Operatie Oranjebitter

HP/De Tijd en Stern zeggen veel van de grieven van Margarita en Edwin te kunnen documenteren. Van roddel is geen sprake: 'We hebben te maken met harde bronnen.' De serie gaat door, woensdag blijft nog even een topdag voor kioskhouders....

Het is niet zo gek dat Margarita de Bourbon de Parme en Edwin de Roy van Zuydewijn in hun zoektocht naar een podium uitkwamen bij HP/De Tijd en het Duitse Stern. Beide bladen werden benaderd door 'een tussenpersoon', die de afweging bewust maakte. Een aantal media viel bij voorbaat af om gehoor te vinden voor het verhaal over hun tegenwerking door het Hof. De Telegraaf, Elsevier, Vrij Nederland en nog enkele media werden wegens hun (veronderstelde) sympathie voor of banden met het koningshuis niet geschikt bevonden.

HP was bekend door de ongebonden wijze van berichtgeving over Oranje-zaken, Stern had als Duits blad met een Nederlandse correspondent zijn eigen aantrekkelijke kant. De betrokken verslaggevers, Stern-correspondent Albert Eikenaar en HP/De Tijd-redacteur Thieu Vaessen, willen niet alle details omtrent de ontstaansgeschiedenis van dit opvallende verhaal kwijt, maar ze willen hun werkwijze wel toelichten.

Beide bladen wisten van elkaar dat ze Margarita's verhaal zouden publiceren. Eikenaar: 'Het was een gescheiden operatie, we hebben los van elkaar gesprekken gevoerd en research gedaan. Wel hebben we afspraken gemaakt over de datum van publicatie: 13 februari.'

HP/DeTijd werd iets meer dan een half jaar geleden benaderd, zegt redacteur Thieu Vaessen, auteur van de serie Oranjebitter. Na een gesprek met HP's hoofdredactie vond de eerste ontmoeting met het paar plaats. Vaessen: 'Het eerste gesprek dat ik had, werd gevoerd in Nederland. Toen bleek de zaak zo complex en ook zo precair, dat veel meer gesprekken nodig waren. We zijn daarop naar Frankrijk gegaan, waar we een week hebben gelogeerd. In een hotel, en niet op het kasteel van het paar, zoals een krant schreef. We hebben ze zo'n dertig uur gesproken, verdeeld over zes dagen.'

Vaessen liet precaire kwesties verschillende malen de revue passeren, zegt hij. 'Tijdens de gesprekken en uiteindelijk nogmaals bij de autorisatie door het paar. Ik moet zeggen: juist op die punten vertelde het paar het verhaal steeds op een consistente manier.'

De tientallen uren bandopnamen vergden een eeuwigheid aan uitwerking. Daarna zette Vaessen zich aan researchen en pogingen hun verhaal bevestigd te krijgen.

Eikenaar kwam pas veel later in beeld: in januari. 'Ik had minder tijd nodig dan HP. Het paar was al min of meer uitgemolken door HP. Op mijn verzoek hadden de twee een lijstje gemaakt met punten die ze kwijt wilden.' Eikenaar beperkte zich in zijn stuk meer tot de feiten. 'Mij is wel verweten dat ik over het drankgebruik van Beatrix schreef (''Tante Trix trinkt sehr viel Wein''), maar dat had een functie in mijn verhaal.'

Eikenaar: 'Royal-nieuws is over het algemeen vooral bestemd voor de afdeling ''show-business'' van de kranten.' Hij ziet zich gesterkt in die opvatting door de trage reactie van het ANP na zijn publicatie: 'Stern zou woensdag verschijnen, ik lichtte het ANP dinsdag in per fax, met een embargo tot woensdagochtend negen uur. Er gebeurde niets. Pas 's middags, na de reactie van de RVD, maakte het ANP een bericht.'

ANP's vaste royalty-verslaggeefster Barenda Grutterink was die dag niet aanwezig, maar Eikenaars suggestie dat het persbureau 'onwelgevallig nieuws zou willen tegenhouden' werpt ze verre van zich. 'Dat maakt mij niets uit. Probleem was eerder dat er weinig te checken viel. Ik heb Eikenaar later om ondersteunende documenten gevraagd, maar die staat hij niet af.'

Wisten de verslaggevers vooraf dat hun publicaties zouden uitmonden in een schadeclaim van het paar tegen de staat? Eikenaar: 'Het enige dat wij wisten, is dat het paar uit was op eerherstel. Daartoe wilden ze een voorlopig getuigenverhoor beginnen. Dat dat in een schadeclaim zou moeten uitmonden, wisten wij niet.'

Laten de beide bladen zich niet te veel op sleeptouw nemen van het paar? Eikenaar: 'Zo voel ik het niet. Ik kan met documenten veel van hun grieven ondersteunen. Maar ik ben niet hun pleitbezorger.'

Opvallend was de ingehouden presentatie van HP/DeTijd van het eerste deel. Oranjebitter was geen omslagverhaal, er werd derhalve ook niet mee geadverteerd. Vaessen: 'We wilden niet beschuldigd worden van sensatiezucht. Vanaf deel twee staat het wel op de cover, ja. Maar nog steeds niet sensatiegericht. ''Prinses Margarita, haar verhaal over de Oranjes'', staat er nu. Saaier dan dat kunnen we het niet brengen.'

Er moeten ook andere motieven een rol hebben gespeeld: in geval van een rechtszaak kan ook de presentatie een rol spelen.

Juridische stappen van het Hof bleven uit, van massale negatieve kritiek op het verhaal was geen sprake, de kwestie was inmiddels levensgroot geworden - de volgende week kon HP er niet omheen om de serie alsnog prominent te brengen. Met succes: woensdag is inmiddels een topdag voor kioskhouders.

Lachende derde is uitgever Audax, die op televisie in reclamespotjes adverteert voor zowel HP/De Tijd als het roddelblad Weekend. Onlangs leidde dat ertoe dat voor het NOS Journaal van 20.00 uur werd geadverteerd met het Oranje-verhaal van HP, en na het Journaal met Weekends coverkreet: 'Laffe aanval op Oranjes!' Inmiddels zijn de producties, zo zegt Weekend-verslaggever Marc van der Linden, 'meer op een lijn gebracht'.

Het genre interview kent zijn beperkingen. De eenzijdigheid van het verhaal bijvoorbeeld. Maakte HP/De Tijd zich niet kwetsbaar door die vorm te kiezen?

Vaessen: 'We hebben er bewust voor gekozen het te presenteren als hun verhaal. Er kleven ook juridische aspecten aan. Natuurlijk hebben we overleg met een jurist gehad. Beschuldigende uitspraken in een interview moeten te onderbouwen zijn. Naarmate de beschuldiging groter is en de personen bekender zijn, is die plicht groter.

We hebben slechts een klein deel gebruikt van wat we aan materiaal hebben. Zo noemde het paar meerdere gevallen waarin het Koninklijk Huis zijn boekje te buiten is gegaan. Wij hebben alleen gepubliceerd wat enigszins te onderbouwen viel met documenten of andere bewijzen, zoals in de kwestie met de sociale dienst van Amsterdam. Het was voor ons belangrijk dat er een brief van Margarita's vader bestaat waarin hij tot twee maal toe naar het dossier verwees.'

Eikenaar van de Stern koos voor een sterk ingedikte versie, afgedrukt op slechts twee pagina's. De feiten uit beide bladen komen grotendeels overeen, al schreef Stern over het aftappen van de telefoon van Edwin en Margarita een stuk stelliger dan HP, dat daar alleen een uitspraak van prinses Irene over opnam. Had Stern de betekenis en de omvang van de affaire onderschat?

Eikenaar: 'Op maandag was nog onzeker of mijn verhaal woensdag afgedrukt zou worden. Fact-checkers bemoeiden zich er nog mee, en de Duitse pers had andere zaken aan het hoofd: de kwestie Schröder-Irak speelde volop.' Eikenaar had meer materiaal, maar is 'achteraf niet ongelukkig dat mijn stuk zakelijk, kernachtig en zonder franje is gepresenteerd. Als het vier of zes pagina's waren geweest, was het echt geen grotere affaire geworden.'

Een van de (niet bij name genoemde) verslaggevers die in Oranjebitter deel 3 (over Margarita en de media) ter sprake komen, is Marc van der Linden van Weekend. Na publicatie van het eerste deel is hij bij HP op bezoek geweest. 'HP heeft een beetje gemanipuleerd', zegt hij. Zo meldde Van der Linden de collega's van HP onder meer dat Edwin de dag voor zijn huwelijk een Franse persfotograaf van bureau Gamma had mishandeld. De Nederlandse vertegenwoordiging van de fotograaf bevestigt dat, maar HP maakte daar geen melding van (Vaessen: 'Volgens Edwin lag dat anders.')

Niettemin heeft Oranjebitter 3 bij Van der Linden enige zelfreflectie opgeleverd: 'Ik heb me afgevraagd in hoeverre ik misbruikt ben. Maar ja, Edwin zelf vertelde mij eens dat ze gezinsuitbreiding verwachtten. Dus meldde ik in een verhaal dat Margarita zwanger is. Bleek niet waar te zijn. Van HP hoor ik nu dat hij dat tegen me zei om Weekend te vriend te houden.'

Vooral door de gekozen interview-vorm in HP/De Tijd constateerden staatsrechtgeleerden en andere deskundigen (zoals Harry van Wijnen en senator Erik Jurgens) dat de affaire zich nauwelijks verhief boven het niveau van roddel en achterklap. Vaessen: 'Er zijn belangrijke verschillen tussen dit verhaal en de verhalen in de roddelpers. Wij hebben te maken met harde bronnen, die zich niet achter anonimiteit verschuilen. Het zijn bovendien bronnen die er zelf bij waren, ze hebben het verhaal niet van horen zeggen. Het gaat daarbij om een zaak van politiek en maatschappelijk belang, en er is zogeheten circumstancial evidence dat het verhaal onderbouwt.'

Roddel of niet, vaststaat dat de storm rond het koningshuis voorlopig niet zal luwen. Volgende week verschijnt het vierde deel van Oranjebitter. Met name kranten (en veel minder radio en televisie) buigen zich over de feiten. Stern-correspondent Eikenaar: 'Ik ben gewaarschuwd dat uit onverwachte hoek nog publicaties zullen opduiken die de bedoeling hebben de beschuldigingen onderuit te halen.' Ook zegt hij over aanwijzingen te beschikken dat zich nog klokkenluiders uit politieke en maatschappelijke instellingen zullen aandienen.

Over drie weken is het staatsbezoek van Beatrix aan Brazilië. In haar kielzog een schare koningshuisverslaggevers met wie steevast op dergelijke reizen een ontmoeting gepland staat. Oefening in onafhankelijkheid: wie durft de kwestie aan te roeren?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden