Opstelling Zalm ontmoet weinig begrip in EU

Nederland vindt dat het te veel betaalt aan de Europese Unie en te weinig terugkrijgt. Daarom probeert de Nederlandse regering in Brussel zoveel mogelijk structuurfondsen los te peuteren....

PETERD DE GRAAF

Van onze correspondent

BRUSSEL

Op aandrang van minister Zalm van Financiën heeft de Nederlandse regering een offensief ingezet om een 'eerlijk aandeel' in de Europese structuurfondsen te krijgen. Want van de vijftien lidstaten ontvangt Nederland het minste uit deze rijkelijk gevulde pot.

Voor de periode 2000-2006 heeft de Europese Commissie een bedrag van 450 miljard gulden gereserveerd. Volgens voorzichtige schattingen zou Nederland slechts in aanmerking komen voor vijf à zes miljard gulden, ongeveer hetzelfde bedrag als de afgelopen vijf jaar werd ontvangen.

De structuurfondsen zijn bedoeld om de grote verschillen in economische ontwikkeling tussen de regio's in Europa te verkleinen. Ze werden destijds mede opgericht om de lidstaten voor te bereiden op de Economische en Monetaire Unie.

De economische ontwikkeling in Nederland is echter tamelijk evenwichtig gespreid over de provincies. Daarom voldoen de Nederlandse regio's niet of nauwelijks aan de criteria om in aanmerking te komen voor de Europese structuurfondsen.

Toch dringt de Nederlandse regering aan op een 'eerlijk aandeel' uit de geldpot. Het belangrijkste argument dat wordt aangehaald, is dat Nederland onevenredig veel betaalt aan de EU. Het afgelopen jaar vloeide netto (betalingen minus inkomsten) vijf miljard gulden naar Brussel. En met Agenda 2000, het alomvattende toekomstplan van de Europese Commissie, dreigt dat bedrag in hoog tempo op te lopen tot negen of tien miljard gulden in 2006.

Daarmee draagt Nederland per hoofd van de bevolking het meeste van alle lidstaten af aan Brussel. Minister Zalm is vorig najaar een offensief begonnen tegen die 'onevenwichtige lastenverdeling' in de EU. Want Nederland is in welvaartsniveau slechts een middenmoter; zeven landen zijn rijker.

Er zijn verschillende manieren om de netto-afdracht aan Brussel te verlagen.

De zuiverste vorm is verlaging van de Europese uitgaven. Bezuinigingen in Brussel leiden automatisch tot een verlaging van de Nederlandse bijdrage. Zalm zelf is hiervan een groot voorstander, maar de minister beseft dat hij hiervoor veertien andere EU-collega's moet ompraten. En lidstaten die vooral geld ontvangen uit de EU-kas, zijn moeilijk te porren voor bezuinigingen.

Daarnaast denkt Nederland aan een 'netto-begrenzer' voor zijn uitgaven. Thatcher ('I want my money back') wist destijds zo'n instrument te bedingen om de Britse bijdrage aan Brussel te beperken. Maar die korting heeft sindsdien zoveel stof doen opwaaien, dat het instrument van de netto-begrenzer op geringe populariteit in de EU mag rekenen.

Een derde mogelijkheid om de Nederlandse netto-positie te verbeteren, is vergroting van de inkomsten uit de EU. Daarvoor moet Nederland wel met goede argumenten komen, want een land dat altijd het vingertje heeft geheven tegen het 'rondpompen' van geld in de EU kan niet zomaar zelf in de pot gaan graaien.

Het lijkt erop dat de Nederlandse regering geen keuzes durft te maken. Aan de ene kant hamert Zalm op verlaging of zelfs afschaffing van de structuurfondsen, omdat hij de afgelopen jaren te veel misbruik van het regionale ontwikkelingsgeld heeft gezien. 'Een fair share van 0 is 0', beweerde de bewindsman vorige week nog.

Maar als er dan toch structuurfondsen zijn, dan wil Nederland zo veel mogelijk geld uit de pot. Die tweeslachtige argumentatie kan in Europa op weinig begrip rekenen. Veel lidstaten staan sinds Zalms ondiplomatieke offensief om de afdracht aan Brussel te verlagen toch al wantrouwend tegenover financiële verlangens uit Nederland.

Daarnaast moet Nederland opboksen tegen zijn imago van beste leerling in de klas, waar het veel geprezen poldermodel heeft geleid tot een combinatie van lage werkloosheid, economische groei en behoud van de sociale zekerheid. 'Hoezo aanspraken op de Europese structuurfondsen voor arme regio's? Jullie zijn toch al rijk', klinkt het bij de EU-partners.

Volgens diplomaten streeft Nederland naar een verdubbeling van het huidige aandeel in de structuurfondsen tot circa elf miljard gulden. Dat bedrag komt per hoofd van de bevolking overeen met wat de drie rijkste landen in de EU ontvangen.

Maar die vergelijking doet geen recht aan het eigenlijke doel van de structuurfondsen: de ontwikkeling van arme regio's. Duitsland bijvoorbeeld haalt veel geld uit de structuurfondsen binnen voor de arme Oost-Duitse deelstaten.

Zalm zelf denkt dat hij met enig 'dealen en wheelen' zijn slag nog wel kan slaan. Want de vaststelling van de criteria voor de structuurfondsen is 'een politieke zaak', waarvoor unanimiteit is vereist. Die strategie zal Nederland wellicht geld opleveren, maar geen sympathie.

Peter de Graaf

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden