Analyse Maritieme missie in Straat van Hormuz

Op zoek naar een Europese koers richting Straat van Hormuz

Satellietfoto van de Straat van Hormuz. Beeld Getty Images

Frankrijk en Groot-Brittannië spreken opnieuw over een Europese maritieme missie in de Straat van Hormuz, meldden diplomatieke bronnen dinsdag. Een missie waarin de twee sterkste Europese NAVO-bondgenoten de handen ineenslaan, zou politieke rugdekking kunnen geven aan landen als Nederland en Denemarken om langs deze ‘Europese weg’ toch positief te reageren op een Amerikaans verzoek om militaire steun.

Volgende week staat Hormuz ook hoog op de agenda tijdens informeel EU-overleg in Helsinki. Dat de Duitse bondskanselier Merkel dit aankondigde, is geen toeval: Berlijn heeft deze zomer twee Amerikaanse verzoeken om militaire steun – in Syrië en de Straat van Hormuz – afgewezen, en Duitsland wil in Europees verband zijn verantwoordelijkheid tonen. Niettemin is het nog steeds niet duidelijk of een van de Europese initiatieven ook ergens toe leidt.

‘Geweldig hete aardappel’

Voor Nederland heeft de kwestie-Hormuz zich deze zomer ontwikkeld tot een ‘geweldig hete aardappel’, wil men in Den Haag best toegeven. De hoop is nu dat koortsachtig Europees diplomatiek overleg de komende tien dagen eindelijk tot een aanvaardbare missie leidt, met voldoende draagvlak in de Tweede Kamer. Eerder deze zomer leek zich even een Europese missie op te richten, maar de Fransen haakten af en de Britten kozen na het aantreden van Boris Johnson als premier voor aansluiting bij de Amerikaanse missie.

Zoals de Franse veiligheidsexpert François Heisbourg het formuleert tegenover de Volkskrant: ‘Het onderliggende probleem is dat er geen gemeenschappelijk doel is voor de VS, die uit zijn op regimeverandering in Teheran, en de Europeanen die het nucleaire akkoord met Iran willen redden. En welk doel streven we als Europeanen precies na in de Straat van Hormuz?’ Desondanks beleeft de Europese Hormuz-missie nu haar tweede leven – simpelweg omdat verschillende Europese landen diplomatiek klem zitten door de Amerikaanse druk.

Ook Nederland. Na publieke opstootjes dit voorjaar tussen de Amerikaanse ambassadeur Pete Hoekstra en het kabinet – eerst over de Nederlandse defensie-uitgaven, later over een Amerikaanse verzoek om ‘militaire middelen op de grond’ in Syrië - snakt de Nederlandse regering naar een manier om weer eens positief te kunnen reageren.

Fietstocht

Premier Rutte noemde Nederland voorafgaand aan zijn bezoek aan president Trump in juli ‘by far het meest trans-Atlantisch georiënteerde land’ in de EU na de Brexit: niet alleen de fysieke ‘maar ook de mentale toegang tot Europa’ voor Amerika. Komend jaar vieren Nederland en de VS ‘75 jaar vrijheid’. Volgende week fietst Hoekstra met andere ambassadeurs de Liberation Route om Operation Market Garden te herdenken. ‘Dit is geen geweldige tijd om openlijk te gaan filosoferen over afstand nemen van onze Amerikaanse bondgenoot’, zegt oud-directeur van de MIVD Pieter Cobelens. ‘En al helemaal niet omdat we tot de slechtst betalende jongetjes van de klas horen, en al vele jaren onze internationale defensieverplichtingen verzaken.’

Aanvankelijk reageerde Defensie eind juni welwillend op het Amerikaanse verzoek om bijstand in de Hormuz-missie: het departement liet informeel weten dat het waarschijnlijk wel een fregat kon sturen. ‘Internationale vaarwegen vrijhouden is een oude taak van de marine’, klonk het in de wandelgangen. En: ‘anti-piraterij zit ons in het bloed’.

Maar in de zomer, toen bleek dat Europese landen terughoudend of negatief reageerden en ook in Nederland oud-politici en militaire experts waarschuwden voor de risico’s ervan, werd duidelijk dat rechtstreekse aansluiting bij een Amerikaanse missie politiek onhaalbaar was. Het enige, resterende vaargeultje van het kabinet naar een positief antwoord op het Amerikaanse verzoek stroomt via Europa. En daar is tot dusver maar één probleem mee: de Europese missie bestaat nog niet. Er wordt alleen over gepraat.

Gevoelige materie

De enige, nu actieve maritieme missie is de Amerikaanse. Om deze ‘neutraler’ te doen overkomen, is de aanvankelijke naam, Sentinel (bewaker), vervangen door International Maritime Security Construct (IMSC). Behalve Groot-Brittannië hebben ook Australië en Bahrein zich erbij aangesloten. Noorwegen denkt nog na. De ene missie sluit de andere niet uit, menen de Britten. En de Amerikanen maken zich niet zo’n zorgen over hoe de Europeanen hun missie aankleden, zolang ze maar een bijdrage leveren.

Maar of die er komt, blijft nog steeds onduidelijk. Dat geeft aan hoe gevoelig de materie is, hoe complex de onderhandelingen, en hoe groot ook de twijfel over doel en effect van de missie. ‘We willen de zaak niet laten escaleren’, zegt een Europese diplomaat daarover. ‘En er zijn ook nog steeds diplomatieke wegen te bewandelen om de-escalatie te bereiken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden