Overwerk voor de hersenen

Een leeg beeld is geen gemakkelijk beeld, blijkt op de tentoonstelling Essentially Absent in Den Haag. Wie het goed aanpakt, zoekt voortdurend de grens op tussen betekenisvol en een minimum aan informatie....

Merel Bem

Present Absence heet de videoprojectie van kunstenares Katja Mater, wat ‘aanwezige afwezigheid’ betekent. Veel valt er niet te zien. Een lege ruimte licht een, twee seconden blauwig op en verdwijnt dan weer in de duisternis. Er is niemand te bekennen in dat ene ogenblik dat je je ogen de kost kunt geven.

Het zou een kelder kunnen zijn – maar waarom? Waarom geen lege galerie, een oude fabriek? Niets wijst erop dat dit een kelder is, en toch kan deze verlaten ruimte op dit moment niets anders zijn dan een enge ondergrondse bunker ergens in Oostenrijk, afgesloten voor de buitenwereld.

Present Absence. Wat een goede titel. In deze verlaten ruimte, die op zichzelf genomen niets voorstelt, is de afwezigheid van dingen, van mensen, van licht, zo overweldigend dat je haar bijna zou personifiëren. ‘Afwezigheid’ is de enige die hier volop aanwezig is. En in die oningevulde ruimte krijgt de fantasie vervolgens vrij spel. De betekenisloze leegte is de kiem voor duizend-en-één op hol geslagen interpretaties, die, wanneer je ze allemaal zou loslaten in die ene ruimte, behoorlijk wat drukte zouden veroorzaken.

Het werk van Katja Mater is te zien op de groepstentoonstelling Essentially Absent in Den Haag. Hier, in Nest, de expositieruimte van kunstenaarsbroedplaats DCR, zijn nog meer foto’s en films samengebracht die op de een of andere manier gaan over afwezigheid. De afwezigheid zelf kan het onderwerp zijn, zoals in het werk van Marleen Sleeuwits, die veronachtzaamde en doorgaans genegeerde plekken fotografeert, waar geen mens te bekennen is.

Het kan ook zo zijn dat het onderwerp zelf afwezig is. Gert Jan Kocken legde voor zijn serie Disaster Areas gebieden vast die in het verleden zijn getroffen door rampzalige gebeurtenissen. Het vuur in de Mont Blanc tunnel dat in 1999 ruim veertig mensen doodde. Het kapseizen van de Herald of Free Enterprise bij Zeebrugge eind jaren tachtig: 192 mensen verdronken. Het verkeersongeluk in de Oostenrijkse bergen in 1999, waarbij twaalf mensen omkwamen.

Van die gebeurtenissen zelf is niets meer te zien op de grote overzichtsfoto’s van Kocken. De zee bij Zeebrugge is kalm en blauw, de berglandschappen ogen fris en lieflijk. Het daadwerkelijke onderwerp is vanuit dit vogelperspectief volledig verdwenen, eventuele herinneringsmonumenten zijn niet te zien. Maar weet je eenmaal waar de fotoserie over gaat, dan vult zich de blauwe lucht alsnog met de zwartste scenario’s, zoeken de ogen in het landschap naar manieren om te ontsnappen aan vuur of water.

De tentoonstelling in Den Haag werd samengesteld door Margareth Doorduin (1974) en Eelco van Lingen (1971), beiden kunstenaar. Het werk van Doorduin vormde de basis voor Essentially Absent.

Haar foto’s tonen vrouwen in gebloemde jurken die zo werden gefotografeerd dat het lijkt of ze geen hoofd meer hebben. Uitstulpingen – armen, benen, vingers, neuzen – vallen door de felle prints die de lichamen omhullen minder op, verdwijnen als het ware uit beeld. Wat overblijft zijn afgeronde vormen die doen denken aan weelderige beeldhouwwerken. Sculpture heet Doorduins serie dan ook.

Dit is weer een heel andere invulling van het onderwerp ‘afwezigheid’ in de fotografie. Niet onheilspellend, niet zwart. Eerder een vormenstudie, een onderzoek naar hoe ver je op een foto kunt gaan met het weglaten van informatie. Wanneer is een lichaam nog een lichaam? Als het geen benen meer heeft? Het is een delicaat zoeken naar het punt waarop het beeld onbegrijpelijk, dan wel nietszeggend wordt. Want de afwezigheid van het onderwerp kan ook zover worden doorgevoerd dat je je kunt afvragen of de foto überhaupt nog wel betekenis heeft.

Krista van der Niet en Wouter van Riessen spelen wat dat betreft een ragfijn spelletje met hun publiek. Van Riessen vindt al jaren voldoening in hetzelfde onderwerp: zichzelf. Tenminste – hij is het die figureert op zijn eigen schilderijen en foto’s. Maar nooit maakte hij een zelfportret. Zijn dagelijkse gezicht is eigenlijk nooit te zien, hij presenteert zichzelf als pop.

In Nest hangen ‘zelfportretten’ met houten maskers die slechts in de verte nog Van Riessens uiterlijke kenmerken hebben. Slechts Van Riessens ogen kijken door de gaatjes, een oor is echt, een hand ook – de rest is feitelijk afwezig.

Hoeveel heeft een portret nodig om zelfportret te zijn? En omgekeerd: geeft een ‘echt’ zelfportret wel alle informatie die je nodig hebt?

Even verderop hangt een nieuw werk van Krista van der Niet. De foto is voor het grootste deel wit. Een smetteloze kledingkast. Door de smalle opening tussen twee deuren piepen drie strookjes mannenoverhemd, keurig gestreken, op kleur uitgekozen en nauwkeurig zo geënsceneerd. Een control freak? American Psycho?

Hoeveel informatie heeft een mens nodig? Niet veel, zo blijkt. Een miniem beetje om het plaatje in je hoofd af te maken. Een oor van Wouter van Riessen, zijn rode ogen – ze zijn genoeg om de fantasie in werking te zetten, om te gaan psychologiseren.

Afwezigheid van informatie is overwerk voor de hersenen. Afwezigheid suggereert aanwezigheid, veroorzaakt spanning, hartkloppingen. De lege hotelgang in The Shining brengt – geholpen door de filmmuziek – kippenvel teweeg omdat de verlatenheid zo tastbaar is dat zij de gedaante aanneemt van allerlei engs. Hoe leger de ruimte, hoe meer die kan worden gevuld met betekenis. Mits het beeld door de beeldenmaker goed werd uitgevoerd natuurlijk.

Die laatste opmerking lijkt wellicht een open deur. Maar een leeg beeld is geen makkelijk beeld. Wouter van Riessen heeft waarschijnlijk uren gedubd over of hij die ene hand nu wel of niet in beeld moest laten komen. Gert Jan Kocken maakte niet zomaar een kiekje van een rampenplek waar de sporen van de ramp allang zijn uitgeveegd.

Het was een paar jaar geleden ‘in’ om lege ruimtes te schilderen en te fotograferen. In navolging van bijvoorbeeld de schilder Luc Tuymans probeerden tientallen kunstacademiestudenten op weinig verrassende wijze hun onderwerp als het ware uit te benen tot de essentie. En om daarbij een bepaalde mate van spanning, van suspense, op te roepen. Dat woord werd vervolgens zo vaak gebruikt, dat het leeg en betekenisloos werd.

Van een herleving van die truc is op Essentially Absent gelukkig geen sprake. De spanning die het publiek hier ervaart, wordt veroorzaakt door kunstwerken die nog lang na het bezoek blijven hangen. Omdat ze in feite allemaal een zoektocht verbeelden naar het moment waarop afwezigheid en leegte omslaan in betekenis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden