Opinie: Wederopstanding van links kan niet uitblijven

Met afnemende baanzekerheid en stagnerende lonen lijkt een revival van links waarschijnlijk.

Een kaasmakerij in Heerenveen. Beeld Marcel van den Bergh

Gematigde centrumpolitici hebben tegenwoordig Stealers Wheel prominent op hun Spotify-playlist: 'Clowns to the left of me, jokers to the right.

Here I am, stuck in the middle.'

Een andere zin uit Stuck in the Middle zal juist steeds minder herkenbaar zijn voor veel kiezers: 'Well, you started off with nothing, And you're proud that you're a self-made man.'

Westerse leiders moeten opereren in een klimaat van grote sociale onvrede waarin de overtuiging dat je met hard, eerlijk werk ver kunt komen steeds verder verwatert onder invloed van scheve inkomens- en welvaartsverdeling en het gebrek aan florissante vooruitzichten voor Jan Modaal. Door globalisering en automatisering is de baanzekerheid afgenomen en zijn reële lonen gestagneerd.

Veel arbeidsmarkten zijn geliberaliseerd om concurrerend te blijven. Dat heeft voordelen, maar betekent ook meer flexibele en parttime banen, waardoor bedrijven minder snel in deze werknemers investeren. Dit beperkt de carrièremogelijkheden en ondermijnt de productiviteit.

Ondertussen staan sociale vangnetten steeds minder strak gespannen door het gewicht van de schuldenbergen in westerse samenlevingen. Daarbij nemen twijfels toe of immigratie wel zoveel voordelen biedt als de economische theorie in de schoolboekjes claimt. Bovendien speelt bij menigeen in een hoekje in het achterhoofd ook angst voor extremisme.

Door deze ontwikkelingen zijn velen in het Westen naar beneden geduikeld op de piramide van Maslow. Nog meer mensen dreigen te volgen. Chargerend gesteld: waar voorheen mensen zich druk maakten over zelfontplooiing, erkenning en waardering, ontstaan nu steeds meer zorgen over basale behoeften: veiligheid en sociaaleconomische zekerheid.

In theorie zou de overheid de negatieve effecten van globalisering kunnen verzachten via herverdeling van de welvaart. Dit betekent het belasten van de winnaars (bedrijven, aandeelhouders en hoogopgeleiden) en meer financiële ondersteuning en scholing voor degenen wier reële inkomen in de verdrukking zit en die nauwelijks nog baanzekerheid hebben.

Het grote probleem is dat juist de grootste winnaars van de globalisering hun kapitaal en activiteiten gemakkelijker naar het buitenland verplaatsen dan de meeste werknemers en (daardoor) overheden tegen elkaar kunnen uitspelen voor de meest aanlokkelijke belastingvoordelen. Hierdoor zien overheden zich gedwongen werknemers zwaarder te belasten dan bedrijven en aandeelhouders. Met begrijpelijke toenemende onvrede. De globaliseringswinnaars profiteren optimaal van de infrastructuur in westerse landen, maar dragen naar verhouding weinig bij aan het in stand houden en verbeteren van die infrastructuur.

De OESO concludeert dat overheden sinds 2007 burgers zwaarder en bedrijven juist minder zijn gaan belasten. Ook het beleid van de centrale banken heeft bedrijven en kapitaalbezitters meer bevoordeeld dan werknemers en weinig kapitaalkrachtige jongeren.

In Nederland maar ook in de VS zet deze trend door: belastingverlagingen in de VS die vooral het bedrijfsleven ten goede komen en in Nederland afschaffing van de dividendbelasting.

Links mag op veel plekken in het Westen met een rechtse hoek geveld zijn , de liberaliseringspendule is zodanig ver uitgeslagen dat de doodverklaring van links juist wel eens prematuur kan blijken. Een opleving van linkse partijen kan niet uitblijven. De eerste tekenen zijn er al met de toenemende aandacht voor een basisinkomen en de grote populariteit van de voor Amerikaanse begrippen zeer progressieve Elizabeth Warren en Bernie Sanders en van de uitgesproken linkse Jeremy Corbyn in Groot-Brittannië die de Labour-partij naar zijn hand zet.

Het wachten is op het moment dat links zich op meer plekken opnieuw uitvindt. De kans daarop is nu juist aanwezig vanwege het crisisgevoel en de daaropvolgende overlevingsdrang bij veel progressieve partijen na dramatische verkiezingsuitslagen en het huidige sociaaleconomische klimaat waarin het ontzettend goed gaat volgens de beurzen en krantenkoppen maar dit gevoel ontbreekt in menig huishouden.

Vorige maand 25 jaar geleden werd Bill Clinton verkozen tot Amerikaans president (terwijl Corbyn toen al in het Britse parlement opkwam voor gepensioneerden, zieken en andere kwetsbare groepen). Clinton, Tony Blair en Wim Kok worden gezien als politici die de bijl aan de wortel van de linkse partijen leggen met hun omarming van het liberalisme en de globalisering.

In november 1992 kwam ook een van de meest energieke, opgefokte, boze protestalbums van de afgelopen decennia uit: de debuutplaat van raprockformatie Rage Against The Machine met de volgende frase die linkse partijen als muziek in de oren moet klinken:

'Yes I'll display the fitness, and flip like a gymnast..Raise my fist and resist!'

Als links weer overeind springt, breekt voor bedrijven en financiële markten een mindere tijd aan. De afgelopen decennia bevoordeelde het economische systeem kapitaal ten opzichte van arbeid. Een verschuiving de andere kant op zou niet verbazen, met weer een groter deel van het nationaal inkomen voor werknemers en met mogelijk meer indamming van internationale concurrentie.


Andy Langenkamp is senior political analyst, Maarten Spek is senior financial markets analyst bij ECR Research.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.