Orde en netheid, dat wil Jos Staatsen

Stuitende supporterskoren, bestuurlijke schimpscheuten: het is verbaal 'een ruwe periode'. Maar het betaald voetbal floreert. De NOS verwacht het drievoud van de huidige twintig miljoen gulden te moeten neerleggen voor de uitzendrechten....

O NGEDURIG is meester Adrianus altijd geweest. Hij studeerde rechten, werd voor D'66 wethouder in Groningen, werkte als Haags ambtenaar zeer nauw samen met de toenmalige milieu-minister Winsemius, kwam in Groningen terug als PvdA-burgemeester, werd directeur van BCG Interim Management in Amsterdam en vervolgens genood om aan het sectiebestuur betaald voetbal van de KNVB leiding te geven.

Een summiere opsomming. Want Jos Staatsen heeft een schier eindeloze conduite-staat. Hij was een voortvarend voorzitter van Natuurmonumenten, een koel saneerder bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds. De lange rode draad was telkens: dienstbaarheid.

'Van jongsaf aan heb ik maatschappelijke belangstelling. Het klinkt misschien hoogdravend maar van huis uit heb ik het gevoel meegekregen dat je maatschappelijke verantwoordelijkheid moet dragen. Dat je je steentje moet bijdragen.

'Ik kom uit een Utrechtse, calvinistisch katholieke familie. In de tweede klas van de lagere school had ik een zware longontsteking en om daarna aan te sterken gingen we naar het platteland. Kloosterburen, een katholieke enclave in Noord-Groningen. Waar het nog slechter was dan in Utrecht. De sfeer van schuld en boete. Als ik iets misdaan had, moest ik naar school om mijn excuses aan te bieden. Ik was misdienaar en had gelachen tijdens een begrafenis, een vreselijk vergrijp. Je beseft als kind nog niet hoe dat soort gebeurtenissen kan doorwerken.

'Ik was de oudste van zeven kinderen. Op de middelbare school lazen we Sartre maar die stond op de index. Dat mocht dus helemaal niet. Mijn vader ging praten met de leraar Frans. Een prima vader hoor, maar hij vond dat Sartre niet kon. Hij heeft me bijgebracht dat je met je talenten moet woekeren. Dat zegt Cruijff ook, 't is niet typisch katholiek, je kunt het ook in Betondorp leren. Maar het kan soms een last zijn. Je moet het een volgende keer altijd beter doen. Ik zou wel willen dat ik wat luchthartiger was. Ik ben nog steeds een serieus iemand, soms te serieus.'

Staatsen had zich uit een oogpunt van persoonlijk welvaren nooit in het doolhof van het betaald voetbal hoeven begeven. Maar omdat hij zich al in zijn burgemeesterstijd daarvoor had ingezet, zei hij 'ja' op het verzoek van Michael van Praag om voorzitter van Cotass te worden. Die stichting bereidde de invoering van de club card voor. En in die hoedanigheid werd hij door de toenmalige PSV-voorzitter Ruts en de toenmalige FC Utrecht-voorzitter Aalbers gevraagd om de leiding van het sectiebestuur betaald voetbal over te nemen.

De stropdas die hij draagt, verwijst naar Silence of the lambs. Een geschenk van zijn jongste zoon die hem verweet de film niet te hebben gezien. Staatsen heeft er tot zijn verdriet de tijd nog steeds niet voor gehad. De functie van sectievoorzitter bleek veeleisender dan verwacht.

Hij werd direct al geconfronteerd met de 'affaire Cruijff'. Het bestuur betaald voetbal had de maestro gaarne aangesteld als WK-coach van Oranje maar Cruijff en diens representanten overschreden onderhandelingsgrenzen. En aan het schenden van afspraken, in samenhang met arrogantie, heeft Staatsen een gruwelijke hekel.

'Ik praat in termen van: dat had beter gekund en dat moet beter. Schuldig aan de afloop van de kwestie Cruijff voel ik me niet, dat is te zwaar. Er is een grens. We waren blij geweest als het was gelukt, maar toen het niet lukte, hebben we geconcludeerd dat we moesten stoppen.

'Eigenlijk kregen we meer steun dan verwacht voor dat standpunt. We hadden het gevoel: de kraag opzetten en dan komt het over ons heen. Maar de reacties op het besluit waren veel positiever dan we voor mogelijk hadden gehouden. Zoals het vaak gaat als je je op iets ergs voorbereidt. Count your blessings en dan weer verder.

'Je houdt dit niet vol als je besturen niet leuk vindt. En ik heb natuurlijk iets met voetbal. Als ik gevraagd zou zijn voor de biljartbond, zou ik misschien ook iets zinvols gedaan kunnen hebben maar ik heb niets met biljarten. Ik weet dat het imago om in de schijnwerpers te treden sportbestuurders aankleeft. Dat vind ik storend, echt storend. Ik wil niet tot die categorie behoren en daarnaar gedraag ik me ook bijvoorbeeld ten aanzien van de spelers.

'Hetgeen weer betekent dat je afstandelijk wordt, want je wilt je niet opdringen en voortdurend in de kleedkamer vertoeven. Het ongewilde effect is dat je te weinig contact hebt met de mensen om wie het gaat. En door dat als voorzitter wel te hebben, vind ik, kun je problemen snel uit de wereld helpen. Van lieverlee heb ik dat contact gelukkig wel gekregen. Ik voel me niet afstandelijk maar juist heel betrokken.'

Bij zijn recente vertrek foeterde algemeen secretaris Huijbregts dat hij juist een groeiende discrepantie waarnam, dat het sectiebestuur steeds meer uit managers en steeds minder uit 'voetbalmensen' ging bestaan. Staatsen: 'Nee, ik denk we een goede mix hebben van mensen van binnen en van buiten. Dat heb je nodig. De hele sport maakt dat mee maar het voetbal wel in het bijzonder. De ontwikkeling van club, van gezellig, we gaan iets leuks doen, zeg maar het Huijbregts-idee, naar een onderneming.

'De sectie is nu de bedrijfstak, de organisatie van die betaald voetbal ondernemingen. Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat die 36 bvo's aandeelhouders zijn van de sectie betaald voetbal. We noemen dat hier bij BCG een 'maatschappelijke onderneming'. Wij dienen een maatschappelijk doel. We organiseren topvoetbal voor een groot publiek en moeten geld maken om dit blijvend te kunnen doen. Daarnaast zijn we er om de belangen van de clubs, onze aandeelhouders, te behartigen, om bijvoorbeeld te voorkomen dat politiekosten worden doorberekend, om een makkelijk voorbeeld te noemen. En dat is ons ook gelukt.

'Als bedrijfstak-organisatie hebben we de taak competities te organiseren. En dan is er ook nog het Nederlands elftal en de andere vertegenwoordigende teams. Als organisatie daarvan zou je ons de 37ste bvo kunnen noemen. En dan zijn die anderen aandeelhouder van ons. Een eventueel tekort moeten we delen over de 36, net als de winst trouwens.

'De bedrijfstak is nu gezond, dat is ook te danken aan vroegere bestuurders, mensen als penningmeester Ad Smits, een kanjer, en aan mensen bij de clubs, zoals bij Ajax en FC Groningen waar ik het herstel van nabij heb meegemaakt. Als het om ondernemingen gaat, moet er goed bestuurd worden en het valt niet te ontkennen dat dat ook wel eens niet het geval was.

'Wij hebben het ook niet altijd goed gedaan. Het is zeker nog niet de organisatie zoals die volgens mij behoort te zijn en te functioneren. Met de komst van Jan Kasper op 1 april is er een volledig, goed en professioneel management-team van de sectie betaald voetbal. We hebben een moderne organisatiestructuur, intern dan. We zijn op weg, maar het had natuurlijk al langer geleden beter kunnen zijn.'

Het nog niet modern functionerende sectiebestuur kreeg vanwege de al jaren voortdurende kalenderperikelen te maken met de Oranje-boycot van hofleverancier Ajax. De houding van de Amsterdammers omschreef Staatsen in zijn eerste, heftige reactie als 'bull-shit'. Later was hij toch de man die 'wijs bestuur' pleegde.

'We zouden alles klaarmaken voor een klacht bij de tuchtcommissie. Ik heb tegen Michael van Praag gezegd dat de zaak dan uit onze macht zou zijn. De onafhankelijke rechtsprekers zouden allemaal verschrikkelijke maatregelen kunnen nemen. Wat konden we doen om het niet zo ver te laten komen?

'Dat is geëindigd in de bekende overeenkomst, dat heet in juridische termen een dading. We wilden ten slotte iets bereiken. Ajax weet zich verantwoordelijk voor wat gebeurd is en zal zorgen dat zoiets in de toekomst niet meer zal voorkomen. Het enige dat ontbreekt is een straf. Als je daar naar blijft streven, dan ben je wraakzuchtig. Ik denk dat dat niet goed is.'

De tussenoplossing in plaats van het escalerend conflict: Staatsen ontkent dat bondscoach Hiddink voor die politieke zwenking met de portefeuille heeft moeten wapperen. 'Ik heb dat gelezen, maar zo iemand ben ik nooit tegengekomen. Ons bezwerend toegesproken? Ook dat woord herken ik niet. Wij hebben Hiddink wel geconsulteerd, maar hem met opzet buiten de discussie gelaten.'

De botte bijl hanteert Staatsen ongaarne. Tenzij hij aangevallen wordt met nog grover geschut. Hij baarde als burgemeester van Groningen opzien met het voorstel om bij kraakrellen de bewijslast te verleggen. Ten overstaan van de rechter zouden aangeklaagden hun onschuld moeten bewijzen.

Staatsen draagt zijn Gronings wedervaren nog steeds met zich mee. Toen hij zijn Amsterdamse kantoor betrok werd dat na rellen in Hamburg beklad: 'Staatsen-terreur uit West-Europa', stond er in Buitenveldert gekalkt. Hij werd kennelijk nog steeds geïdentificeerd als de grote vijand van de wijdvertakte kraakbeweging.

In Groningen had hij het gebouwencomplex van Wolters-Noordhoff laten ontruimen. Staatsen kwam kijken en werd 'bespuugd en bevuild'. Waarschijnlijk sterkte hem die gebeurtenis in de overtuiging dat een hard en snel optreden tegen geweld noodzaak is. Het 'lik-op-stuk'-beleid' ten aanzien van het voetbalvandalisme is niet verlaten maar het wordt - nu het vandalisme in omvang afneemt - naar zijn indruk minder scherp toegepast dan het hem lief is. Als bij uitwassen niet hard wordt ingegrepen, worden gezag en normen ontkracht. Staatsen wil het noodlot niet getart zien.

'Extreme groepen horen geen ruimte te krijgen. Als burgemeester bleek mij dat gewone mensen zich stoorden aan vandalisme en gewelddadigheden. Lopend door de stad hoorde ik: Tegen de muur met die lui'.

Het andere uiterste dus maar volgens Staatsen geven zulke ongenuanceerde uitlatingen aan dat de meerderheid van de bevolking er genoeg van heeft en verbetering wil. Op die positieve intenties zou ingespeeld moeten worden. De 'burgemeester van de KNVB' wil 'orde en netheid' terug.

Een van de beleidspeilers is verbetering van de accommodaties. De stadions moeten toegankelijker worden. Heerenveen is met zijn vriendelijk nieuwe burchtje een goed voorbeeld. In dat opzicht worden de nodige inspanningen verricht. Staatsen trekt de vergelijking met schouwburgen. Van ereloge tot schellinkje, zo moet het ook in de stadions zijn. Voor elck wat wils. Geen exclusiviteit. Want wat is een voetbalwedstrijd voor uitsluitend gevulde business-seats en lege tribunes?

'PSV, Jacques Ruts met name, heeft een voortrekkersrol vervuld. PSV was met haar stadion de rest mijlenver vooruit. Sport mag dan populair zijn, knikkeren is het ook. Maar er moet wel iets meer gebeuren wil het grote groepen mensen blijvend trekken. De burger is beter ontwikkeld, kritischer geworden, beter voorgelicht, heeft meer geld te besteden en hoeft zich niet te beperken tot eigen regio, stad of zelfs land. Dat betekent dat je als organisator meer moet bieden dan goed voetbal. Mijn ideaal is dat je met je kinderen niet alleen zonder gevaar, maar ook met groot plezier naar voetbal kunt gaan.

'De omgeving is in de vorige periode stelselmatig verwaarloosd. Alles was gericht op wat er op het veld gebeurde en dat ook nog op een opportunistische wijze. Hoeveel constructies zijn er niet bedacht om spelers te verwerven: kopen, lenen, huren, leasen. Maar momenteel worden de accommodaties voortvarend aangepakt. Overal in het land is men bezig. Dat is de hardware, de stadions. Nu nog de soft ware, de bejegening van het publiek.

'Wat ten opzichte van Van Gaal gebeurde, was afschuwelijk, ik heb hem dat ook persoonlijk meegedeeld. Helaas, en hij heeft dat ook zelf zo verwoord, hoort het kennelijk bij onze maatschappij. Het gebeurt overal, alleen de schaal waarop verschilt. Hoe meer mensen bijeen komen, des te groter het risico. Het voetbal heeft daarom een extra voorbeeld-functie. Wat rond het veld gebeurt, is de graadmeter van de beschaving.

'Als dit soort dingen plaatsvindt in een stadion gaan mensen er niet graag heen. Denk aan buurten die slecht bekend staan. Daar ga je ook niet graag wonen. Maar het merendeel van de mensen verafschuwt dit soort spreekkoren en vindt het moreel verwerpelijk. Toen ze die column van Youp had gelezen, zei mijn vrouw: iets dergelijks had ook over jou geschreven kunnen zijn.

'Wat ik als burgemeester niet aan geweld heb meegemaakt, jegens mij, jegens mijn huis. Maar dat hoorde in die tijd bij het vak van burgemeester, daar werd je geacht je schouders over op te halen. Dat werd door de politiek niet als iets bijzonders beschouwd. In de jaren zestig moest je er begrip voor tonen en in de jaren zeventig werkte dat nog door. Als bestuurder moest je erboven staan maar een normaal mens, de gewone burger vond en vindt dat niet aanvaardbaar. En dat blijkt nu in toenemende mate.

'Maar uiteindelijk overheerst het positieve het negatieve. Als er nu een gebied is waar integratie plaatsvindt, is het de sport. Discriminatie komt voor in het voetbal maar ik vind de positieve verschijnselen veel belangrijker. Anders zou ik ermee moeten stoppen.

'Misschien was de kritiek op de KNVB ooit terecht dat de verantwoordelijkheid voor wangedrag werd afgeschoven op politiek, gemeenten en politie. Maar ik heb de achtereenvolgende ministers, Van Thijn en Dijkstal, gezegd: wij moeten als bedrijfstak niet het óptimum doen voor de veiligheid van het publiek, maar het máximum. Veiligheid heeft onze eerste prioriteit.

'Maar het houdt een keer op. Daar waar we geweld moeten gebruiken. Er is een geweldsmonopolie in Nederland en dat ligt bij de politie. Als geweld nodig is dan moet je niet van tevoren vragen wat het kost en een rekening hoeven betalen. Hetzelfde geldt voor iemand die een Koninginnedag organiseert. Moet je dan zeggen: majesteit, het kost wel zo en zo veel en dan mag u komen?

'Ik vind dus ook niet dat een burgemeester een wedstrijd hoort te verbieden. Zelf heb ik dat nooit gedaan. Je hoort als burgemeester iets mogelijk te maken, dat is je primaire maatschappelijke taak. Je moet beginnen om te kijken hoe je iets in de hand kunt houden. Alleen als dat onmogelijk kan, moet je verbieden. Er komt nog iets anders bij. Verbieden is een noodbevoegdheid maar het is intussen verworden tot een normaal instrument.

'Ook al omdat de waardering in ambtelijke kring voor het voetbal niet groot is. Heerenveen is een uitzondering, grote klasse. Voor het tweede duel tegen Feyenoord werd twee maal zo veel politie ingezet. Waarom dat nodig was? Door die dreiging uit Rotterdam. Ziedaar de maatschappelijke verantwoordelijkheid van een voorzitter van een bvo.

'Als ik lees van een voorzitter die zegt zijn supporters niet in de hand te kunnen houden, is dat bijna een uitnodiging om uit de band te springen. Hij moet zijn woorden op een goudschaaltje wegen, geen olie op het vuur gooien, maar olie op de golven. Daarvoor is de gedragscode gekomen.

'We hebben sinds NAC - Feyenoord, het bekerduel van vorig jaar, de nieuwe bepaling dat de club verantwoordelijk is voor de meereizende supporters. Het is geen risico-aansprakelijkheid zoals bij de UEFA. Zo ver zijn we nog niet, maar je bent verantwoordelijk, je moet zorgen dat uitwassen uitblijven. Als club moet je kunnen aantonen dat alles is gedaan om dat te voorkomen.

'In theorie is er zelfs de mogelijkheid dat de deur dicht gaat voor bezoekende supporters. Maar dan heb je een handhavingsprobleem. Zo ver moet het natuurlijk niet komen. We moeten ons beleid een positieve lading geven. Om een evenement goed te laten verlopen is geen toegangsverbod nodig maar een toegangsbeleid.

'Hogere inkomsten uit mediarechten moeten niet worden uitgegeven aan overbodige luxe, maar aan versterking en verbetering van de infrastructuur van het betaald voetbal. Nu al betaalt de KNVB de initiële kosten voor de club card, we hebben een accommodatiefonds. Nu moet men in stadions nog vaak als vee naar binnen. Daar word je agressief van.

'Maar als mensen zich misdragen, en dat is bijna een hartekreet richting politie en justitie, pak ze dan ook en straf ze dan ook. Want de rest van Nederland denkt als dat niet gebeurt: is dat nou die rechtsstaat? Dus ik ben geen softie, integendeel.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden