Oud-studenten: 'Koranschool alFitrah leert criminele moslims niet aan te geven'

De orthodoxe moslimstichting alFitrah in Utrecht zou haar leerlingen leren criminele moslims niet aan te geven. Dit zeggen vier oud-studenten op anonieme basis tegen het AD.

Exterieur van het pand waarin stichting AlFitrah huist. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Vier studenten, tussen de 20 en 30 jaar, vertelden onafhankelijk van elkaar over de lessen van de omstreden salafistische (utlra-orthodoxe) Koranschool van de stichting. 'De intolerantie die zij predikt, is gevaarlijk voor de samenleving', zegt één. De leerlingen leerden dat ze zich moesten onttrekken aan de samenleving.

De studenten vroegen door aan de leraar: 'Mogen wij een Marokkaan die zich bezighoudt met mensenhandel en dus levens verwoest niet aangeven bij de politie? Het antwoord daarop bleef 'nee', aldus de geciteerde student in het AD. De bedoeling is, volgens een andere student, dat diegene, in plaats van hem aan te geven, de crimineel vermaant. 'Dat hij dan aan de crimineel zou vertellen wat Allah en de profeet over deze slechte zaken hebben verteld.'

De Utrechtse burgemeester reageert verontrust op het bericht. Eerder deze week publiceerde het Verwey Jonker Instituut een onderzoek naar de Koranschool in opdracht van de gemeente Utrecht. Leerlingen van de aan de Utrechtse alFitrah moskee gelieerde koranschool Dar al-Hudaa wordt niet bewust onverdraagzaamheid jegens ongelovigen en afkeer van het Westen aangeleerd, concludeerde dat instituut. Wel krijgen ze op het hart gedrukt dat ze moeten vasthouden aan hun orthodox islamitische identiteit.

De gemeente Utrecht blijft zich al een paar jaar zorgen over de invloed van de orthodoxe Koranschool Dar al-Hudaa van AlFitrah op de jongeren in de stad. De starre opstelling van het salafistische moskeebestuur kan leiden tot een isolement van de moslimjongeren, die zich opsluiten in de eigen geloofskring. Ze kunnen hun vertrouwen in de Nederlandse samenleving verliezen en het gevoel krijgen te worden buitengesloten.

Dar al-Hudaa verzorgt buitenschoolse islamitische lessen voor leerlingen, zo'n 160 tot 170, tussen de 5 en 14 jaar. De lessen worden voornamelijk in het Arabisch gegeven, er wordt gebruikgemaakt van zelfontwikkeld materiaal voor de opvoedlessen en verder van leerstof uit het Midden-Oosten. Meisjes en jongens krijgen les in gescheiden groepen. Zaken die haram (niet toegestaan volgens de islam, red.) zijn moeten zij mijden, zoals fysiek contact met de andere sekse, muziek, christelijke feestdagen. De leerlingen leren dat de maatschappij dat dient te accepteren.

Burgemeester Jan van Zanen: 'Ik ben bang dat er kinderen opgroeien in Utrecht die voor een deel met hun rug naar de samenleving gaan staan.' Zorgelijk vindt Van Zanen ook het geconstateerde beperkte kritisch vermogen van de leerlingen. Hun opvattingen worden voornamelijk getoetst aan die van de docent, die worden ontleend aan de basisbronnen van de islam.

'Wij hebben geen anti-westerse geluiden gehoord'

Trees Pels en Ahmed Hamdi deden onderzoek naar Salafistische organisaties, die niet bekend staan om hun openheid. Hoe lastig is het om een koranschool als Dar al-Hudaa te onderzoeken? (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden