Over Faust weten we nu wel genoeg

In den beginne was de daad, schreef Goethe in regel 1237 van zijn Faust. Niet het woord maar de daad stond aan de oorsprong van het leven....

Het al sinds jaar en dag in themanummers gespecialiseerde maandblad Bzzlletin heeft een heel dubbelnummer gewijd aan de grote rol van Faust in de westerse literatuur. Een ware stortvloed aan informatie over de meest uiteenlopende 'faustania' wordt over de lezer uitgegoten; half vergeten schoolkennis omtrent de Urfaust van Goethe en het moeizame leven van Mariken van Nieumeghen wordt bijgespijkerd en aangevuld met beschouwingen over de zwarte magiër uit het zestiende-eeuwse Duitse Volksbuch, over de diabolische lichtmis waaraan Sara Burgerhart in de achttiende eeuw haar eer dreigde te verspelen, en over Thomas Mann die als een twintigste-eeuwse Goethe in de componist Arnold Schönberg zijn Doctor Faustus vond.

De veelheid aan faustiaanse figuren met al hun afzonderlijke wetenswaardigheden leidt in Bzzlletin meerdere malen tot een opsomming van juist die academische kennis waarmee Faust geen genoegen wenste te nemen. Gelukkig tonen vooral de langere stukken verbeeldingskracht en betrokkenheid.

Bzzlletin opent met een essay van de classicus Peter Claessens. In grote lijnen geeft hij de belangrijkste kenmerken van het faustische denken weer. De onrust, de melancholie, de lethargie en vooral de idealisering van de mens die midden in het leven staat. Iedere Faust wil actie en ervaring maar, zoals Claessens terecht stelt, het is de paradox van de kamergeleerde: de wereld van de daad met het woord te verheerlijken.

Faust is geen Faust zonder Mefistofoles, door Goethe omgetoverd tot een zwarte poedel. Deze destructieve geest speelt in vele romans en gedichten een hoofdrol en lijkt qua populariteit een geduchte concurrent voor Faust zelf. In 1851 verschijnt in Engeland zelfs een vrouwelijke Mephistophela op het toneel.

Over deze Engelstalige Faust-traditie schrijft August Hans den Boef, en zijn even geestige als goed leesbare bijdrage laat de ontwikkeling zien vanaf het zestiende-eeuwse toneelstuk The tragical History of Doctor Faustus van Christopher Marlowe tot de hedendaagse, Engelse Faust-roman. Als een van de weinigen waagt hij zich buiten de literatuur met een zinvolle verwijzing naar het roemruchte muziektheaterstuk Titties & Beer van Frank Zappa.

Waarom de redactie van Bzzlletin juist nu voor een Faust-special koos wordt niet geheel duidelijk. Faust is weliswaar populair op het toneel (de gewelddadige Faust van de Oostenrijker Gustav Ernst werd in Nederland door De Trust op de planken gebracht) en in de literatuur (Gerrit Komrij publiceerde onlangs nog een prachtige Faust-cyclus), maar deze actuele interpretaties zijn niet als uitgangspunt genomen en komen alleen zijdelings ter sprake.

Ook is het moeilijk een samenhang tussen de artikelen te vinden. Het resultaat is een inspirerend, maar nogal willekeurig nummer. Het is alsof Bzzlletin met gemak nog een tweede Faust-nummer zou kunnen vullen. Van oudsher schrijft Bzzlletin echter alleen over literatuur en neemt het geen verhalen of gedichten op. Maar na negentien artikelen over Faust krijg je toch de behoefte om de man zelf aan het werk te zien.

Het pleit echter voor Bzzlletin dat afgezien van een aantal gelegenheidsartikelen en van een paar blijkbaar niet te vermijden overlappingen de meeste bijdragen zo geschreven zijn dat je de besproken literatuur zelf wil gaan lezen.

Peter Swanborn

Bzzlletin, Uitgeverij BZZToh, 27e jaargang, nummer 256/257, mei/juni 1998, * 15,-

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.