Overdonderende belangstelling voor film Baader en Meinhof

Donderdag gaat in Duitsland wederom een speelfilm in première over een brisante episode van de nationale geschiedenis.

De film is van regisseur Uli Edel en producent/draaiboekauteur Bernd Eichinger: mannen van middelbare leeftijd die ooit sympathie koesterden voor de radicale bestrijders van de muffige Bondsrepubliek – om uiteindelijk ontgoocheld te raken door de geweldsorgie van de Rote Armee Fraktion.

Edel aarzelde over het ambitieuze project, waaraan 175 acteurs en 6.300 figuranten zouden deelnemen. Maar Eichinger haalde hem over met de woorden: ‘Je moet de film maken, hij gaat over onze generatie.’

Dat is mogelijk ook een verklaring voor de overdonderende belangstelling die de film in Duitsland geniet, ondanks het feit dat ze eigenlijk te laat – een jaar na het lustrum van de ‘Duitse Herfst’ in 1977 – uitkomt.

Der Spiegel wijdde er twee weken geleden al een cover aan. Zondag werd in de populaire talkshow Anne Will verhit over de verdiensten en de omissies van Der Baader Meinhof Komplex gedebatteerd. Duitsland zal er volgend jaar een gooi mee doen naar de Oscar voor de beste buitenlandse film.

De persvoorstellingen in acht Duitse steden voorzagen in een grote behoefte. De aanwezigen waren tweeënhalf uur getuige van minutieus gereconstrueerde betogingen, straatgevechten, steeds bloediger terreuraanslagen en de vertwijfelde pogingen van de overheid om greep op de terreur te krijgen.

Op den duur stemt de als documentaire gedraaide speelfilm echter nogal moedeloos: al het menselijke is de terroristen vreemd. De enige held van de film is Horst Herold, de chef van het BKA, de federale recherche (gespeeld door Bruno Ganz). Hij gaat beredeneerd te werk, en probeert een indruk te krijgen van de beweegredenen van de vijand.

Volgens nabestaanden van RAF-slachtoffers, zoals de zoon van de in 1975 vermoorde diplomaat Andreas von Mirbach, is Der Baader Meinhof Komplex te veel vanuit het perspectief van de daders gemaakt. Hans-Jochen Vogel (82), minister van Justitie van 1974 tot ’81, verwijt de makers dat ze therapeutische motieven hebben nagestreefd. In hun fascinatie voor de moordenaars zouden ze de slachtoffers en de overheidsdienaren uit het oog hebben verloren.

En is meer kritiek geuit: dat de kwalijke rol van de DDR – die de terroristen steunde – buiten beschouwing is gebleven, en dat het proces van radicalisering niet invoelbaar is gemaakt. Maar één verwijt kan Edel en Eichinger niet worden gemaakt: dat ze sympathie of zelfs maar begrip voor de daders hebben getoond. Daarmee onderscheidt hun film zich van eerdere pogingen Baader Meinhof te duiden.

Andreas Baader (vertolkt door Moritz Bleibtreu) verkeert in een aanhoudende geweldsextase. Ulrike Meinhof (Martina Gedeck) gaat aan ideële verdwazing ten onder. Gudrun Ensslin (Johanna Wokalek) is, aldus Der Tagesspiegel, ‘een zwaar opgemaakte engel des doods’. Brigitte Mohnhaupt bedient ‘met koude blik het dampende pistool’. Het is echter de vraag of hiermee het debat over de rode terreur zal worden heropend, zoals Der Spiegel suggereerde. Daarvoor zijn de terroristen toch te veel terrorist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden