Overvaller krijgt identiteit terug

In Dog Day Afternoon, een film van Sidney Lumet uit 1975, speelt Al Pacino een jonge bankovervaller met een zonderling motief....

Werkelijkheid en televisie smelten gaandeweg samen tot een spannende aflevering van reality televisie, waarin de politie, de gegijzelden en het koor gevormd door de toegestroomde menigte, steeds beter in hun rol zitten. De romantische bankrover, die zorgzaam met de gegijzelden omgaat en in staat is om tegenover een zwaar bewapende politiemacht de regie in handen te houden, is de held van de dag.

De film is op ware gebeurtenissen gebaseerd, voorgevallen in de zomer van 1972 in Brooklyn, New York. Het scenario volgt getrouw de televisiebeelden, alleen zijn de rollen sterker aangezet en is het werkelijke tijdsverloop van het drama samengeperst in nog geen anderhalf uur.

Er is geen happy end. De bankrover, die in het echt John Wojtowicz heette, kreeg twintig jaar gevangenisstraf. Maar toch was het niet voor niets geweest. Van het geld dat Wojtowicz kreeg voor de rechten van zijn verhaal kon een paar jaar later de operatie doorgaan. De geliefden trouwden in de gevangenis.

De Franse kunstenaar Pierre Huyghe (Parijs, 1962) maakte een nieuw kunstwerk op basis van deze gegevens, die hij The Third Memory noemde. Hij filmde Wojtowicz, nu dik en middelbaar, die in een schematisch aangegeven bankinterieur de overval en de gijzeling naspeelt. Wojtowicz behandelt het gegijzelde bankpersoneel - op aanwijzingen van Huyghe - alsof het marionetten zijn die geen enkele emotie verraden. Het gaat Huyghe alleen om de herinnering van Wojtowicz zelf. De opnamen, die enkele minuten duren, vermengde hij met korte flitsen uit de film waarin Al Pacino dezelfde scène speelt.

Het resultaat is als onderdeel van een installatie te zien in het Van Abbemuseum. De rest van de installatie bestaat uit krantenpagina's met verslagen en foto's van de overval, de video-opname van een talkshow waarin de transseksuele minnaar na haar operatie aan het woord is en nog enkele knipsels waarin de New-Yorkse gay community op de film reageerde.

Er is ook een open brief aan de kranten van Wojtowicz uit de gevangenis, waarin hij zich beklaagt over de onderbelichting van zijn edele motieven ingegeven door liefde en vriendschap.

Het is misschien flauw om te zeggen, maar zelfs al deze documenten maken niet duidelijk wat Huyghe nu eigenlijk wil bereiken. Pas na het lezen van enkele zwaarwichtige teksten uit het Frans/Engelstalige boekje The third memory/ La leçon de Stains, te koop in het museum, wordt duidelijk dat Huyghe de film Dog Day Afternoon als een product van de verwerpelijke Amerikaanse vrijetijdsindustrie beschouwt. De film heeft Wojtowicz zijn 'identiteit' ontnomen en Huyghe geeft hem die nu terug.

Nog afgezien van de vraag of en kunstwerk dat zoveel toelichting behoeft wel geslaagd is, is er een ander probleem dat Huyghe links laat liggen. Wojtowicz heeft zijn identiteit maar al te graag afgestaan. Zijn daad, zijn latere reactie op de film, zijn medewerking aan de opnamen van Huyghe tonen hem als een exhibitionist, die met volle teugen genoot van de aandacht van de media.

Dan is er ook nog de kwestie van de herinnering. Wojtowicz is net zo beïnvloed door de film als het publiek. Hij speelt nu, bijna dertig jaar later, de bankovervaller na die Pacino speelde, op zijn beurt weer geïnspireerd door de televisiebeelden van destijds.

Pacino is een groot acteur, maar ook Wojtowicz speelde zijn 'rol' toen veel beter dan nu. Alles was echt: de spanning, de interactie met de gegijzelden en met de omstanders die als ware supporters Wojtowicz aanvuurden zodat hij van underdog kon uitgroeien tot held van één dag.

De tentoonstelling in het Van Abbemuseum laat nog andere voorbeelden zien van 'ontnomen identiteit'. Het duidelijkste verhaal is dat van de zangeres die aan Walt Disney's Sneeuwwitje haar stem had gegeven. Terwijl op de achtergrond het onvergetelijke liedje Some day my prince will come klinkt, verhaalt een aardige blonde dame hoe ze de rechtszaak won waarin ze opnieuw honorarium eiste toen de nieuwe, opgefriste versie enkele jaren geleden uitkwam. Ze was tevreden. Einde verhaal.

Huyghe, van wie in 1989 in de Rotterdamse galerie Witte de With werk te zien was, is een kunstenaar die bij de late uitlopers hoort van een stroming aangeduid als 'appropriation art'. Door kunstwerken na te schilderen of te fotograferen, onteigenden kunstenaars het werk van voorgangers. Het idee achter deze werkwijze is dat originaliteit een mythe is, bedacht in de romantische negentiende eeuw.

Een beroemd en vroeg onteigenend werk is Duchamps Mona Lisa met een snorretje uit 1919, maar de grote bloei vond in de jaren zeventig en tachtig plaats. Kritiek op de massamedia was nauw met deze richting verbonden, die zowel in ironische kunstwerken (Rauschenberg) als zwaarwichtig commentaar kon resulteren. Appropriation art is nu wel uitgebloeid, (net als de afkeer van de Amerikaanse cultuur) maar in de Franse, postmoderne literatuurkritiek zijn er nog sporen van te vinden.

Huyghe die straks op de Biënnale van Venetië Frankrijk vertegenwoordigt, is een van die vertegenwoordigers van deze stroming. Zijn ongenoegen met de 'vrijetijds industrie' die het publiek zijn vrije wil ontneemt, toont hij door zijn installaties zo op te stellen dat de bezoekers zich in een groot winkelcentrum wanen.

Waren de winkelcentra echter zo saai en onaantrekkelijk als de ruimtes die Huyghe in het van Abbemuseum heeft ingericht, dan zou geen mens er meer een voet zetten. Er komt heel wat meer raffinement en inspanning bij kijken, om het publiek met 'verborgen verleiders' te manipuleren. Voor kunst geldt iets vergelijkbaars: zonder betovering, illusie, bezit zij niet de kracht om de werkelijkheid zichtbaar te maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden