Pakistaans meisje op borgtocht vrij

Het verstandelijk beperkte christelijke meisje dat in Pakistan terechtstaat voor godslastering is zaterdagmiddag op borgtocht vrijgelaten. Rimsha Masih (14) verliet de gevangenis in de garnizoensstad Rawalpindi verborgen onder een groene hoofddoek.

AMSTERDAM - Een gepantserde auto bracht Masih naar een gereedstaande helikopter, die het meisje naar een geheime plek heeft gebracht. Dit gebeurde onder strenge beveiliging door de Pakistaanse politie. Personen die ooit van blasfemie zijn beschuldigd, lopen het risico door fanatieke moslims te worden gelyncht. Masih's vrijlating werd rechtstreeks uitgezonden op de televisie. Even waaide de groene hoofddoek weg die Masih onherkenbaar moest houden en was haar gezicht zichtbaar: het meisje zag er verdrietig en zeer angstig uit.


Vorige week vrijdag stelde een Pakistaanse rechter een borgsom vast van een miljoen Pakistaanse roepies, omgerekend ongeveer 8.300 euro. Het leek toen nog maar de vraag of Masih snel zou kunnen vrijkomen. De familie van het meisje, afkomstig uit een arme buitenwijk van Islamabad, kon dat bedrag niet opbrengen. Het is onduidelijk wie de borgsom nu heeft betaald.


De advocaten van Masih gaan de Pakistaanse rechter vragen de zaak tegen het meisje niet in behandeling te nemen. Masih werd op 16 augustus gearresteerd omdat zij bladzijden van een koran zou hebben verbrand.


Volgens de advocaten van Masih, die naar verluidt niet kan lezen, wilde het meisje slechts wat rondslingerende papiertjes verbranden. Masih zou lijden aan het syndroom van Down, en heeft vermoedelijk geen idee wat godslastering betekent.


Vorige week kreeg de affaire een onverwachte wending toen de Pakistaanse politie de imam oppakte die de zaak in eerste instantie had aangekaart. Imam Mohammed Khalid Chishti wordt ervan verdacht zelf bladzijden uit een koran in een plastic tas met verbrand papier en as te hebben gedaan. Die tas zou vervolgens aan Masih zijn gegeven.


De zaak rond Masih heeft internationaal geleid tot een golf van verontwaardiging over de strenge Pakistaanse blasfemiewetgeving. In het islamitische Pakistan is het bij wet ten strengste verboden de profeet Mohammed of de Koran te beledigen. De rechter kan overtreders zelfs de doodstraf opleggen. Volgens tegenstanders van de strenge wetgeving wordt die vaak misbruikt tegen christenen en andere minderheden. Maar de blasfemiewet wordt ook ingezet om persoonlijke vetes te beslechten.


Het verstandelijk beperkte meisje dat wordt verdacht van godslastering is naar een geheime plek gebracht.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden