OVSE regisseert 'Vredesmars' in Kosovo

Zorgvuldig poetst de Albanees de lens van de kijker op zijn geweer. Dan richt hij van achter een stenen muurtje opnieuw op de kleine Servische menigte die zijn dorp tot op tweehonderd meter is genaderd....

Van onze correspondent

Michel Maas

PRISTINA

In Dragobil wordt donderdag de vrede van Kosovo op de proef gesteld. De 'Vredesmars' wordt de eerste serieuze test voor de vredesbewaarders van de OVSE, en zij weten het. Nijver rijden zij in hun knaloranje jeeps van dorp naar mars en van mars naar dorp. Er moet gepraat worden, niet geschoten. 'We moeten ervoor zorgen dat de vrede een kans krijgt', zalft een diplomatieke waarnemer.

De Serviërs weten dat ze vanuit de vesting worden bekeken - ze kunnen de Albanezen achter hun borstwering duidelijk zien staan. 'Wij zijn niet bang. Wij gaan verder, wij gaan onze broers halen', had Ranko Djinovic, een van de leiders van de mars, ze een kwartier geleden toegeroepen.

Ook toen werden ze bekeken door UCK-soldaten die zich in de huizen en greppels langs de weg hadden verstopt. En toch waren ze verder gelopen 'om hun broers te halen'. Maar voor de geweren van Dragobil houden ze definitief stil.

Donderdagochtend om tien uur hebben zich ongeveer duizend Serviërs verzameld op de markt in de stad Orahovac. Ze staan op met bloed doordrenkte grond: in juli is de stad bezet door het UCK en vervolgens met grof geweld door de Servische troepen ontzet. Meer dan tienduizend Albanezen vluchtten weg voor de gevechten. Tientallen Albanezen werden op hun vlucht gedood. Hoeveel het er precies zijn geweest weet niemand: hun lijken zijn nooit teruggevonden, noch de plaats waar zij begraven werden.

Maar voor deze slachtoffers wordt de mars niet gehouden. De Serviërs lopen voor hun Servische familieleden die tijdens en na de gevechten in Orahovac zijn verdwenen. Veertig Serviërs uit Orahovac en omgeving worden vermist. De Serviërs gaan ervan uit dat zij zijn ontvoerd (en mogelijk gedood) door het UCK. Daar willen ze hen donderdag terug gaan halen: bij het UCK in het dichtstbijzijnde bolwerk, Dragobil.

Waar de mars langskomt worden ramen en deuren gesloten. De Albanezen van Orahovac ontmoeten zo'n grote groep Serviërs het liefst niet op straat. Zij zijn nog niet vergeten hoe ze in juli moesten vluchten of hoe ze zich wekenlang in doodsangst verscholen hielden in hun kelders in de stad. Donderdag zijn ze bang dat er in Dragobil iets gebert. Want dan zullen deze Serviërs naar de stad komen en hier hun woede koelen.

Grimmig, en hier en daar in tranen, beginnen de Serviërs aan hun tocht. Enkele malen stopt de mars. Maar telkens besluit Ranko Djinovic verder te gaan.

Tot bij Dragobil. De oranje pendeldiplomaten van de OVSE slagen erin een compromis uit te onderhandelen. De Serviërs lopen niet verder. Alleen een kleine delegatie mag verder om te praten met een afgevaardigde van het Albanese dorp.

Gepraat wordt op neutraal terrein: bij het tankstation aan de ingang van het dorp - in het zicht van de UCK-soldaten aan de ene en de Serviërs aan de andere kant - staat de Servische burgemeester Kolashinac stijfjes tegenover de Albanese delegatieleider Lulzim Pacarizi. Ze praten. Om de beurt.

Ze zeggen wat er gezegd moet worden. Kolashinac vraagt informatie over de vermisten en Pacarizi geeft die niet. 'Waarom komen jullie hier? In Dragobil zijn geen Serviërs, we weten niets over het lot van deze Serviërs. Er is hier niets. Gegarandeerd', zegt Pacarizi. Ze moeten bij het Rode Kruis zijn, zegt hij. Hij is niet bevoegd. 'En trouwens: waarom hebben jullie geen Albanezen uit Orahovac meegenomen? Er zijn ook hele Albanese families verdwenen.'

Als zij vruchteloos zijn uitgesproken gaan de delegaties uit elkaar. Handen worden niet geschud. Oranje jeeps begeleiden de mannen ieder terug naar hun kant. De UCK-soldaten staan nog steeds met de geweren in de aanslag, maar op de Servische woordvoerders wacht bijna niemand meer. De meeste demonstranten zitten al in bussen die ze terugbrengen naar de stad. Het wordt snel donker, en als het donker is wil niemand meer hier buiten zijn.

'Dit is een enorm succes', glundert een Britse waarnemer. 'Als je bedenkt dat deze twee partijen elkaar volstrekt niet vertrouwen, is het een klein wonder wat hier is gebeurd. Ja, vandaag was een goede start voor het OVSE.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden