Oud-president werd makelaar in goede zaken

Als president van de Verenigde Staten had hij eerder het imago van 'troublemaker' dan van conflict-oplosser. Sinds hij ex-president is, is dat beeld compleet omgedraaid....

Was Jimmy Carter een goede president? Zowel binnen als buiten Amerika zijn de meningen nog steeds verdeeld. Meer overeenstemming is er over zijn prestaties nadat hij het Witte Huis had verlaten. Carter is de beste ex-president die de Verenigde Staten ooit hebben gehad, oordeelde het weekblad Time.

Menig Amerikaan slaakte een zucht van verlichting toen de Democraat Carter in 1980 plaats moest maken voor Ronald Reagan. De diepgelovige baptist uit Georgia had de kiezers vier jaar eerder voor zich gewonnen met de belofte van integer en betrouwbaar bestuur. 'I will never lie to you.' Dat klonk goed na Watergate.

Maar gedurende Carters ambtstermijn groeide de frustratie van de Amerikanen over de economische tegenspoed en wat zij beschouwden als het verlies van Amerika's aanzien in de wereld. Ze snakten naar een tegenbeeld van de tobberige Carter. En dat was de optimisme en zelfverzekerdheid uitstralende Republikein Reagan.

Als president had Carter geen geluk. Zijn binnenlandse beleid werd beheerst door de strijd tegen inflatie, recessie en een energiecrisis. Hij zag zich genoodzaakt ingrijpend te bezuinigen en het overheidsapparaat af te slanken. Maar zijn zwaarste beproeving lag op het terrein van de buitenlandse politiek. De Russische inval in Afghanistan en de revolutie van Khomeini in Iran lieten weinig ruimte voor idealisme en dwongen Carter tot Realpolitik.

De Iraanse revolutie mondde uit in een gijzeling van tientallen Amerikanen in de ambassade van Teheran. Een weinig professionele poging de gijzelaars te bevrijden mislukte jammerlijk en maakte de vernedering van de VS compleet.

Deze afgang overschaduwde het hoogtepunt van Carters presidentschap: het smeden van het Camp-Davidakkoord tussen Begin en Sadat in 1978. Carter liet de Israëlische premier en de Egyptische president naar het presidentiële buitenverblijf komen, waar zij na harde en langdurige onderhandelingen een overeenkomst bereikten die een eind maakte aan de staat van oorlog tussen Israël en Egypte. Toen het akkoord in gevaar kwam, vloog Carter zelf naar Caïro en Jeruzalem om het te redden. Begin en Sadat werden beloond met de Nobelprijs voor de Vrede. Carter niet. Volgens het Nobelcomité omdat hij niet tijdig was genomineerd.

Afgestraft door de kiezers, verguisd door zijn eigen partij en gekwetst door het beeld van een mislukt presidentschap, trok Carter zich terug in zijn eenvoudige woning in Plains. Enkele jaren hield hij zich op de achtergrond, maar daarna stond de wereldverbeteraar in hem weer op. Carter begon een tweede publieke leven als conflict-oplosser.

Samen met zijn vrouw Rosalynn stichtte hij het Carter Centre, een denktank die zich bezighoudt met internationale conflicten. Vanuit Atlanta trok hij de hele wereld over om in spanningsgebieden vrede naderbij te brengen. Met instemming van Washington opereerde hij als een officieuze bemiddelaar.

Hij trachtte besprekingen op gang te krijgen tussen Ethiopië en de Eritrese rebellen. Hij was waarnemer bij verkiezingen in ondermeer Nicaragua, Panama, Paraguay en Togo. In 1994 ging Carter op eigen initiatief naar Noord-Korea, waar hij het bewind trachtte over te halen VN-inspecteurs toe te laten tot zijn nucleaire installaties. Met ongelukkige uitlatingen over opschorting van sancties stichtte hij verwarring, maar president Clinton beschouwde de missie toch als een succes.

Prompt werd hij naar Haïti gestuurd om daar de regerende junta tot opstappen te bewegen en zo een Amerikaanse invasie te voorkomen. Dat lukte op het nippertje en de reputatie van Carter als vredesdiplomaat kon niet meer stuk. Ook niet door zijn missie in Bosnië, waar hij eind 1994 weliswaar een nieuwjaarsbestand wist te bereiken, maar niet kon verhinderen dat de strijd tussen Bosniërs en Serviërs na de wintermaanden weer in alle hevigheid oplaaide.

Als makelaar in goede zaken kreeg Carter aanzienlijk meer lof toegezwaaid dan als president. Hij werd diverse keren voorgedragen voor de Nobelprijs, al moest hij lang wachten op de toekenning. Met de waardering van Carter als elder statesman lijkt ook zijn periode in het Witte Huis in een ander licht te komen staan.

Vaker dan vroeger memoreren commentatoren tegenwoordig wat president Carter wél heeft bereikt: betere milieuwetten en aandacht voor de mensenrechten in de buitenlandse politiek.

Jimmy Carter heeft vredesmissies ondernomen naar tal van spanningshaarden. Hieronder de belangrijkste:

  • Ethiopië-Eritrea (1989), waar hij probeerde onderhandelingen op gang te brengen tussen het bewind in Addis Abeba en Eritrese rebellen.
  • Noord-Korea (1994), waar de spanning opliep over het nucleaire programma van het stalinistische regime in Pyongyang.
  • Haïti (1994), waar Carter de regerende generaals tot aftreden wist te bewegen en zo een Amerikaanse invasie kon voorkomen.
  • Bosnië (1994), waar hij meewerkte aan een nieuwjaarsbestand.

    Als waarnemer was hij aanwezig bij verkiezingen in onder meer:

  • Panama (1989), Carter beschuldigde de Panamese leider Noriega van stembusfraude.
  • Nicaragua (1990), waar de regerende sandinisten werden verslagen door de rechtse oppositie.
  • Ook in: Bangladesh, Dominicaanse Republiek, Oost-Timor, Mali, Mexico, Peru, Sierra Leone, Venezuela, Zambia.

  • Meer over

    Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

    Tip hier onze journalisten


    Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
    Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
    © 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden