Opinie

'Overheid heeft geen benul van de social media-campagne van IS'

'De overheid kan en moet haatzaaiende berichten niet 'uit de lucht halen' in de strijd tegen jihadisten', schrijft student Holocaust- en Genocidestudies Koen Kluessien. Het is juist zaak de online campagne van IS te bestuderen. 'Veelal hoogopgeleide westerse moslims die heel goed weten wat ze doen zitten achter deze ingenieus georkestreerde digitale oorlog.'

Een screenshot van het Twitteraccount @LifeofMujahid, een twitteraar die zich voordoet als jihadstrijder in Syrië. Het is niet te controleren of deze persoon daadwerkelijk vanuit Syrië twittert. Sympathisanten van IS zijn bedreven in het inzetten van sociale media bij het verspreiden van hun jihadistische boodschap. Beeld @lifeofmujahid

Terwijl het geweld in Irak en Syrië voortwoedt weigert een aantal Europese overheden in te grijpen. Intussen is de Nederlandse regering druk met symptoombestrijding. Sinds de video's van de onthoofdingen van de Amerikaanse journalisten James Foley en Steven Scotloff door de Islamitische Staat (IS) verspreid werden over het internet, is de overheid in actie gekomen.

Want nu zijn ook westerlingen het doelwit geworden van de agressieve mediaoorlog van IS. Nederland ziet zich genoodzaakt zich te verdedigen tegen de constante aanwas van de online IS-propaganda. Het is de vraag of de overheid een kans maakt.

IS-jihadi's maken veel gebruik van Twitter en YouTube en beide media hebben hun uiterste best gedaan, met weinig resultaat, de profielen die haat zaaien te blokkeren. Voor elk geblokkeerd profiel verschijnt een aantal andere en zelfs al wordt een profiel geblokkeerd, de link uit het bericht kan tot in de eeuwigheid verder worden gedeeld. De Nederlandse overheid lijkt weinig te hebben geleerd van Twitters worstelingen met de doortrapte manier waarop IS omgaat met social media.

Geen benul
Minister Opstelten van Justitie kwam een week geleden met een actieprogramma dat tot doel heeft 'het bestrijden en verzwakken van de jihadistische beweging in Nederland, en het wegnemen van de voedingsbodem voor radicalisering'. Maar het deel dat betrekking heeft op social media laat zien dat de schrijvers de jihadisten nog beschouwen als barbaren en geen benul hebben van de complexiteit van de social media-campagne van IS.

Volgens J.M. Berger, specialist in het monitoren van extremisten op social media, zou de online propaganda van IS niet onderdoen voor de beste social media-marketingexperts ter wereld. De plotselinge naamsverandering van ISIS naar IS zou dit al laten zien.

Eén van de manieren waarop IS structureel tweets de wereld in stuurt is middels een speciaal hiervoor ontwikkelde applicatie - The Dawn of Glad Tidings - die, eenmaal vrijwillig op een telefoon gezet, de spamfilters van Twitter kan omzeilen en soms wel veertigduizend tweets per dag kan versturen. In Opsteltens actieplan wordt het idee geopperd om een actuele lijst van profielen bij te houden zodat 'gemeenschappen, professionals en ouders' hun omgeving kunnen waarschuwen. Een specialistisch team van de Nationale Politie zal zich richten op de verspreiding van de gegevens en afspraken maken met internetbedrijven over het blokkeren van Twitter-profielen.

De afwezigheid van internationale samenwerkingsverbanden is verontrustend want de politie heeft gewoonweg niet de mankracht om alle online-jihadisten aan te pakken. En dat juist nu het uitgebreide online-spinnenweb van IS intensief bestudeerd moet worden in plaats van het, zoals Opstelten naïef zei, 'uit de lucht te halen'. Want wie zit er achter deze ingenieus georkestreerde digitale oorlog? Geen doorgedraaide terroristen die vanuit hun grot wat met kalasjnikovs en zwaarden naar de camera zwaaien, maar veelal hoogopgeleide westerse moslims die heel goed weten wat ze doen.

Digitaal tijdperk
Veel IS-leden kunnen overweg met Photoshop en andere Adobe-programma's, sommige zijn zelfs professionele graphic designers. Bovendien zijn er veel jonge westerse jihadi's die opgegroeid zijn in een digitaal tijdperk en simpelweg overweg kunnen met computers. Zo is het Letse 'Ask.fm' nog niet heel populair in Nederland, maar wordt het al veel gebruikt door IS-strijders.

Op de site kan een profiel aangemaakt worden om vervolgens elke willekeurige vraag te beantwoorden die de mensen op je profiel aan je stellen. Moslims die overwegen zich aan te sluiten bij IS kunnen de ervaren jihadisten bijvoorbeeld vragen wat ze in hun bagage moeten meenemen. Of wat voor geweer een IS-strijder gebruikt. Deze laatste vraag werd gesteld op het Ask.fm-profiel van de Nederlandse jihadist Yilmaz (@chechclear; het account is inmiddels geblokkeerd, red.) die als Nederlandse ex-beroepsmilitair al sinds 2012 in Syrië is om toekomstige jihadi's te trainen. De vragen zijn vaak banaal, maar schetsen bij vlagen een beeld van het dagelijks leven van een jihadist en de persoon achter het geweer.

Waarschijnlijk is dit het eerste conflict waar een grote hoeveelheid westerse strijders hun belevenissen in real-time publiekelijk beschrijven en nog nooit is het systematisch moorden zo gedetailleerd vastgelegd. Als de overheid daadwerkelijk iets wil doen tegen IS, dan zal de oplossing niet simpelweg liggen in het willekeurig verwijderen van de berichten. De overheid zal niet kunnen wegkijken, maar moet IS recht in de ogen kijken en de extremisten bestuderen.

Koen Kluessien is student Holocaust- en Genocidestudies aan de Universiteit van Amsterdam.

Indiase aanhangers van IS demonstreren in de Indiase stad Srinagar en zwaaien daarbij met IS-vlaggen. Beeld belga
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.