Paardenkracht

Dat ene moeilijke ding volgens de kunstenaars die het moeten kunnen. Aflevering 5: Dieuwke Spaans (37) over het tekenen van paarden.

BOB WITMAN

'Het heeft wel iets sneus dat het paard in de kunst meestal ergens dienstbaar aan is. Aan de triomferende koning of generaal op zijn rug, aan de aanstormende cavalerie op het slagveld, of aan onschuldige oorlogsslachtoffers, zoals het gewonde paard op de Guernica van Picasso. Als werkpaard op het land, of als religieus symbool. Maar heel weinig kunst gaat over het paard als paard.

'Het beroemdste paardenschilderij is denk ik dat van Jacques-Louis David uit 1800, waarop Napoleon de Alpen over trekt op weg naar nieuwe veroveringen. De keizer zit op het paard, zijn cape wapperend in de wind. De wolken, de manen, het steigeren, Napoleons geheven arm; alles wijst in dezelfde richting. Alles beweegt voorwaarts. Het dier is zo geschilderd dat hij het leiderschap van de hoofdpersoon versterkt.

'Anatomisch is een paard een van de moeilijkste dingen om te tekenen, hoewel ik een mens minstens zo moeilijk vind. Ik ben opgegroeid met paarden. Ik weet hoe ze in elkaar zitten, hoe hun skelet is opgebouwd. Als ik een paard teken, stel ik me eerst voor hoe de botten lopen, welke spieren daaraan vast zitten, pas dan kan ik de buitenkant schilderen. Van binnen naar buiten werken, dat is belangrijk om geloofwaardig een paard te tekenen.

'Het allermoeilijkst is de overgang van de kogel naar de hoef. Daar zit alles in, op die plaats kan het te lomp worden, of te fragiel. Als die overgang niet goed is, is het paard niet goed.

'Het paard is het grootste multitalent van de kunstgeschiedenis. Het komt al voor op vroege grotschilderingen. Het heeft de mens altijd gefascineerd, omdat het zo veel uitdrukking heeft. Het paard staat voor macht, kracht en sierlijkheid, al staat het zelden centraal. Het paard kan de mens op het schilderij groter maken. Als je iets fout tekent aan dat paard, per ongeluk of expres, wordt de hoofdpersoon automatisch iets lulliger.

'Andere dieren hebben dat niet. Een koe is altijd een koe, altijd even koeiig. Een vogel heeft geen 'gezichtsuitdrukking.' Die is in de beeldende kunst een ornament, of een symbool. Een hond kun je kwaad schilderen, of geslagen, met zijn kop naar beneden. Dat is het wel zo'n beetje. Een paard is nooit twee keer hetzelfde.

'Al voor ik naar de kunstacademie in Arnhem ging, zag ik een schilderij van Johan Heinrich Füssli uit 1802, De Nachtmerrie. Nog steeds een van mijn favoriete werken. Het is een romantisch schilderij: een grijnzende satan op een wulps gestrekte, slapende vrouw. Op de achtergrond kijkt een paard met grote ogen toe. Het heeft iets demonisch, iets erotisch. Toen ik dat schilderij zag, besefte ik dat je met kunst een verhaal kunt vertellen door dingen toe te voegen.

'Paarden komen veel voor in mijn werk, maar ik ben geen paardenmeisje. Het gaat mij hun functie, niet om de anatomische perfectie. In 1997 en 1998 won ik de Koninklijke Subsidie voor Schilderkunst met werk waarop, toevallig, paarden voorkwamen. Paarden met een twist, waar iets mis mee was. Ze hadden tot doel de toeschouwer uit te dagen beter te kijken. De meeste mensen - ik zelf ook - kijken veel te snel. Oordelen te snel. Door de paarden te vertekenen, kun je een vervreemdend effect bereiken, zodat mensen een tweede en derde blik nodig hebben om te begrijpen wat ze zien.

'Ik ben een aantal jaren geleden opgehouden met tekenen in de traditionele zin. Het bezwaar van tekenen was dat mijn eigen handschrift me in de weg ging zitten. Als je tekent, breng je iets driedimensionaals terug naar een tweedimensionaal vlak. Daarvoor moet je dingen weglaten en dingen toevoegen. Daar wilde ik vanaf. Nu maak ik collages. Als ik met foto's werk, werk ik met de werkelijkheid. Die manipuleer ik niet. Wel de manier waarop je de werkelijkheid krijgt voorgeschoteld.

'Je hebt tekentrucs om paarden een karakter te geven. Een warmbloedig dier heeft kleine oren, grote ogen en scherp gesneden hoeven: een Arabier, een paard voor een leider. Een paard met grove benen en brede schoften, is een werkpaard. Een koudbloedig en onverstaanbaar dier, zonder baas. Het straalt autonome kracht uit.

'Mijn huidige werk gaat over oorlog, over ideologie, of preciezer: de vatbaarheid van mensen voor ideologie. Ik gebruik paarden uit de Eerste Wereldoorlog en de Spaanse Burgeroorlog. Paarden die soldaten dragen, paradepaarden en lastdieren. Fascinerend hoeveel gedaantes een paard in de oorlog heeft.

'Een paard hoeft anatomisch niet te kloppen, wil ik er blij van worden. Toen ik in Londen woonde, werd ik steeds naar Piccadilly Circus gezogen. Daar is een fontein met vier meer dan levensgrote bronzen paarden. Ze steigeren, ruiterloos. De benen zijn niet in proportie, ze zijn veel te lang. Maar dat doet er niet toe. Hun lijven zitten vol spanning: je ziet de buikspieren, de aderen die zich spannen. Ze stralen veel kracht uit. Zo prachtig.'

studeerde in 1996 af aan de kunstacademie Arnhem. Ze won in 1997 en 1998 de Koninklijke Subsidie voor de Schilderkunst en ging in 2001 naar de Amsterdamse Rjjksacademie. Sinds 2004 bestaat haar werk uit collages, opgebouwd uit fotomateriaal. Haar nieuwe serie Entanglements heeft als thema ideologie en oorlog. De serie is vanaf september te zien in Galerie tegenboschenvreden, in Amsterdam.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden