Overwinning op verlegenheid

Hij stopte net als Kees van Kooten met televisie en houdt nu dagelijks op internet een weblog bij: Bieslog, met commentaren op de wereld....

OVER de breuk met Kees van Kooten kan hij kort zijn. 'Het was ingrijpend, maar het is nu anders. Ik ga dat in het openbaar niet op een andere manier zeggen. Het was uniek, ik denk er met de warmste gevoelens aan terug. Ik zit vol met herinneringen. We hebben het veertig jaar gedaan, vanaf school. Maar we zijn niet meer bij elkaar en dus moet ik zelf maar wat ontwikkelen. Het is gewoon niet anders.'

Wim de Bie (62) zit rechtop in zijn stoel. Zijn zwarte leren jas houdt hij aan. Vragen naar Kees van Kooten, daar houdt hij niet van. Of hij ooit loskomt van Van Kooten? 'Nee.' Stilte. 'Nee.'

Voor het eerst sinds hun scheiding in 1998 stopt ook Wim de Bie na Kees van Kooten met televisie. Vorige zomer zegde hij een geplande programmaserie af bij de VPRO, en kort geleden gaf hij de brui aan een tweede reeks. 'Ik had het gevoel dat ik iets moest afsluiten. Ik moest hoe dan ook van vorm veranderen.'

Hij gooit het op een ander medium: internet. Sinds 1 maart zit hij er officieel op. Hij maakt er een weblog, Bieslog, waarin hij dagelijks commentaar geeft op de wereld. Een dagboek op internet. In korte, mooie zinnetjes fileert hij er het nieuws, televisieprogramma's, de kranten, de verkiezingen. Het zijn kleine columns - soms maar één zin lang - melancholisch of grappig van toon. Hij voelt zich een observator. 'Vanaf mijn tiende geef ik al commentaar op wat er gebeurt.' Ook maakt hij foto's van de lucht in zijn achtertuin, of van een duinlandschap. Als motto plaatste hij een gedicht van Lucebert.

Maar zijn verleden glipt er onmiskenbaar doorheen: De Bie maakt van Bieslog een klein tv-station. Op de site zet hij ook sketches, typetjes, interviews en filmpjes. Het eerste filmpje dat hij maakte, is er alweer af. Niet leuk genoeg, vond hij. Wat hij wil? Bescheiden: 'Een beetje prikkelen. Een andere blik op een onderwerp geven. Dat zou mooi zijn.'

Voor de interviews zal hij erop uitgaan. Zich als een journalist met microfoon of DV-camera onder de mensen begeven. Het betekent een overwinning op zijn verlegenheid. 'Ik heb dat eigenlijk nooit gedurfd. Alleen in mijn radiojaren deed ik het wel. Maar ik ben niet het type dat snel en brutaal zijn weg vindt. Dat zal me nog moeite kosten. Misschien wordt het niks, maar ik moet ook niet, ik heb het zelf verzonnen, dus ik kan er ook weer van af.'

Die mensenschuwheid zit er al langer in, hoewel hij altijd het podium blijft zoeken. 'In de begintijd kwam ik niet buiten na een uitzending. Dat durfde ik niet aan. Daar ben ik nu wel aan gewend. Bepalen of het goed was of niet, dat moet je helemaal zelf doen.'

De Bie houdt niet van grote woorden. Hij huivert van clichés. Hij schuwt pretenties en grootse theorieën over de betekenis van zijn werk. Liever relativeert hij alles tot op het bot. Tot er bijna niets meer overblijft. Gnuivend vertelt hij hoe hij op straat altijd wordt herkend als Van Kooten. 'Als mensen me zien, spreken ze me aan met Kóót! Hé, Koot! Kootjeeee.'

Zijn relativerende trekjes lagen misschien wel aan de basis van het succes dat hij had met Van Kooten. In de nimmer ophoudende reeks van satirische tv-programma's (1969-1998) als Hadimassa, Het Gat van Nederland, Simplisties Verbond, Keek op de Week, Krasse Knarren ontleedden ze pretenties, ontmaskerden ze mediageilheid, zetten ze Nederland neer. De programma's dreven op eenvoud.

Het leidde tot hilarische, rake creaties en uitdrukkingen die meermalen een plaats kregen in het woordenboek. Ze bedachten het schimmige duo Jacobse en Van Es, de immer op de voorgrond tredende wethouder Hekking uit Juinen, de vieze man, de mensenschuwe meneer Foppe, Ab, Cor & Cock van der Laak ('Hou je d'r buiten Cock'), Carla en Frank van Putten ('Ik heb geen vriendin. Daar ben ik voor behandeld'), zwerver Dirk, oudere jongeren Koos Koets ('Mozeskriebel') en Robbie Kerkhof, prof.dr.ing. Akkermans en dr. Clavan. Tot driemaal toe wonnen ze de Nipkow-schijf voor hun werk.

Maar Van Kooten wilde uiteindelijk het strakke keurslijf van de televisie verlaten, en De Bie kon niet anders dan zich daarin schikken. Hij ging alleen door met televisie en maakte achtereenvolgens Spreker: Wim De Bie, De Bunker van De Bie, Nachtcrème en Beetje laat. Stoppen? 'Daar denk ik helemaal niet aan.'

'Ik dacht in eerste instantie: ik ga het rigoureus anders doen. Ik stop met alle typetjes. Dat werden die lezingen vanuit het Vakbondsmuseum, een satire op het nationale debat. Daar heb ik me zwaar op verkeken. Dat was een misgok, in die zin dat de mensen helemaal niet wisten dat er een nationaal debat wás. Die vroegen zich af waar ik het over had. Ik zou dat nu veel scherper hebben gedaan. Maar elke week een conference van 35 minuten was een beetje veel. Dus daar slopen de typetjes weer binnen. Daar kwam de samenwerking met Annet Malherbe uit voort. Dat werd wel een spannende serie.'

In zijn programma's komt één ding altijd terug: de legendarische woede-aanvallen van De Bie. Over onrecht, klein leed, consumentenongemakken wond hij zich tot in het absurde op, onder het masker van zijn typetjes. Schuim op de mond, spuugklodders en uitslaande geluidsmeters. 'Op tv zag je dat niet, maar ik was drie straten verderop te horen. Die types, die schreeuwden heel erg hard.'

Niets lekkerder dan dat, zegt Wim de Bie. Niets lekkerder dan een hele straat die kijkt en denkt: wat gebeurt hier? 'Als het gebeurde, ging de ploeg vaak even weg. Dan werd de camera aangezet en kon ik alleen tetteren. Zoiets moet er toch authentiek uit komen.' Nog steeds wordt eraan gerefereerd. 'Doet u eens boos, vragen mensen dan aan me.'

Maar het gebeurde altijd en alleen voor een camera. 'In het echt zou ik het nooit van mijn leven durven. O nee. Aanstellerij, daar hou ik helemaal niet van. Ik probeer zoveel mogelijk onopgemerkt en gedekt door het leven te gaan. Geen opvallend gedrag te vertonen.'

De woede die hij in zijn typetjes stopt, is wel oprecht. Heel soms, als hij echt geen andere vorm kan vinden, is hij zichzelf. Vorige week nog wond hij zich op over een rapport waarin stond dat ouderen in verpleeghuizen niet genoeg te eten en te drinken kregen. 'Dat is een onderwerp dat me heel erg aanspreekt, en dan voel ik me ineens woedend. Nee, echt. Wóe-dend. Ik heb er iets over gezegd in Met het Oog op Morgen, maar ik hield me vreselijk in. Anders ga ik over de schreef.'

Meestal probeert hij dit soort emoties 'binnenskaders' te houden. Toch kreeg hij door zijn typetjes een bepaald imago. 'Ik was de straight man in het duo, ik wist hoe het in elkaar zat. Ik word vaak gevraagd voor forums, debatten, lezingen. Dat doe ik dus echt helemaal niet. Ik weet veel over hoe de maatschappij in elkaar zit, denkt men. Ik weet waar het met Nederland heen gaat, maar een essay schrijven over een onderwerp? Dat lukt mij dus helemaal niet.

'Ik moet dat nu echt toegeven. Tot voor kort dacht ik dat alles nog kon, maar nee. Het lukt me níet. Ik word er gek van. Ik kan wel een idee hebben, maar het moet zich vertalen in een typetje, een dialoog of een scène. Het moet een luchtige vorm krijgen. Anders wordt het grotesk. Dan kan ik het niet vertellen.'

Niettemin streeft hij in Bieslog naar een steeds scherpere toon. 'Nu zal ik nog meer eigen meningen moeten gaan formuleren. Het moet dagelijks, en het moet persoonlijk. Je geeft jezelf bloot, dat heb ik wel ontdekt (De Bie draaide een halfjaar lang proef, red.). Dat is moeilijk, ja. Ik ga iets doen waarvan ik me afvraag of ik het wel kan. Maar dat is juist de.... - o nee, niet dat woord: uitdaging.'

Zijn weblog ziet hij als een volledige breuk met het verleden. 'Ik heb het gevoel dat ik alles heb afgesloten.' Hij beheert de site vanuit zijn tuinhuisje - het voormalige schuurtje van een van zijn typetjes, de miskende wetenschapper Walter de Rochebrune - maar zijn microfoon, minidisk, opschrijfboek, camera en computer zijn draagbaar. De Bie wil af en toe met zijn twee koffertjes de duinen in. Naar zijn tuinhuisje midden in het reservaat waar hij het liefst bivakkeert. 'Een prachtige plek. Maar ik ben geen kluizenaar hoor.'

Toch, zegt De Bie, zal hij waarschijnlijk wel eindigen als een eenzame man in een vlierbosje. 'Als het lot mij zeer onwelgevallig is, en alles loopt fout, zit de mogelijkheid erin dat ik eindig als zonderling. Dat zit er diep van binnen in. Maar er zitten valsige kantjes aan om dat in het openbaar te vertellen. Dat is moeilijk uit te leggen. Maar hoe kan iemand nou de publiciteit zoeken en tegelijkertijd roepen dat hij het liefst in een bosje in de duinen zit? Dat is gewoon een nummer. Dat is satirisch niet in orde. Mijn stekels gaan overeind staan van mijn eigen gelul.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden