Over Afellay en de kunst van revalideren

Na veertien maanden revalideren, veel langer dan gepland, maakte Ibrahim Afellay (27) zondag zijn rentree bij Barcelona. Wat zijn de valkuilen voor de revaliderende topsporter?

Hij was een bijna vergeten voetballer. Zou Ibrahim Afellay nog terugkeren op topniveau? Daaraan werd ernstig getwijfeld, niet in de laatste plaats door hemzelf.


Daar was hij dan, zondag. Hij stond aan de rand van het veld, klaar om in de 87ste minuut van het competitieduel Barcelona - Málaga (3-0) zijn rentree te maken. En dat na een periode van meer dan een jaar revalideren. De staande ovatie die hij kreeg in Camp Nou vervulde hem met vreugde en trots. Hij was weer speler. Eindelijk.


Het voor topsporters soms uitzichtloos lijkende proces van revalideren heeft veel valkuilen. Drie experts over de meest gemaakte fouten.


Verkeerde diagnose

'Het klinkt simpel, maar alles staat of valt met een goede diagnose', zegt sportarts Peter Vergouwen van Elite Sports Medicine, die talloze topsporters begeleidt. 'Dat klinkt niet spannend, maar veel blessures zijn veel specifieker dan op het eerste oog lijkt.' Een vervolg op de foute diagnose, zegt hij, is een diagnose die niet goed wordt uitgewerkt.


Daarmee raakt Vergouwen de kern van een klacht uit de Afellay-entourage. De aanvaller zou in Duitsland verkeerd zijn behandeld nadat hij een spierblessure had opgelopen in zijn bovenbeen. Dat gebeurde in het oefenduel met Duitsland, op 14 november 2012. Afellay speelde destijds op huurbasis voor Schalke.


Zijn herstel liep fikse vertraging op en de nu 27-jarige voetballer zag het niet meer zitten. Interviews geven deed hij al niet graag, maar Afellay zat dusdanig in de put dat hij het liefst niet meer communiceerde over zijn herstel.


Een jaar geleden gaf hij eenmalig, in een verklaring op de website van zijn management, aan dat hij er 'mentaal en emotioneel even he-le-maal doorheen zat.' Hij overwoog zelfs te stoppen, zei hij zondag.


Ongeduld

'Revalideren moet je leren, dat is niet voor iedere topsporter weggelegd', zegt Rob Ouderland. Hij is manueel therapeut en sportfysiotherapeut. Hij was eerder in dienst bij de KNVB en tot de zomer van 2013 bij FC Twente.


Volgens Ouderland is het essentieel dat sporter en begeleider duidelijke afspraken maken over de te nemen stappen en de termijn die voor het herstel staat. 'Daarmee creëer je begrip. En je moet zeker weten dat je hetzelfde bedoelt. Dat vereist veel communicatie en het voorkomt dat een speler te snel denkt dat hij klaar is voor een rentree.'


Ook moeten begeleiders inspelen op het moment dat de topspeler zijn geduld verliest tijdens de revalidatie en het niet meer ziet zitten. 'Dan neem je even wind uit de zeilen', zegt Ouderland. 'Een topsportkarakter is vereist voor een eindeloos durende revalidatie.'


Geen afstand nemen

Topsporters willen zo graag fit worden, dat ze nogal eens de neiging hebben zichzelf voorbij te rennen. Dat zegt bondsarts Edwin Goedhart van de KNVB. Revalideren is maatwerk, zegt hij. Twee, drie dagen later dan gepland beginnen met de volgende stap op de weg naar fitheid kan verfrissend werken.


Even afstand nemen kan ook heel goed een korte vakantie zijn. 'Revaliderende sporters staan vaak helemaal niet stil bij die mogelijkheid', zegt Goedhart.


Ze geloven in routine, elke dag aan de slag gaan om beter te worden. Goedhart: 'Je moet die monotonie van het revalideren durven onderbreken, van de planning durven afwijken als dingen meevallen of juist niet. Een topsporter moet geloven in zijn eigen revalidatie.'


Druk van de coach

De volgende wedstrijd is altijd belangrijk, zeker als een club in de lucratieve Champions League speelt. De coach wil de topspelers tot zijn beschikking hebben. De medische staf heeft zijn eigen criteria en levert graag een fitte prof af die ook na zijn rentree fit blijft.


Vergouwen houdt van 'zwart-witbeleid'. Dat je aan het begin van een traject met elkaar afspreekt wat je wilt en waar je naartoe werkt. 'Maar dan is er weer iets en willen sporters en/of coaches haastig te werk gaan. Dat is een grote fout, want dan vallen ze veel verder terug.'


Als de topsporter is teruggekeerd, is fit blijven de belangrijkste doelstelling, benadrukt Ouderland. 'Dat hoort bij het traject. Dat je een nieuwe blessure of een zelfde letsel voorblijft. Dan is de cirkel rond.'


Hulp van buitenstaanders

Daarop voortbordurend wijst Vergouwen op de neiging van topsporters om zelf andere specialisten te raadplegen, net zo lang tot ze het verhaaltje horen dat ze tevreden stemt. Met meerdere behandelaars moet je uitkijken, zegt hij. 'Er moet één kapitein op het schip zijn naar wie wordt geluisterd door looptrainers, hersteltrainers, fysio's en inspanningsfysiologen. Ik word er sikkeneurig van als een sporter roept: 'Maar hij zei dat.' Veel sporters kunnen slecht revalideren. Dan zeggen ze: 'Ik heb toch even dit geprobeerd.' Dat is dus niet de bedoeling.'


Onvoldoende zelfredzaamheid

Volgens Vergouwen is zelfredzaamheid cruciaal, iets dat vaak niet genoeg wordt gestimuleerd. 'Dan wordt overal de fysio bij geroepen, maar op het veld houdt ook niemand je handje vast.' Koud- en warmtherapie; Vergouwen ziet vaak dat topsporters dat moeilijk vinden. Dan ziet hij tot zijn ergernis dat ze marchanderen, waardoor de revalidatie niet optimaal verloopt.


Goedhart: 'Je hebt denkers en doeners. De denker loopt het gevaar een tobber te worden als er tegenslag is bij zijn revalidatie. Daarom moet je als sportarts altijd oog hebben voor de mentale aspecten van het proces.'


Edwin Goedhart bondsarts KNVB


Peter Vergouwen sportarts

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden