Reportage

Oranje akkers voorlopig nog niet weg, omstreden middel glyfosaat blijkt moeilijk uit te bannen

Landbouwer Peter van Beers bij zijn nieuwe landbouwmachine waarmee hij groenbemesters onder de grond kan werken waardoor hij geen glyfosaat meer nodig heeft. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Landbouwer Peter van Beers bij zijn nieuwe landbouwmachine waarmee hij groenbemesters onder de grond kan werken waardoor hij geen glyfosaat meer nodig heeft.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Doodgespoten akkers kondigen elk voorjaar de discussie aan over glyfosaat. Reden waarom producent Bayer boeren instrueert zo snel mogelijk na gebruik het dode plantenspul weg te werken. Gebruiker Peter van Beers probeert te minderen, maar hij bestrijdt dat glyfosaat in de landbouw een probleem is.

‘Heb je het land weer doodgespoten?’ Landbouwer Peter van Beers zegt ze best te begrijpen, de bezorgde dorpsgenoten die hem opbellen met deze vraag. Omwonenden die zich afvragen of het gebruik van de onkruidverdelger glyfosaat nou echt nodig is. Van Beers staat langs de akker naast zijn loonwerkersbedrijf in Vessem. Achter hem staan schuren met een imposant machinepark. Van hieruit verbouwt hij gewassen op het land van andere boeren. Een deel van die grond is al verschoten van kleur.

Wie in deze tijd van het jaar door het platteland rijdt, kan ze weer zien liggen: onnatuurlijk oranje gekleurde weilanden en akkers door het spuiten met glyfosaat. Bayer, bekend van het glyfosaatproduct RoundUp, wil de boze reacties die elk jaar weer klinken liefst zo snel mogelijk smoren. Hou de tijd tussen bespuiten en het ‘onderwerken’ van de bespoten gewassen zo kort mogelijk, adviseert het bedrijf in een bericht aan de gebruikers.

Van alle bestrijdingsmiddelen staat glyfosaat het vaakst ter discussie. Het zou volgens tegenstanders kankerverwekkend zijn, de biodiversiteit om zeep helpen en het water verontreinigen. Daar zijn genoeg vraagtekens bij te plaatsen, maar de aanhoudende discussie roept wel de vraag op waarom sommige boeren toch zo verknocht zijn aan het veelgebruikte glyfosaat. En hoe erg dit eigenlijk is.

null Beeld

Groenbemester

De ironie wil dat de vergroeningsmaatregelen uit het Europese landbouwbeleid het gebruik van glyfosaat in de hand hebben gewerkt. De eis dat 5 procent van het land een groene bestemming moet hebben, wordt door veel boeren ingevuld door in de winter 30 procent van het land vol te zetten met zogenoemde vanggewassen – ook wel groenbemesters. Die worden in het voorjaar onder de grond gewerkt. Het verrijkt de bodem met kool- en stikstof.

‘Door ze eerst te behandelen met glyfosaat, stopt de groei vroegtijdig’, zegt Van Beers. ‘Hierdoor is met tractoren minder energie en tijd nodig om ze onder de grond te krijgen dan wanneer ze verder doorgroeien. Zo’n intensievere bewerking van het land is ook niet goed voor het bodemleven.’

De gemiddelde passant die zich stoort aan de doodgespoten velden heeft er geen weet van, wil Van Beers maar zeggen. Hij mag dan beweren dat hij enig begrip kan opbrengen voor deze mensen, het stoort hem toch ook. ‘Het probleem is dat 17 miljoen mensen in Nederland iets van de landbouw mogen vinden’, zegt hij. ‘Door woningbouw is de afgelopen decennia veel landbouwgrond verloren gegaan. Die tuinen liggen vol tegels, er is geen spatje groen meer over. En vervolgens eigenen burgers zich het groen van de boer toe.’

In dat licht is glyfosaat maar een vrij onschuldig middel, vindt Van Beers. André Bannink van RIWA Maas, de koepel voor drinkwaterbedrijven langs de rivier, is het daar niet helemaal mee eens. Hij is bij Van Beers op bezoek om over alternatieven voor glyfosaat te praten. Want de boer mag het dan een onschuldig middel vinden, de drinkwaterbedrijven hebben er wel degelijk last van.

Drinkwater

Al sinds het middel in 1994 voor het eerst werd aangetroffen in het oppervlaktewater, zijn de gevonden hoeveelheden bij drinkwaterinlaten in de Maas te hoog. Dit veroorzaakte in het verleden innamestops. Tegenwoordig belast het overschrijden van de glyfosaatnorm drinkwaterbedrijven vooral met het verkrijgen van een ontheffing om van het rivierwater alsnog voor 7 miljoen huishoudens in België en Nederland drinkwater te maken.

‘Het aantal overschrijdingen en de heftigheid ervan neemt af’, zegt Bannink, ‘maar nog altijd ligt de hoeveelheid glyfosaat bij 12 procent van de metingen boven de norm. Zolang dit zo blijft, blijven we het over glyfosaat hebben.’

Landerijen in de Drentse Veenkoloniën, met rechts het land bespoten met glyfosaat. Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Landerijen in de Drentse Veenkoloniën, met rechts het land bespoten met glyfosaat.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

Onder deskundigen is het niet anders. Neem Nefyto, brancheorganisatie voor producenten van bestrijdingsmiddelen. Secretaris Jo Ottenheim wijst liever op andere cijfers dan RIWA. Want de strenge norm voor drinkwaterinname mag dan overschreden worden, van milieuschade in het oppervlaktewater is vrijwel nergens in Nederland sprake.

‘Als je kijkt naar de milieueffecten van glyfosaat op het oppervlaktewater, dan moet je concluderen: er is eigenlijk niks aan de hand’, zegt Ottenheim, verwijzend naar de cijfers van het Centrum voor Milieuwetenschappen van Universiteit Leiden. Maar hij erkent ook: biodiversiteit is meer dan wat in het oppervlaktewater leeft.

Bodemleven

Want hoe zit het met het bodemleven? Vooropgesteld: glyfosaat mag dan vaak ter discussie staan, het behoort allerminst tot de giftigste bestrijdingsmiddelen. Maar onschuldig is het ook niet. ‘De regenworm of springstaart gaat niet direct dood als een boer glyfosaat over zijn land spuit’, zegt Violette Geissen, hoogleraar bodemdegradatie en landbeheer aan Wageningen Universiteit & Research. ‘Maar de bodem raakt er wel van in onbalans. Bacteriën en schimmels in de grond die plantengroei stimuleren, zijn erg gevoelig voor glyfosaat. Terwijl sommige ziekmakende schimmels er juist wel tegen kunnen, waardoor er op termijn meer anti-schimmelmiddelen nodig zijn.’

En dan is er nog de volksgezondheid. De tienduizenden klachten van gebruikers van RoundUp die Bayer in de Verenigde Staten aanklaagden, gaan over lymfeklierkanker. Na een aantal verloren zaken schikt Bayer met andere klagers, hoewel het harde wetenschappelijke bewijs voor het verband met kanker ontbreekt. Alleen een agentschap van de Wereldgezondheidsorganisatie oordeelde in 2015 dat glyfosaat ‘waarschijnlijk kankerverwekkend is voor de mens’. Daar staan meerdere onderzoeken tegenover die geen verband aantonen.

Veel is nog onbekend over de gezondheidseffecten van de onkruidverdelger. Geissen probeert met 28 Europese partners een grote kennislacune op te vullen over bestrijdingsmiddelen in het algemeen. Want er wordt in de landbouw meer gespoten dan glyfosaat alleen. Geissen zoekt met haar team een antwoord op de vraag wat de cocktail van verschillende pesticide residuen in het milieu doet met de biodiversiteit en de gezondheid van mens en dier. Nog altijd speelt deze stapeling van chemisch toxische stoffen geen rol bij de toelating van bestrijdingsmiddelen op de markt’

Tekortkoming

‘Het is een erkende tekortkoming dat we alleen per middel kijken’, zegt Annemarie van Wezel, hoogleraar milieuecologie aan de Universiteit van Amsterdam. Als lid van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) beoordeelt zij op basis van wetenschappelijke literatuur en bedrijfsdocumentatie of chemische middelen de markt op mogen. ‘Op basis hiervan was er in 2017 nog geen reden om glyfosaat niet toe te laten.’

Vanwege de aanhoudende discussie over glyfosaat was de verlengingstermijn niet de gebruikelijke tien, maar vijf jaar. Een aantal lidstaten kijkt nu of glyfosaat vanaf 2023 nog mag worden gebruikt in Europa.

Nederlandse gemeenten zijn er al mee gestopt. En vanwege de drinkwatervoorziening is in 2019 in het Maasstroomgebied inmiddels een algeheel verbod op het gebruik van glyfosaat op verharde en halfverharde ondergronden. Hierdoor moesten ook particulieren met hun tuintegels, en bedrijven met hun terreinen en parkeerplaatsen op zoek naar andere middelen tegen onkruid.

Deze maatregelen werden niet voor niets genomen. Want de landbouw mag dan de grootste gebruiker zijn, in 2010 bleek dat verharde ondergronden veruit de belangrijkste bron waren van uitspoeling naar de Maas. Met een regenbui stroomden alle achtergebleven glyfosaatresten dan zo vanaf de tegels het riool in.

Onder druk van Natuur & Milieu hebben tuincentra inmiddels aangekondigd per 2022 te stoppen met de verkoop van het middel aan particulieren. Vorig jaar concludeerde het RIVM al dat, net als in de landbouw, het gebruik van glyfosaat door particulieren is afgenomen. Omdat sommige tuincentra het al niet meer verkopen en consumenten ‘mogelijk ook bewust voor middelen zonder glyfosaat kiezen vanwege de discussie over risico’s hiervan in de media’.

‘Uiteindelijk blijft als bron alleen nog de landbouw over’, zegt Bannink van Riwa Maas. Dit zou duidelijkheid verschaffen, want nog altijd is er beperkte kennis over de precieze herkomst van middelen in het water.

Lage dosering

Loonwerker Van Beers is ervan overtuigd dat zijn sector niet het probleem is. ‘Onze glyfosaat eindigt niet in de naastgelegen sloot’, zegt hij. Hij benadrukt dat hij er voor zijn bodem en portemonnee ook bij gebaat is dat hij zo min mogelijk glyfosaat gebruikt. ‘Met heel dure technieken spuiten wij zeer precies en met zo'n lage dosering, dat het gemakkelijk afgebroken kan worden door de bodem.’

Waterschappen meten wel degelijk glyfosaat in boerensloten, reageert Bannink. Ook milieu-ecoloog Van Wezel weerspreekt Van Beers. Ze wijst erop dat het onvermijdelijk is dat glyfosaat vanaf het boerenland, via het grondwater en afspoeling ook in de naastgelegen sloot terecht komt. Maar, voegt ze eraan toe: ‘Het middel is vooralsnog toegestaan, omdat de verwachte concentraties niet dermate hoog zijn dat er ongewenste effecten voor het milieu te verwachten zijn’.

De maatschappelijke discussie heeft landbouwer Van Beers toch ook aan het denken gezet. Voor tienduizenden euro’s heeft hij een nieuwe machine gekocht. Hij wijst trots op een van zijn acht tractoren. Erachter hangt het Zweedse apparaat met rijen kartelschijven. Hiermee kan hij de groenbemesters in het voorjaar ‘kneuzen’ en ze eronder krijgen met minder energie en beperkte kering van de bodem. ‘Helemaal chemievrij.’ Bannink van RIWA Maas staat vol bewondering naast de machine. ‘Bij dit soort initiatieven staan wij te applaudisseren.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden