'Overmoed, dat is het kernbegrip van deze crisis'

Naar Balkenende wil Christiaan Weijts (36, van de 'alles fun'- generatie) niet ruiken, maar moraliseren is onontkoombaar. 'Om van het leven te genieten, moet je er niet te veel van genieten.'

Het is 1991. Het jaar van de Golfoorlog, het jaar waarin Nirvana's album Nevermind verschijnt. Christiaan Weijts is 15 en gaat naar het Stedelijk Gymnasium in Leiden. 'Ik voelde me alsof ik op een gezegend en afgebakend deel van de wereld leefde, waarop ellende geen invloed had. De Hutu's en Tutsi's, dat was ver weg. Alles wat op een conflict leek, was ver weg. Wij zouden het alleen maar beter krijgen.'


In de jaren negentig was het 'altijd carnaval', zegt Weijts (nu 36). 'Mijn generatie is gewend op de pof te leven. Ze zijn gewend dat alles fun is, en leuk, en te gek. Dat is onhoudbaar.' De oorzaak van de economische crisis is dan ook moreel, zegt Weijts. 'En dus moeten we met een morele oplossing komen, in plaats van krediet in de economie pompen. Overmoed, dat is het kernbegrip van deze crisis. De remedie is te vinden bij de klassieke deugden: gematigdheid, bijvoorbeeld. Om van het leven te genieten, moet je er niet te veel van genieten. Ik besef dat het heel moralistisch klinkt, maar ja, fuck it.'


Weijts wil niet als een moralist klinken, zegt hij herhaaldelijk tijdens het gesprek in een café aan het Lange Voorhout in Den Haag. Dat woord ruikt naar normen en waarden, naar Balkenende - en daar wil Weijts niet naar ruiken.


De klassieke deugden, de crisis, de jaren negentig - het zijn belangrijke ingrediënten van Euforie, Weijts' laatste roman. Hij is ermee genomineerd voor de BNG Nieuwe Literatuurprijs, die donderdag wordt uitgereikt. De hoofdpersoon, Johannes Vermeer (verre familie), is niet voor niets architect, dus lid van de beroepsgroep die het hardst door de crisis is getroffen. Architecten zijn, volgens Weijts, ook de laatste echte generalisten; een goede architect is een homo universalis, alfa en bèta tegelijk.


Vermeer is toevallig in de buurt als een aan Al Qaida gelieerde groepering een aanslag pleegt in een Haagse metrotunnel. Hij redt een man, een gebeurtenis waarover hij zwijgt tegen zijn vrouw en collega's. Als het architectenbureau van Vermeer meedoet aan een prijsvraag, hopend dat hun ontwerp op de plek des onheils wordt gebouwd, zetten zijn collega's hem onder druk om zijn persoonlijke betrokkenheid bij de aanslag uit te buiten.


Het andere deel van het boek draait om de verliefdheid, of obsessie, die Vermeer op 15-jarige leeftijd ontwikkelde voor Isa, zijn klasgenootje op het gymnasium. Een krakersmeisje met grote borsten, object van zijn fantasie en bron van seksuele frustratie. Weijts: 'Heet dat in de psychologie niet een hoer-heiligecomplex? Het is een houding die je bij sommige Italiaanse mannen ook ziet. De vrouw wordt tegelijkertijd verheerlijkt en geminacht.'


De ontvangst was wisselend; waar NRC Handelsblad het boek onontkoombaar looiig noemde, door de vele zijpaden en uitweidingen over architectuur, prees Vrij NederlandEuforie als het beste Nederlandstalige boek van vorig jaar. Een 'antipopulistische, nadrukkelijk elitaire roman', vond recensent Jeroen Vullings.


Is het een elitair boek?

'Dit boek is doordesemd van cultuur, geschiedenis, klassieke oudheid. Als dat elitair is, is mijn boek elitair. Kunst is per definitie een elitair gebeuren, misschien moet dat ook maar eens gezegd worden. Wij zijn tegenwoordig gewend om achterover te leunen en te consumeren. Ik werk al hard genoeg, als ik thuiskom wil ik in een schuimbad liggen met Fifty Shades of Grey - dat idee. Kunst waar je geen inspanning voor moet leveren, heeft geen waarde.'


Een hele passage in onvertaald Latijn, zoals in Euforie, kan ook afschrikken.

'Dat gebeurt maar één keer en dat heeft een functie. De docent, mevrouw Stam, leest in die scène Ovidius voor. Ik wilde dat dat op de lezer hetzelfde effect zou hebben als op een 15-jarige die het aanhoort - die begrijpt er namelijk ook geen barst van. Maar goed, ik koos natuurlijk bewust voor een passage met Daedalus, de architect, en zijn zoon Icarus.'


Als ik als niet-gymnasiast zo'n passage zie, wat wil jij als schrijver dan dat ik doe?

'Als je het interessant vindt, kun je op Google snel een vertaling vinden. De functie die het heeft is om het gymnasiummilieu te schetsen, een milieu waarin een geheimtaaltje wordt gesproken. En als het te erg afschrikt, en de lezer Fifty Shades of Grey er weer bij pakt, dan vind ik dat geloof ik niet eens erg. Dan heeft zo'n stuk Latijn een functie: ziezo, jongens, nu zijn we eindelijk met geïnteresseerde lezers onder elkaar.'


Ja, misschien is Weijts wel elitair. Hij keert zich, in Euforie maar ook in zijn columns voor nrc.next, nadrukkelijk tegen de Idols-cultuur. 'Ik heb de neiging me te verdedigen, maar het zou geen scheldwoord moeten zijn.'


Eigenlijk zeg je: het volk weet niet wat mooi is.

'Het is treurig om te constateren, maar als je het volk zijn gang laat gaan - en dat doen we - krijg je lelijkheid. In Den Haag pimpen veel mensen hun auto's, met stickers, spoilers, toestanden. Verschrikkelijk. Als ik rond Kerstmis door de straten loop, verbaas ik me over de lelijkheid, die massale aanwezigheid van led-lampjes. Mijn hoofdpersoon vraagt zich af: hoe kun je in deze wereld iets maken wat door iederéén mooi wordt gevonden?'


Johannes Vermeer staat in Euforie voor het dilemma: wel of niet zijn persoonlijke verhaal uitventen om professioneel gewin te bereiken? Ook schrijvers staan soms voor die keuze - Weijts weet ervan.


Je bent veroordeeld voor stalking van een ex-vriendin, maar hebt dat verhaal nooit uitgebuit om je debuut Art. 285b, over hetzelfde onderwerp, onder de aandacht te brengen. Was dat een bewuste keuze?

'Ik twijfelde. Toen heb ik in een dronken bui een persberichtje in elkaar geknutseld, vlak voor de rechtszitting. Het boek was toen nog niet af. Er kwam één journalist, van Het Parool. Die schreef een bericht: 'Schrijver gebruikt eigen stalkingszaak voor boek'.


'Later, toen Art. 285b als boek was verschenen, besloot ik er niet veel meer over te zeggen. Een persoonlijk verhaal werkt vooral als je aan de andere kant staat, als je slachtoffer bent. En het verhaal was zo spectaculair ook niet, als je bedenkt hoeveel mensen er voor dat soort dingetjes worden veroordeeld. Het was niet om artistieke of principiële redenen dat ik dat verhaal niet heb willen vertellen. Zo nobel was het niet. Ik schaamde me er gewoon voor.'


Erover schrijven was niet ongemakkelijk?

'Nee, want dan heb je de controle. Schrijven over dingen die genant zijn, levert vaak goede literatuur op.'


Terug naar begin jaren negentig, de tijd van voor de mobiele telefonie en alomtegenwoordig internet.


Weijts: 'Toen zat je naast de telefoon, die van je ouders, te wachten tot er iemand belde. Als je afsprak, moest je afwachten of de ander kwam opdagen. Vroeger moest je naar de kiosk om een blote vrouw te zien en op die paar plaatjes moest je vervolgens alles projecteren. Tegenwoordig halen kids met een paar muisklikken harde porno binnen. Verlangen stuit onmiddellijk op de bevrediging ervan. Het krijgt geen tijd om uit te groeien tot écht verlangen.'


Als de 15-jarige Johannes Vermeer uit Euforie toegang had gehad tot internet, was hij dan verliefd op Isa geworden?

'Zou heel goed kunnen van niet. Als hij naar internetporno had kunnen kijken, had hij minder over Isa gefantaseerd. Hij had dan niet het vermogen ontwikkeld een interne wereld te scheppen. En dus was hij misschien ook geen architect geworden. Technologie beperkt onze fantasie. Daarom zeg ik tegen mijn zoontje van 3: zo min mogelijk televisie. Ik geef hem liever een schoenendoos. Maar dit klinkt weer vreselijk cultuurpessimistisch.'


Christiaan Weijts: Euforie

Arbeiderspers; 452 pagina's; € 21,95.


ONDER DE 40 EN ONDER DE RADAR

De BNG Nieuwe Literatuurprijs is een prijs voor auteurs jonger dan 40 jaar die nog niet zijn doorgebroken. Winnaar in 2005 was Esther Gerritsen, in 2006 Yves Petri, in 2007 Sanneke van Hassel, in 2008 Rachida Lamrabet, in 2009 Carolina Trujillo, in 2010 Gustaaf Peek en in 2011 Jan van Mersbergen. Behalve Christaan Weijts zijn dit jaar genomineerd: Auke Hulst met Kinderen van het ruige land, Joost Vandecasteele met Massa en Annelies Verbeke met Veronderstellingen. De uitreiking is donderdag 7 februari om 16.30 uur in de Amstelkerk, Amsterdam.

CV Christiaan Weijts

4 mei 1976 Geboren in Leiden


1994-1999 Studie Nederlands en literatuurwetenschap aan de Universiteit Leiden


1999-2007 Redacteur universiteitsblad Mare


2003 Sluitingstijd, bundeling van columns voor Mare


2006-heden Columnist nrc.next


2006 Art. 285b, romandebuut (genomineerd voor AKO Literatuurprijs en De Gouden Uil, winnaar van de Anton Wachterprijs)


2008 Via Cappello 23 (genomineerd voor de AKO Literatuurprijs en De Gouden Uil, winnaar van de Gerard Walschapprijs)


2008-heden Columnist De Groene Amsterdammer


2012 Euforie (genomineerd voor BNG Literatuurprijs, uitreiking op 7 februari)


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden