Opzegging ABM-verdrag is einde van tijdperk

Bush' opzegging van het ABM-verdrag bewijst dat de unilateralisten in de VS aan invloed winnen. China en Rusland reageren gelaten....

De aanslagen op de Twin Towers en het Pentagon, zo voorspelden veel deskundigen na 11 september, luidden het einde in van het unilateralistische beleid van de regering-Bush. Vóór die noodlottige datum ergerde de nieuwe president de bondgenoten vaak met zijn eenzijdige besluiten, zoals de verwerping van het Kyoto- protocol, maar de voorspelling was dat de VS na de aanslagen aangewezen zouden zijn op samenwerking met de rest van de wereld.

Inderdaad trad tot opluchting van de Europese landen minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell op de voorgrond, de eenzame stem van het multilateralisme in het kabinet-Bush. Powell speelde na de aanslagen een hoofdrol bij het formeren van de internationale coalitie tegen het terrorisme, maar nu de strijd in Afghanistan het einde nadert, lijken de unilateralisten weer de overhand te krijgen.

Een teken in die richting was het besluit van president Bush het ABM-verdrag op te zeggen, ondanks de bezwaren van Rusland en de bedenkingen van de Europese bondgenoten. Powell was altijd een voorstander van een diplomatiek vergelijk met Rusland over aanpassing van het verdrag, maar uiteindelijk besloot het Witte Huis dat het beter was het verdrag helemaal overboord te zetten, zodat de VS de handen vrij hebben bij het ontwikkelen van een raketschild.

Het besluit werd vergemakkelijkt door de tamelijk laconieke houding van Rusland, dat er kennelijk vanuit gaat dat de Amerikaanse plannen voorlopig geen bedreiging betekenen voor het Russische kernarsenaal.

Het opzeggen van het verdrag markeert het einde van het tijdperk van de wapenbeheersingsverdragen. Tekenend is dat de regering-Bush de jongste afspraken over verdere beperking van de kernarsenalen liever niet in verdragen wil vastleggen. Flexibiliteit is het sleutelwoord van het nieuwe beleid, maar andere landen zullen het mogelijk als een teken van unilateralisme interpreteren.

Dat er ondanks de aardbeving van 11 september in wezen weinig is veranderd aan het buitenlands beleid van de regering-Bush, blijkt ook uit het feit dat Washington zijn verzet tegen het Kyoto-akkoord niet heeft gematigd. Ook blijven de Verenigde Staten fel gekant tegen het Internationale Strafhof en het Kernstopverdrag.

Het lijkt erop dat het verloop van de militaire operatie in Afghanistan de meer unilateralistisch ingestelde vleugel van het kabinet slechts heeft gesterkt in het gevoel dat de VS er beter aan doen voor zichzelf op te komen dan zich te verlaten op de steun van de internationale gemeenschap, inclusief de bondgenoten.

Op papier hebben de NAVO-landen ook een plaatsje gekregen in de strijd tegen het terrorisme, maar in de praktijk vecht alleen een handjevol commando's uit Groot-Brittannië en Australië mee met de Amerikanen in Afghanistan. De andere bondgenoten staan aan de zijlijn.

Wat dat betreft is er een groot verschil met de oorlog in Kosovo, toen de VS veruit het grootste deel van de militaire acties voor hun rekening namen, maar moesten toestaan dat ook de andere landen meebeslisten over het verloop van de operatie. Nu hoeft het Pentagon zich niets aan te trekken van de gevoeligheden onder de bondgenoten.

Volgens conservatieven is dat ook de verklaring voor het succes van de operatie. In dat opzicht kan de oorlog tegen het terrorisme juist een nieuwe prikkel voor het unilateralisme worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden