Ouderenzorg kan best zonder AWBZ

Ouderenzorg wordt gefinancierd vanuit drie stelsels, waarvan de AWBZ er een is. Dat kan eenvoudiger - zonder de klanten te kort te doen.

Wat gaan we doen met de AWBZ en met de ouderenzorg? De toekomst van de ouderenzorg is onderwerp van discussie. In de Volkskrant van 13 juli jongstleden riepen Marco Meerdink, Roel Bekker en Marcel Canoy de politiek op om zaken uit de AWBZ te schrappen. Van sommige zaken kun je je inderdaad afvragen of ze uit de AWBZ gefinancierd moeten blijven worden. Zorgorganisaties zien ook andere mogelijkheden.


Zo kun je nog een stap verder gaan: waarom zouden we de AWBZ niet helemaal afschaffen voor de ouderenzorg? De ouderenzorg wordt nu gefinancierd vanuit drie stelsels: AWBZ, Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) en Zorgverzekeringswet (ZVW). Administratief razend ingewikkeld en onoverzichtelijk.


Met twee stelsels kan het ook, waarbij een deel van de AWBZ-taken wordt overgeheveld naar het informele netwerk en de rest tussen de andere stelsels wordt verdeeld. Huishoudelijke hulp zit nu bijvoorbeeld in de WMO, maar ook begeleiding - ondersteuning van ouderen om hun zelfredzaamheid te vergroten - zou daar prima in passen.


Aan de andere kant zit in de ZWV nu bijvoorbeeld specialistische verpleging, en straks ook revalidatiezorg voor ouderen. Hier zou ook de 'gewone' zwaardere zorg heel goed tussen passen. Een dergelijke aanpassing biedt grote voordelen voor zowel zorgorganisaties als cliënten: naast de administratieve lastenverlichting stimuleert het ondernemerschap en innovaties. In de AWBZ krijgen zorgondernemers en zorgverzekeraars/zorgkantoren daarvoor nu te weinig prikkels. Ondernemerschap - lees: een vraaggestuurde en cliëntgerichte aanpak - is goed voor de kwaliteit van zorg, en daarmee goed voor de mensen die zorg nodig hebben.


Overheveling van zorg naar de WMO was overigens al gaande. Zo zijn voor de overheveling van begeleiding de voorbereidingen vorig jaar al begonnen. De ontwikkeling is stopgezet door de Tweede Kamer; het dossier is controversieel verklaard, en het is de vraag wanneer het er nog van gaat komen. Jammer, want dat neemt ook de prikkels weg voor zorgondernemers en gemeenten om door te pakken.


De praktijk bewijst dat het goed mogelijk is om de zorgvraag uit te stellen en te verkleinen door in eerste instantie te kijken of er hulp mogelijk is van familie, mantelzorgers en vrijwilligers. De professionele zorg vervult dan een ondersteunende rol: bijspringen waar nodig, afstand houden waar mogelijk. Dan houd je professionele handen vrijer voor die mensen die het echt niet meer zelf of met hun sociale netwerk redden.


We hebben het dan over het stimuleren van zelf- en samenredzaamheid, zoals ActiZ dat voorstaat. Neem het project Buren voor Buren van de Rotterdamse zorgorganisatie Aafje, een vrijwilligersproject voor kwetsbare ouderen die zich eenzaam voelen. Buurtgenoten doen kleine klusjes voor elkaar. Want ook kwetsbare burgers hebben een ander wat te bieden.


Jong en oud, met en zonder beperking, de kracht zit hem in de wederkerigheid. Het project is zo succesvol dat het op meerdere plekken navolging krijgt.


Een ander voorbeeld is de zorggemeenschappen bij Zonnehuisgroep Vlaardingen. Zorgprofessionals, mensen in zorg, mantelzorgers en vrijwilligers vormen een gemeenschap waarin zij samen kijken wat de 'cliënt' nodig heeft en hoe hij het best ondersteund kan worden.


De derde weg is het verder beperken van de aanspraken in de AWBZ, zoals Meerdink, Canoy en Bekker dat voorstellen. Meerdink stelt dat een deel van de zorgvraag helemaal geen zorgvraag is, maar een welzijnsvraag. Hier past dan ook geen zorg, maar welzijnsactiviteiten. Die worden vaak al op gemeentelijk niveau georganiseerd. Daar kan een zorgorganisatie nog steeds een rol in spelen, maar dan wel vanuit een totaal ander aanbod en met geheel andere financiering. Ook hier ligt een belangrijke rol voor familie, mantelzorgers en vrijwilligers, maar ook voor de straat en de wijk van de aanvrager.


Een besluit van de overheid hierover is snel nodig, gelet op de almaar stijgende kosten. De consequenties van elk besluit zullen altijd groot zijn en veel vragen van zorgorganisaties. Maar geen besluit nemen is geen optie. Ik citeer Roel Bekker: 'Het bolwerk van de AWBZ moet worden geslecht.'


Guus van Montfort is voorzitter van ActiZ, organisatie van zorgondernemers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden