'Paars' moet bezuinigingsmotor op onderwijs stilzetten

WIJ laten ons besturen door onverantwoordelijke dilettanten. Het onderwijsbeleid heeft onderhand zulke groteske vormen aangenomen dat we van beleid niet meer kunnen spreken....

JOHN LöWENHARDT

Lang voor de paarse coalitie vorige zomer met haar ondoordachte voorstellen tot stelselwijziging kwam, werd het onderwijsbeleid enkel en alleen aangedreven door de bezuinigingsmotor. Wat geld oplevert moet goed zijn, want het levert geld op. Zie daar in enkele woorden de ideologie van de heersende politieke elite.

Eerder deze week meldde de Volkskrant dat de Tweede Kamer en het paarse kabinet de prestatiebeurs per 1 september gaan invoeren, terwijl zij weten dat een behoorlijke uitvoering van de regeling niet mogelijk is. Sterker nog, nadat de Informatie Beheer Groep in een rapport stelde dat de snelle invoering zal leiden tot chaos, garandeerde de minister van Onderwijs het parlement ijskoud een succesvolle invoering.

In de Kamer gebruikte hij woensdag als argument dat het IBG-rapport was bedoeld voor hem persoonlijk, en niet voor de openbaarheid. Dus zou het zo'n vaart niet lopen. En daarmee zijn we nog niet eens op het dieptepunt van de bestuurlijke onverantwoordelijkheid beland. De Informatie Beheer Groep schreef immers dat ook uitstel van de invoering tot chaos zal leiden. Het lijkt er op dat niemand weet in welk geval de chaos het grootst zal zijn, en dat paars daarom maar blindelings kiest voor 1 september aanstaande.

Wanneer hebben we dat eerder meegemaakt? Nieuwe beurzenstelsels, taakverdeling en concentratie, herstructurering, OV-jaarkaart - om maar even bij het hoger onderwijs te blijven. Omwille van bezuinigingen besluit onze politiek willens en wetens, ja, met voorbedachten rade, tot onbehoorlijk bestuur. En wij, ouders, studerenden, docenten, wij laten het over onze kant gaan. Er moet toch immers worden bezuinigd?

Op zich is de introductie van een soort prestatiebeurs een ontwikkeling die jaren te laat komt. Eindelijk wordt de heilige koe van Den Haag - de vrije toegankelijkheid van het hoger onderwijs voor ieder die een VWO-diploma bezit - voorzichtig bij de horens gevat. Eindelijk durven sommige universiteiten een begin te maken met serieuze selectie in het eerste studiejaar. Door het vrijblijvende beleid van de eerdere kabinetten komen nog steeds te veel studenten op de universiteiten terecht die daar niet horen.

Maar zoals in de WAO-kwestie de tijdgeest twee jaar geleden heeft geleid tot een doorslaan van het keuringsbeleid van het ene naar het andere uiterste, zo besluit ons politiek establishment ook nu weer zijn falen van vele decennia te verbloemen door 'oplossingen' die voorzienbaar desastreus zijn.

Zoals het kabinet nu heeft besloten de WAO-keuringsregels te veranderen om een eind te maken aan de grootste onrechtvaardigheden, zo kunnen parlement en kabinet nu al weten dat ze binnenkort de uitvoering van het beurzenstelsel bij zullen moeten stellen, omdat deze ook te ver in de verkeerde richting doorschiet. Is dat nu behoorlijk bestuur?

Bij de bezuinigingsideologie van Den Haag hoort een passend demagogisch en manipulatief taalgebruik. Al geruime tijd worden steeds weer nieuwe maatregelen aangekondigd, onder de voorwaarde dat dan wel de kwaliteit van het hoger onderwijs moet verbeteren.

Sommige kamerleden bedrijven op onbeschaamde wijze demagogie door te impliceren dat de kwaliteit van het universitaire onderwijs bedroevend is. En niemand die hen tegenspreekt, want het komt de politiek goed uit. Je moet toch érgens een zwarte piet vinden voor het bezuinigingsbeleid?

Uiteraard zijn aan de Nederlandse universiteiten wel studierichtingen te vinden die minder goed worden geleid. Uiteraard is het onderwijs daar voor verbetering vatbaar. Maar om te zeggen dat het Nederlandse universitaire onderwijs als geheel, of afzonderlijke universiteiten, in kwaliteit onderdoen voor die in de overige landen van West-Europa is een absurde bewering. Maar, zoals bekend: hoe absurder, des te effectiever de demagogie.

Zo'n vijftien jaar wordt nu al bezuinigd op het hoger onderwijs. Al vijftien jaar worden de universiteiten afwisselend bewerkt met de kaasschaaf en de botte bijl. De druk op het docentenkorps is opgevoerd tot onverantwoordelijk grote hoogte. Het volk wil vrije toegankelijkheid tot het hoger onderwijs, maar wil daarvoor niet betalen.

De ideologie waarmee de bezuinigingen werden gerationaliseerd, heeft zich onder opeenvolgende kabinetten langzamerhand ontwikkeld van een stelsel van beweringen met inhoudelijke betekenis, naar een bot zuinigheidsstreven. Het is nu wel genoeg geweest.

DE prestatiebeurs moet worden ingevoerd, maar dan wel in een andere variant dan die van minister Ritzen - ongeacht de besparingen op korte termijn. Zijn versie, met aan het eind van de rit het omzetten van een lening in een beurs, maakt de handtekeningen onder het doctoraalexamen tienduizenden guldens waard, en lokt zo corruptie uit.

Het is onvoorstelbaar dat een onderwijseconoom als Ritzen zo iets bedenkt. De prestatiebeurs moet worden ingevoerd, maar dan wel zo dat ze ook behoorlijk kan worden uitgevoerd.

John Löwenhardt

De auteur is politicoloog en verbonden aan het Instituut voor Oosteuropees Recht en Ruslandkunde van de Rijksuniversiteit Leiden.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden