Panische angst voor afhankelijkheid

Hoog tijd het taboe op afhankelijkheid te doorbreken

‘Ik doe het liefst alles zelf, maar als mensen hulp nodig hebben sta ik voor ze klaar’, zegt mevrouw Verkade. Hulp aanvaarden is vervelend, het ‘schept verplichtingen voor je gevoel’, vindt meneer Willems. Meneer Pieters moet er al helemaal niet aan denken: dan voelt hij zich ‘net een baby die moet worden verzorgd’. Dan zit hij liever alleen thuis, ook al is hij nog zo eenzaam.

We zijn panisch om afhankelijk te worden van andere mensen, zo valt op te maken uit het boek De betekenis van nabijheid van Lilian Linders dat overmorgen verschijnt. We moeten en zullen autonoom zijn. Ooit was autonomie een ideaal aan een verre horizon. Iets van dromerige patiëntenorganisaties en dito beleidsmakers. Maar na veertig jaar hameren op het belang van autonomie zijn we dit externe ideaal als diepste verlangen gaan voelen. Het eindeloos herhalen van zo’n woord kan tot diep in de ziel doordringen. Zo maakbaar zijn mens en samenleving.

Angst
De angst voor afhankelijkheid maakt hulp vragen moeilijk. Zeker aan buren, vrienden of buurtgenoten. Maar ook aan kinderen. Veel ouderen verbergen hun problemen, zelfs voor hun kinderen, uit angst hulp te moeten vragen. ‘Ik zeg het gewoon niet, want ik weet dat het een grote belasting voor ze is. Ik probeer dus mezelf te verzorgen zo goed en zo kwaad als het kan. En als het niet meer kan, dan heb ik pech gehad’, aldus de 94-jarige mevrouw De Klerk.

Liever zitten we in de rol van helper. Dan zijn we niet afhankelijk, maar zijn anderen dat van ons. Dat mensen liever hulp geven dan ontvangen, lijkt een fijn vooruitzicht voor een regering die op de zorg wil bezuinigen. Maar zo simpel is het niet, want hulp aanbieden vinden we ook bar moeilijk. Doodsbang ons aan iemand op te dringen. Zeker aan buren of buurtgenoten. Als ze erom vragen kan het. Maar dat doen ze niet snel want ook zij willen autonoom zijn. Zo zitten we met een ongebruikte hulpberg terwijl talloze mensen om hulp verlegen zitten, maar het niet durven vragen.

Autonoom
Extra sneu is dat veel mensen vinden dat ze autonoom en zelfredzaam moeten zijn, terwijl ze zich helemaal niet autonoom en zelfredzaam voelen. Ze lijden onder het gevoel totaal geen greep op hun eigen bestaan te hebben. Vooral lager opgeleiden hebben daar last van, aldus Linders. Zij wijten hun problemen veel eerder aan externe omstandigheden dan hoger opgeleiden.

Tips en adviezen om hun leven meer ter hand te nemen – bijvoorbeeld minder te roken of gezonder te eten – roepen bij veel lager opgeleiden slechts agressie op jegens de boodschappers van deze vervelende aanbeveling. Zulke tips zijn voor hen vergelijkbaar met het advies ‘Wees spontaan’. Dit gevoel van machteloosheid verklaart waarschijnlijk mede de hedendaagse woede jegens gezagsdragers en deskundigen, omdat hun goedbedoelde acties mensen aan hun gevoel van machteloosheid herinneren.

Ouders en kinderen
Er zijn maar twee soorten verhoudingen waarin hulp redelijk gemakkelijk kan vloeien. Ten eerste die van ouders naar kinderen – niet omgekeerd, zoals boven aangestipt. Ook als kinderen al lang volwassen zijn, zitten kinderen noch ouders er blijkbaar mee dat echte gelijkheid nooit komt. Ouders blijven zich tot op hoge leeftijd enorm voor hun kinderen inzetten, zonder daar veel voor terug te verwachten. En kinderen zijn weliswaar als de dood voor afhankelijkheid, maar déze afhankelijkheid scharen ze daar niet onder.

De andere verhouding waarin hulp rijkelijk kan vloeien, is die tussen twee hulpbehoevenden. Tussen mensen die allebei zorg en steun nodig hebben. Die ervaren dat als een soort directe ruil waarmee ze goed kunnen leven. De lamme die de blinde helpt, als het ware. De overheid wil graag dat de sterken de zwakken helpen, maar rekent daarmee buiten het afhankelijkheidstaboe. Liever worden we geholpen door mensen die zelf ook hulp nodig hebben. Wederzijdse afhankelijkheid vinden we veel minder vernederend. Soms ook vinden mensen hulp van professionals gemakkelijker te aanvaarden omdat ze zich dan grappig genoeg niet als afhankelijk zien.

Hoog tijd dus het taboe op afhankelijkheid te doorbreken. Te accepteren dat we van de wieg tot het graf afhankelijk zijn, van de verzorgingsstaat, familie, vrienden, professionals, technologie, de beurs en de wereldeconomie. Ook als God dood is, zijn er nog talloze lotsbepalers over.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden