Oude tradities herleven in Tsjetsjenië

Het is een druilerige dag in de modderige straat van Pervomajskaja, waar Moeslin en Makka bezig zijn te trouwen. De lichte motregen roept vragen op over Moeslin. Want regen op een bruiloft, zeggen ze op de Kaukasus, bewijst dat de bruidegom zichzelf wel eens heeft bediend. Blijkbaar heeft hij dan toch ooit wel eens een kopje thee voor zichzelf ingeschonken of een pan van het vuur gehaald. Hoon zal zijn deel zijn, want een Tsjetsjeense man (net als een Ingoesj trouwens) doet niks in het huishouden als er een vrouw is die het ook kan doen.

Een Tsjetsjeens huwelijk is niet zozeer een gebeurtenis maar een proces dat, in dit geval, drie dagen in beslag neemt. Een inwijdingsproces – waarbij de vrouw haar oude familie verlaat en wordt opgenomen in de nieuwe. Buiten staan Roeslans vrienden te roken, binnen hebben ze een eigen kamer, maar hun echte taak is het bedienen van de ouderen, die verdeeld zijn over een mannenkamer en een vrouwenkamer.

In de herenkamer zitten wat familieleden en oude vrienden van vader uit de tijd dat de Tsjetsjenen op last van Sovjetdictator Stalin collectief naar Kazachstan werden verbannen. Vrouwen rennen af en aan met schalen voedsel, jongemannen schenken thee in. Alcohol wordt niet geschonken en de gesprekken kabbelen voort als licht bruisende bergbeekjes.

Een uitbundig gedekte tafel is voorzien van exotisch fruit, salades, enorme taarten en schalen waarin het gekookte lamsvlees hoog is opgestapeld. Alle gasten komen van Roeslans kant, en veel van de mannen die zich rond de tafel scharen zullen weer vertrekken zonder bruid of bruidegom (die nu zelfs afwezig is) de hand te hebben geschud.

Drie dagen duurt het, en drie dagen is Makka, de bruid, in de hoek van de vrouwenkamer – vaak staand – bezig bescheiden en vriendelijk te wezen. Haar familie en vrienden ziet ze pas na de bruiloft weer. ‘Haar taak is het om zich heel bescheiden op te stellen en zich te presenteren aan de familie van haar man’, zegt Lipchan Basajeva, die de volgende dag het verhaal lachend aanhoort. Lipchan runt, in een gebouwtje aan de rafelrand van Grozny, een kleine organisatie die vrouwen ondersteunt.

‘Tsjetsjenië is altijd heel conservatief geweest’, zegt ze. ‘Bijna iedereen is moslim en het onderhouden van intieme relaties is verboden buiten het huwelijk, maar ook voordat je getrouwd bent.’ Tradities in ere houden is goed, vindt ze, ‘zolang vrouwen maar weten wat hun rechten zijn – en daar helpen wij ze bij’.

De positie van vrouwen is precair in Tsjetsjenië, dat na twee verwoestende oorlogen met ijzeren hand wordt geregeerd door Ramzan Kadyrov. Volgens Kadyrov zijn vrouwen er vooral om kinderen te baren. Hij gebiedt vrouwen hoofddoekjes te dragen, roept mannen op meerdere vrouwen te nemen, en sprak eerder dit jaar zijn zegen uit over de (nog onopgeloste) moord op zeven vrouwen – die volgens hem ‘losse zeden’ hadden.

Geen van zijn geboden voor vrouwen is wettelijk vastgelegd, en ze druisen alle in tegen de Russische grondwet, maar dat wil niet zeggen dat ze niet worden nageleefd. Polygamie en eremoorden nemen beide weer toe, menen activisten.

Hetzelfde geldt voor het ‘stelen van bruiden’, een oud dorpsgebruik. In het naburige Dagestan waren er het afgelopen jaar 180 van zulke ontvoeringen. ‘In een derde van de gevallen gebeurt het met instemming van de vrouw zelf – bijvoorbeeld omdat haar familie tegen is. Maar ook dat is een ongezond fenomeen, want het houdt de hele traditie van bruiden stelen levend.’

Veel zaken waarmee Basajeva te maken krijgt, hebben te maken met de praktische problemen waar vrouwen voor worden geplaatst. Daarbij worden ze geconfronteerd met drie rechtsstelsels, die alle afhankelijk van de families die erbij betrokken zijn, meer of minder van toepassing zijn. Naast het Russische recht (dat in rechtszaken natuurlijk prevaleert), zijn er de islamitische sharia en de adat, het ongeschreven Tsjetsjeense gewoonterecht.

‘Veel vrouwen met problemen moeten een weg zoeken tussen die drie botsende systemen. Wij proberen ze een evenwicht te laten vinden tussen het leiden van een fatsoenlijk bestaan en het eerbiedigen van oude tradities.’

De afgelopen vijftien jaar zijn in Tsjetsjenië in twee oorlogen tienduizenden slachtoffers gevallen. Bijna eenderde van de bevolking week uit naar andere Russische provincies of het buitenland. Dat heeft de positie van vrouwen dramatisch veranderd, zegt Basajeva. ‘Veel sociale functies die vroeger alleen mannen deden, zijn door vrouwen overgenomen. Een op de vijf vrouwen is weduwe. Veel vrouwen moeten werken om hun kinderen te kunnen voeden.’

Maar volgens het adatrecht moet een vrouw die haar man verloren heeft, haar kinderen achterlaten bij de familie van de man – en zelf, zonder spullen of geld, terugkeren naar haar eigen familie. ‘Daar is de sharia nog verlicht bij’, zegt Basajeva. Afhankelijk van het conservatisme van de families die bij dergelijke zaken zijn betrokken, wordt naar praktische oplossingen gezocht. En in sommige gevallen, kan een beroep op het Russische recht uitkomst bieden.

‘De oorlog heeft een emanciperend effect gehad voor vrouwen’, concludeert Basajeva, ‘maar onder Kadyrov geldt als stelregel dat de vrouw op de tweede plaats komt – en dat wordt door geen enkel recht ondersteund.’

Toch staat de traditionele leefwijze zelfs in Tsjetsjenië onder druk, als gevolg van het grote aantal mensen dat door de oorlogen jarenlang elders heeft gewoond of familie in het Westen heeft. Lipchan Basajeva is er zelf een voorbeeld van – haar twee dochters wonen al jarenlang in Nederland.

Oleg, een jonge dertiger die weer in Grozny woont na een jarenlang verblijf in Voronezj, is schamper over de zeden die door president Kadyrov worden gepredikt. ‘We zijn in 2007 teruggekomen omdat men zei dat de oorlog voorbij was. Nu blijkt dat hij weer is begonnen.’ Zijn heimwee naar Voronezj, een Russische provinciestad, is simpel te verklaren: ‘Het is daar honderd keer beter, want niemand bemoeit zich met je.’

In Tsjetsjenië is het gevaarlijk om een vriendin te hebben, zegt Oleg. ‘Als Kadyrovs mensen erachter komen, kunnen ze grote sommen geld aan je vragen, anders zwaait er wat. Daarom wijken mensen in zo’n geval uit naar de Dagestaanse grens. Daar is Kadyrovs wet niet van kracht.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.