Reportage

Orbán is het slachtoffer van zijn eigen succes

Veel is er niet meer nodig om Hongaren de straat op te krijgen tegen de regering. Die trekt omstreden plannen weer in. Toch heeft de premier politiek niet veel te duchten.

Hongaren demonstreren op straat tegen de regering.Beeld afp

De tegenstanders van de Hongaarse premier Viktor Orbán zijn al een paar uur aan het vergaderen, wanneer Floki er plots genoeg van heeft. In plaats van rustig op zijn plaats te blijven liggen, begint de zeven maanden oude Labrador te rollebollen, alsof hij wil zeggen: 'Komaan, baasje, het is mooi geweest.'

Maar zijn baasje, Gabor Vago, hoort hem niet. Als initiatiefnemer van de bijeenkomst luistert hij naar wat de vertegenwoordigers van de verschillende actiegroepen te vertellen hebben. Vago, een ernstige man met een Hercule-Poirot-snorretje, is een van de boegbeelden van de protestbeweging die Hongarije nu al twee maanden in de ban houdt. 'Jullie kunnen ons niet zoveel belasten als jullie stelen', staat er op de buitenkant van zijn laptop.

Een half jaar geleden zou hij die aanhoudende protesten voor onmogelijk hebben gehouden. De conservatief Orbán had met zijn partij Fidesz voor de tweede keer op rij een tweederde meerderheid veroverd in het parlement. Niemand leek hem een strobreed in de weg te kunnen leggen. En al zeker de 30-jarige Vago niet.

Corruptiebestrijder

Na vier jaar voor de alternatieve partij Politiek Kan Anders in het parlement te hebben gezeteld zegde hij in januari de actieve politiek vaarwel. Hij had genoeg van het gekonkel. Vago besloot een jaar lang vrijwilligerswerk te doen als corruptiebestrijder. 'Als parlementslid heb ik genoeg verdiend', zegt hij. 'Tweeduizend euro per maand.'

Maar toen besliste Orbán onder invloed van massaal protest een omstreden internetbelasting in te trekken. Fidesz kreeg rake klappen in de opiniepeilingen (een daling van 55 naar 41 procent in een maand tijd) en de tegenstanders van de regering roken bloed. De actiegroepen schieten als paddestoelen uit de grond. Elke week wordt er wel betoogd, vooral in Boedapest.

Veel is er niet meer nodig om tegenstanders van de conservatieve premier op straat te krijgen. Zoltán Vajda, een van de deelnemers aan de vergadering, vertelt hoe hij twee weken geleden op Facebook een oproep tegen de geplande nationalisering van de pensioenfondsen deed. De volgende morgen zag hij tot zijn verbazing dat hij vijfhonderd likes had gekregen; een paar dagen later sprak hij vierduizend betogers toe.

Een half jaar na zijn glorieuze herverkiezing kampt Orbán met protesten en slinkende populariteit.Beeld ap

Machtsmisbruik

In zekere zin is Orbán het slachtoffer van zijn eigen succes. Na vier jaar alleenheerschappij zijn de belangrijkste functies in de staat bezet door vertrouwelingen van hem of zijn partij. Dat moet wel bijna gepaard gaan met machtsmisbruik.

Nadat de vergadering eindelijk is afgelopen - tot grote tevredenheid van Floki - legt de populaire blogger Balázs Gulyás uit hoe vroeger omstreden wetsbepalingen in de grondwet werden opgenomen om een veto van het grondwettelijk hof te vermijden. Nu hoeft dat volgens de organisator van de in november gehouden Dag van de Publieke Verontwaardiging niet meer: dankzij de benoemingspolitiek van Fidesz is het grondwettelijk hof ondertussen volledig in handen van ja-knikkers.

Ook zouden overheidscontracten op maat gesneden worden van de aanhangers van Fidesz; hoewel de corruptie welig tiert, wordt het gerecht ervan beschuldigd alleen de oppositie aan te pakken. Tot overmaat van ramp heeft het regeringskamp een buitengewoon grote greep op de media.

Aanmerkingen

Zelfs op de verkiezingen valt veel aan te merken. Volgens Gulyás is het een publiek geheim dat de regering onder een hoedje speelt met de eigenaren van de grote reclameborden. Die zouden flink verdienen aan nutteloze overheidscampagnes. Als wederdienst zouden ze dan tijdens de verkiezingscampagne hun borden gratis ter beschikking stellen voor de propaganda van Fidesz.

Miklos Ligeti, hoofd van de Hongaarse tak van Transparency International, bevestigt het verhaal. Zijn favoriete overheidscampagne is die van de post: 'De post levert je post'. Sterke tweede is die van de waterleiding 'Helder water uit een heldere bron'.

Het heeft ervoor gezorgd dat de verkiezingen van Transparency International het predicaat 'vrij, maar niet eerlijk' kregen. Een autoritaire staat - om niet te spreken van een dictatuur, zoals de protestbeweging doet - wil Ligeti Hongarije niet noemen. Maar hij vindt wel dat zijn land aan het afglijden is naar een democratie die op een Oost-Europese manier wordt bestuurd, een verwijzing naar Russische toestanden.

Financiële pesterijen

In het regeringskamp werkt die kritiek als een rode lap op een stier. Eerder die dag heeft een van de kopstukken van de partij in een krant die zelfs door Fidesz-aanhangers als propagandaorgaan wordt beschouwd, Magyar Nemzet, non-gouvernementele organisaties als Transparency International als marionetten van het Westen bestempeld. Organisaties die kritisch zijn over het optreden van de regering kregen de afgelopen maanden te maken met financiële pesterijen.

Dat ruikt naar machtsmisbruik, maar bij Fidesz wuiven ze de kritiek weg. 'Op de Hongaarse democratie valt niets af te dingen', betoogt Gergely Gulyás (33) vanuit zijn kantoor in het statige parlementsgebouw. 'Er bestaat persvrijheid en iedereen kan tegen de regering demonstreren.'

Omstreden plannen

Hongaren die tijdens het weekend graag op koopjesjacht gaan, zullen zich moeten beperken. Hun regering werkt namelijk aan een wet om het zondagswinkelen onmogelijk te maken. Volgens premier Viktor Orbán wil zijn land het voorbeeld volgen van Oostenrijk en Duitsland, maar er zit een patriottische kant aan het voorstel. Anders dan in de voornoemde landen wordt in Hongarije de zondagsrust alleen verplicht voor de grote - lees: buitenlandse - winkelketens, zoals Tesco, Spar en Auchan. Kleine - lees: Hongaarse - winkels zouden buiten schot blijven.

Vorige week leed zijn regering opnieuw gezichtsverlies. De aankondiging van een verplichte drugstest voor tieners, journalisten en politici lokte zelfs bij Fidesz-aanhangers kritiek uit. Toen duidelijk werd dat het voorstel de schatkist 300 miljoen euro per jaar zou kosten, krabbelde de regering terug.

Uitleg

Het veelbelovende parlementslid is door de partijtop afgevaardigd om tekst en uitleg te verschaffen over de regeringspolitiek en dat doet hij met verve. Ja, Orbán heeft onlangs een pleidooi gehouden voor een antiliberale staat, maar dat was een ongelukkige uitspraak, die volgens Gulyás helemaal uit zijn verband is gerukt.

Daarbij kan je het de premier toch moeilijk aanrekenen dat hij populair is, zegt hij. Het afgelopen jaar won Fidesz met een patriottisch getint partijprogramma drie verkiezingen op rij, behalve de parlementsverkiezingen ook nog de Europese en de lokale. Macht corrumpeert - dat kan Gulyás niet ontkennen - maar dat is geen Hongaars probleem en al zeker niet van Fidesz. 'Toen de socialisten aan de macht waren, werd er veel meer gestolen.'

Ook van de kritiek op de buitenlandse politiek wil Gulyás niets horen. De beschuldiging dat zijn partij zich laat meeslepen door de anti-Europese retoriek van het extreem-rechtse Jobbik, de tweede partij van Hongarije, is niet aan hem besteed. Hij beklemtoont het belang van Europese integratie; achter zijn bureau staan de vlag van Hongarije en de Europese Unie broederlijk naast elkaar. Vanzelfsprekend is dat niet in zijn partij.

Geflirt met Poetin

En dan is er natuurlijk nog het geflirt van Orbán met president Vladimir Poetin. Hongarije stelt zich dubbelzinnig op als het gaat over de Russische bemoeienissen met Oekraïne.Vooral in de Verenigde Staten werd hem dat kwalijk genomen. Twee maanden geleden werden zes hoge Hongaarse ambtenaren door Washington op de zwarte lijst gezet. Officieel op verdenking van corruptie, maar aangenomen wordt dat Hongarije gestraft werd voor zijn toenadering tot Moskou.

Dat Orbán sindsdien zijn buitenlandse politiek heeft bijgesteld mocht niet baten. Vorige week nog zorgde oud-presidentskandidaat John McCain voor een diplomatieke rel door in de Amerikaanse Senaat Hongarije een land te noemen dat op het punt staat zijn soevereiniteit af te staan aan een neo-fascistische dictator die het bed deelt met Vladimir Poetin.

Die 'belediging' kwam hard aan, bekent Gulyás, temeer daar Orbán altijd sympathiseerde met de Republikein.

Traditionele politiek

Over de protesten tegen de regering maakt hij zich minder zorgen: 'Het enige wat de betogers verbindt is de afkeer van Orbán. Dat is wat weinig om hem te verdrijven.' Zo lang de actievoerders geen eigen partij vormen, ziet Gulyás geen bedreiging voor zijn partij.

En dat zal niet gauw gebeuren. Tijdens de door Vago georganiseerde vergadering blijkt hoe groot de afkeer is van de traditionele politiek. Als een van de aanwezigen bekent dat hij lid is geworden van een linkse partij, wordt hij onmiddellijk uitgefoeterd. De woorden 'arrogantie' en 'populisme' vallen. Nee, met de oppositie willen de actievoerders niets te maken hebben.

Het verzet tegen Orbán zal dus van de betogingen moeten komen, maar die trekken niet genoeg volk om de regering te verontrusten. Toch geeft Vago de hoop niet op. Een paar dagen geleden deed hij op Facebook een rondvraag: Wat moest hij met de tijdens de protesten ingezamelde fondsen beginnen? De reacties lieten niets aan duidelijkheid te wensen over: 'Nog meer protest organiseren.'

Demonstraties in Hongarije.Beeld afp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden