Opera in de natuur

Orfeo ed Euridice speelt vanaf vanavond dertigmaal op en in de hofvijver van Paleis Soestdijk.

In het tuinen van Paleis Soestdijk, verscholen tussen het lover, speelt een hoornist zich warm. Zijn toon mengt zich met het gekwetter van een merel. Het is even voor zevenen en nog licht. Hij heeft nog een uur of twee de tijd. De repetitie van Orfeo ed Euridice, de opera van Christoph Willibald Gluck (1714-1787), kan pas beginnen als de schemering valt. Dan zal blijken of de communicatie tussen dirigent en koorleden, solisten en dansers, soms op 35 meter afstand van elkaar, werkt.


In een reusachtige tent staat Jos Thie (57), muzikaal leider van De Utrechtse Spelen en regisseur van het spektakel, op rubberlaarzen in de rij voor een bord rijst met kebab. Jongens en meisjes van rond de 20 in HEMA-roze en -blauwe badjassen zingen hun stembanden los. Onder hun kleding dragen ze een wetsuit. Daaroverheen komen straks de kostuums van nimfen, herders, furiën en zalige geesten.


Thie, peinzend boven zijn bordje rijst: 'Vanuit de muziek van Gluck ben ik over de enscenering gaan nadenken. Barokmuziek was de popmuziek van die tijd. Als je die zo theatraal gebruikt als wij hier doen, wordt het heel toegankelijk. Dan bereik je ook mensen die gewoonlijk niet naar de opera gaan. Ik heb geprobeerd me een voorstelling te maken van de godenwereld en kwam er steeds meer achter dat de vogels symbool moesten staan voor dat goddelijke. Op een lokatie als deze, met al die geluiden van lijsters en uilen, kun je daar niet omheen. Ik heb gezocht naar een manier om dat in de productie te verwerken. Met de projectie van een grote vogel op het paleis maar ook met een levende, getrainde uil. Als het goed is, zal die landen op Orfeo's hand. Op die manier proberen we een wondertje te creeren.'


'Gluck zocht in zijn muziek naar natuurlijkheid. Hij wilde eenvoud en betekenis, in tegenstelling tot de meer spectaculaire, akrobatieke stemvirtuositeit die destijds populair was. Daar heeft hij boeken over vol geschreven. Niet voor niets koos hij als thema het verhaal van Orpheus, de halfgod die een sterke relatie had met de natuur. Daar sluit deze productie op aan. Het is niet een concept dat ik eroverheen leg, het idee komt uit het werk zelf voort.


Gluck heeft vogelgeluiden gecomponeerd en daar voegen wij iets aan toe. Ik heb er een componist bij gehaald, Sytse Pruiksma, een echte vogelkenner die ik al van eerdere producties kende. We hebben in de partituur gekeken hoe we de omgeving aan het stuk kunnen verbinden. Door een soundscape van vogelklanken ontstaat er een relatie met de vogels in de omgeving.'


Dertigmaal zal Orpheus afdalen in de onderwereld om zijn geliefde Eurydice terug te halen uit de dood. Alleen al logistiek is de productie een heksentoer. Elk van de voorstellingen kan door vijftienhonderd man op de tribune worden gevolgd en voor slecht weer zijn telkens twee uitwijkdata gepland. Jos Thie blijft er kalm onder. Hij is de man die het onmogelijke realiseert, die voor de productie Abe een historische voetbalwedstrijd liet naspelen en Glucks Orfeo ook bij windkracht 5 niet in het water zag vallen.


Dat was tien jaar geleden in Friesland, op een open meer bij zonsopkomst. Nu zoekt hij de beschutting van de koninklijke tuinen in de avond. Links en rechts van de vijver bloeien metershoog de rododendrons. In de verte verrijst statig de witte achterkant van het koninklijk paleis.


Jos Thie: 'Het mooiste locatietheater vertelt ook het verhaal van de locatie. Hier is dat het paleis, zijn bewoners, de geschiedenis die zich daar heeft afgespeeld. Die voel je zodra je het terrein op komt en daar laat ik af en toe ook iets van zien in de voorstelling. De opera gaat niet over de Oranjes, maar je moet het gegeven niet negeren. Er is ook aan zo'n koningshuis iets onwerkelijks. Op een bepaalde manier kun je daar een relatie met de godenwereld in zien, al moet je niet suggereren dat het Huis van Oranje dit soort dingen zou kunnen bestieren.


Voor mijn generatie staat Paleis Soestdijk voor Juliana, een heel liefdevollevolle vorstin. Met dit stuk breng ik haar een persoonlijk eerbetoon. Zij komt in de voorstelling voor als Amore, een personage dat van Gluck een eigen toon, een eigen temperament heeft gekregen. Ik heb die gedachte overgenomen. Aan het slot van de avond pakt Juliana haar fiets en rijdt ze weg over het water.'


Buiten op de vijver glijdt het koor in een boot voorbij. Een donkere Orfeo, het haar in dreads, test zijn microfoon. Euridice loopt naar een rots in het water. Het spektakel kan beginnen.


Orfeo ed Euridice, Christoph Willibald von Gluck. De Utrechtse Spelen. Concerto d'Amsterdam o.l.v. Hoite Pruiksma. Regie: Jos Thie. HofvijverPaleis Soestdijk, 8/6 t/m 23/7

------------


Akoestiek van concertzaal

Voor de geluidstechniek van de voorstelling is een geavanceerd systeem ingezet met speakertjes die de akoestiek van een concertzaal moeten suggereren. Ze hangen hoog boven de tribune en mengen de klank van het orkest, ver weg op een ponton, met de stemmen van de zangers. Tijdens een try-out ging het mis. De muziek werd weggeblazen door een popbandje uit de buurt en de voorstelling moest worden afgebroken. Foutje in de planning van de gemeente Baarn, die voor diezelfde avond een vergunning had afgegeven voor een ander evenement. Het gedupeerde publiek krijgt de mogelijkheid de opera op een andere avond bij te wonen.


------------


Regisseur Jos Thie

kwam er steeds meer achter dat de vogels symbool moesten staan voor het goddelijke in Orfeo ed Euridice. 'Op zo'n lokatie als deze, met al die geluiden van lijsters en uilen, kun je daar niet omheen.' De opera is, tien jaar na vertoning op een Fries meer, weer te zien in de natuur.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden