Opluchting over soepele overdracht zorg aan gemeenten

De overdracht van de langdurige zorg en de jeugdzorg door het Rijk aan gemeenten is 'beheerst' verlopen. 'De verhuisdozen zijn goed overgekomen', zegt verantwoordelijk staatssecretaris Martin van Rijn. 'Maar zijn we er nu? Nee, natuurlijk niet. Het werk is in volle gang.'

Martin van Rijn. Beeld anp

Wel is Van Rijn opgelucht dat zich geen grote problemen hebben voorgedaan. 'Na alle onheilstijdingen vooraf kunnen we nu constateren dat die niet bewaarheid zijn geworden.' Wel ziet hij een reeks invoeringsproblemen, zoals hulpbehoevenden die naar de rechter stappen om hulp van de gemeente af te dwingen. 'Een goed gesprek met de cliënt die zich gehoord weet, zal dat in veel gevallen kunnen voorkomen. Maar een paar gemeenten zijn tot de orde geroepen door de rechter op basis van de wet. Die is dus helder. Ik heb zelf her en der indringende gesprekken gevoerd maar niet hoeven ingrijpen.'

Alertheid

Volgens de wet moeten gemeenten met hulpbehoevenden 'keukentafelgesprekken' voeren over de gevraagde zorg , de zelfredzaamheid en mogelijke hulp van 'mantelzorgers', zoals familie, buren, kennissen. Van Rijn wijst erop dat in eerste instantie de gemeenteraad alert moet zijn en zo nodig het gemeentebestuur tot de orde moet roepen.

Van Rijn stuurde dinsdag een reeks rapportages over de decentralisaties naar de Tweede Kamer. Die debatteert er later deze maand over. Het gaat om de Wet Maatschappelijke Ondersteuning waardoor gemeenten verantwoordelijk zijn voor alle circa 800 duizend thuiswonende hulpbehoevenden. Tegelijk zijn zorgverzekeraars verantwoordelijk geworden voor wijk- verpleging. Daarnaast gaat het om de Wet Langdurige Zorg die zorg in instellingen regelt. Ten slotte moeten gemeenten nu alle zorg voor 280 duizend hulpbehoevende jongeren regelen tot hun 18de verjaardag. Daarna moeten zijn zichzelf redden of zorg krijgen via de WMO of de WLZ. De nieuwe opzet van de zorg heeft voor honderdduizenden hulpbehoevenden gevolgen.

'Grensgeschillen'

Van Rijn constateert dat de samenwerking tussen zorgverzekeraars en gemeenten nog goed van de grond moet komen bij het opzetten van wijkverpleging. Hij erkent dat de nieuwe wetgeving zorgt voor 'grensgeschillen'. Zo is het soms de vraag of een hulpbehoevende jongere na zijn 18de verjaardag onder de WMO valt of in een instelling terecht kan. 'Elke grens zorgt voor problemen. Dat moet zich uitkristalliseren', zegt Van Rijn. Hij kondigt onderzoek aan naar 'onderdiagnose' nu gespecialiseerde jeugdzorginstellingen en ouders klagen dat gemeenten bezuinigen op het doorsturen van kinderen naar die dure instellingen.

Door de bezuinigingen op de jeugdzorg en de zorg aan huis werden massaontslagen voorzien. Van Rijn stelt dat het UWV slechts tweeduizend ontslagen heeft goedgekeurd, terwijl het aantal WW-uitkeringen aan zorgverleners met 35 duizend toenam. Dit kan betekenen dat van veel flexkrachten het werk stopte. Van Rijn nuanceert dat. 'In de sector is vanouds sprake van grote volatiliteit. Er gingen ook 30 duizend mensen uit de WW, misschien omdat de uitkering afliep, misschien omdat ze werk vonden.' Voor de sector is 100 miljoen euro beschikbaar voor scholing en voor bemiddeling naar ander werk. Voor de scholing zijn al 80 duizend aanmeldingen, voor de bemiddeling slechts duizend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden