stakingen voor zijn demagogische verkiezingscampagne. Chirac, die het moest opnemen tegen zijn mede-gaullist en oude vriend Edouard Balladur, beloofde Frankrijks record-werkloosheid op te lossen, het begrotingstekort terug te brengen, en de Franse verzorgingsstaat te redden zonder nieuwe belastingen en bezuinigingen.

Het gevecht tegen de sociale uitsluiting werd het motto van zijn campagne. Zo zeer zelfs, dat het Franse equivalent van Spitting Image hem uitbeeldde als Che Guevara, compleet met baret en sigaar, klaar om de de strijd aan te binden met sociaal onrecht en kapitalisme. Het duurde zes maanden voor de aap uit de mouw kwam: Chiracs beloften waren onmogelijk. Een oude wijsheid werd bewaarheid: verkiezingsbeloften binden alleen hen die de beloften geloven.

Dit gaf een nieuwe dreun aan de geloofwaardigheid van de Franse politici. Het laatste decennium bracht de politieke elite grote schade toe, en verbrede de kloof tussen de bevolking en haar leiders, zowel ter linker als ter rechterzijde. De groeiende arrogantie van de politieke klasse - steeds vaker enarques, afgestudeerden van de elitaire Ecole nationale d'administration (ENA), in plaats van afkomstig uit de zieltogende politieke partijen - gecombineerd met grote corruptieschandelen die het hele politieke spectrum beslaan, droegen bij aan het diskrediet van politici.

De natie verwelkomde in de jaren tachtig het eind van de ideologieën, maar deze is alleen maar vervangen door een leegte. De huidige stakingsgolf is een duidelijke weerspiegeling van de groeiende kloof tussen kiezer en politiek: geen enkele belangrijke politieke figuur kan beweren representatief te zijn voor de aspiraties en eisen van de stakers.

Erger nog: de meeste personen ter linkerzijde zijn het stilletjes eens met premier Alain Juppé's plannen, zij hebben echter niet de moed dit toe te geven. Het is zelfs zo dat veel plannen van Juppé werden opgezet door zijn voorganger, de socialistische premier Michel Rocard, die er niet in slaagde hen door te drukken.

Dit alles zet de deur open voor de pogingen van het extreem-rechtse Front National van Jean-Marie Le Pen om de protestgolf naar zich toe te trekken. Een recente steekproef toonde aan dat 70 procent van Le Pen's kiezers de stakingen steunen. Dit is verbazend gezien de actieve rol van de communistische vakbond CGT in de stakingen, maar ook weer niet gezien de greep die het Front National heeft op de voormalige linkse werkende klasse van de voorsteden. Vervroegde verkiezingen, die sommige rechtse politici als oplossing voor de crisis suggereren, zou extreem-rechts goed uitkomen.

Ook bij de vakbonden heerst verdeeldheid. Nicole Notat, secretaris-generaal van CFDT, de op een na grootste bond van Frankrijk, weigerde ronduit de bezuinigingsplannen van Juppé te veroordelen, zoals zijn collega's wel hadden gedaan. De organistatiegraad van Frankrijk is een van de laagste van Europa, en hetzelfde geldt voor het lidmaatschap van politieke partijen.

Dit gebrek aan vertegenwoordiging is een van de belangrijkste oorzaken voor de crisis: niemand praat meer echt voor de uitgeslotenen, de miljoenen werkers die zich verloren voelen in het veranderingsproces dat Frankrijk ondergaat. Geen wonder dat de wanhoop zich van hen meester maakt en zij een houding aannemen van 'we hebben niets te verliezen'.

Het schisma werd voor het eerst zichtbaar in 1992, tijdens het referendum over het akkoord van Maastricht. Dat werd ternauwernood gewonnen door het 'Ja-kamp', dat werd gesteund door alle reguliere politieke opinion leaders. De liefde tussen Frankrijk en Europa was voorbij, het slachtoffer van de diepe recessie van de late jaren tachtig.

Het referendum was zowel een opstand tegen een technocratische Euro-droom (althans, zo kwam hij over) als tegen de eigen Franse elite. Frankrijk leek op een land met twee snelwegen; op de een reden mensen met het oog gericht op het buitenland, de andere weg was vol in zich zelf gekeerde mensen, bang door het wegvallen van de grenzen, zowel de psychologische als de werkelijke.

Zijn de huidige stakingen de wraak van hen die tegen Maastricht stemden? Nee, althans niet bewust. Want de toekomst van Europa staat als onderwerp niet in het centrum van Frankrijks sociale en politieke debat, in tegenstelling tot de situatie in bijvoorbeeld Engeland. Alleen Franse postbodes en werknemers van energiebedrijven refereren aan Brussel bij hun stakingseisen, omdat hun sectoren door Europa zullen worden geliberaliseerd.

Maar impliciet is de oorzaak van de stakingen de Franse haast om tegemoet te komen aan de door Duitsland geïnspireerde voorwaarden van het akkoord van Maastricht. Chirac's draai van 360 graden ten opzichte van zijn verkiezingsbeloften, is ongetwijfeld veroorzaakt door de druk van de financiële markten die een sterke frank willen. En door de twijfel of Frankrijk in staat is zijn begrotingstekort weg te werken voor de EMU officieel begint, op 1 januari 1999.

De harde opstelling van de Franse premier en de aankondiging van een soberheidsperiode van twee jaar, komen voort uit dit tijdschema. Frankrijk is doodsbang uitgesloten te worden van Europa's harde kern.

Waarom is Frankrijk zo geobsedeerd door de monetaire unie? De Franse elite stelt zich die vraag niet. Het ziet in de aansluiting bij de Europese munt de enige manier om Frankrijks verlies aan status in deze post-koloniale periode goed te maken. Dit kan alleen worden gedaan samen met Duitsland, omdat Groot-Brittannië een andere weg heeft ingeslagen.

DE ontmoeting aanstaande donderdag van Kohl en Chirac in Baden-Baden zal dit sleutelelement van de Franse strategie opnieuw bevestigen, waarbij het niet uitmaakt of Mitterand of Chirac in het Palace Elysée zit.

Het is echter de vraag of de Franse regering de kracht heeft haar bezuinigingsplannen uit te voeren. Of dat het Franse volk de dromen over de monetaire unie zal begraven, samen met Juppé's plannen en politieke ambities.

Pierre Haski is buitenlandredacteur van het Franse dagblad Libération.

The Guardian/de Volkskrant

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden