ReportageOmgang coronamaatregelen

Op straat in Nieuwegein blijkt de coronacrisis een oefening in zelfbeheersing

Het wordt al drukker op straat in Nieuwegein. We keken rond en vroegen inwoners naar hun omgang met de coronamaatregelen.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Nieuwegein ligt midden in het land en is gemiddeld getroffen door corona. Lukt het de bewoners om de maatregelen vol te houden? ‘Mensen beginnen ongeduldig te worden.’ 

Kliklaminaat in plaats van een zomervakantie naar een warm en zonnig oord. Natuurlijk, ook Bep en Peter Heyman hadden liever gezien dat de coronacrisis aan de wereld en dus aan Nieuwegein voorbij was getrokken. Dan hadden ze nu zeker koffie gedronken op het terras, zeer waarschijnlijk met iets erbij, en was zij allang naar de kapper geweest (‘Ik mag zeker niet zeggen dat ik dat het meeste mis?’).

Maar het virus klopte op de deur en met de zomervakantie wordt het niks meer, dat weten de twee zestigers zeker. Daarbij: de oude vloerbedekking moest er toch echt eens uit, het stofzuigen was niet meer te doen. En dus ligt er van het uitgespaarde vakantiegeld binnenkort een nieuwe, strakke laminaatvloer in hun appartement met uitzicht op de Lek, veel eerder dan de bedoeling was.

Op een bankje in het centrum van Nieuwegein strekken Peter (68) en Bep (‘over twee maanden 70’) de benen in de zon. Ze hebben net boodschappen gedaan, met z’n tweeën. Geheel tegen de uitdrukkelijke wens van de minister-president in. ‘Maar dan doen we wel meteen boodschappen voor de hele week. En we hebben allebei de helft van het lijstje, dus we zien elkaar buiten pas weer’, verzekert zij.

Dat ze met z’n tweeën naar de supermarkt gaan, heeft volgens hem nog een reden. Met een ondeugende twinkeling in zijn ogen: ‘Als ik alleen zou gaan, krijg ik thuis te horen wat ik nú weer ben vergeten.’

Deze middag zijn ze niet de enigen die op het plein van winkelcentrum Cityplaza de middagzon goed op zich laten inwerken. Alle bankjes zijn bezet, bij de ijsbalie van de Jamin vormt zich voorzichtig een rij. Collega’s werken hun zelfgesmeerde boterhammen weg in de pauze, een stel begroet een oudere vriend door op 1,5 meter afstand te zwaaien.

Kijk hoe druk

Peter Heyman, met een tongval waarin na een paar jaar in Limburg en veertig jaar Nieuwegein nog een spoortje Haags doorklinkt: ‘En dan zegt Rutte dat we het zo goed doen met z’n allen. Moet je kijken hoe druk het is.’

Nederland gaat zijn achtste week van coronamaatregelen in. Een massale oefening in zelfbeheersing is het geworden, een cursus omgaan met teleurstellingen die vooralsnog geen einde kent en slechts af en toe een lichtpunt. Intussen proberen politici de burger moed in te praten en op het hart te drukken vooral het verstand te blijven gebruiken, ook richting Koningsdag.

‘Geef elkaar letterlijk de ruimte en houd vol’, richtte burgemeester Frans Backhuijs zich deze week via YouTube tot de 63 duizend inwoners van Nieuwegein. Met 10 doden en 84 besmettingen is de gemeente in het midden van Nederland gemiddeld getroffen.

Maar hoe goed gaat dat de Nieuwegeiners daadwerkelijk af? Snakken ze al naar de dag dat de cafés weer opengaan en ze weer kunnen voetballen en tennissen? En wil het nog een beetje lukken met het opvolgen van de regels?

Ergeniswekkend

Een tweedaagse zoektocht door de stad leert dat het draagvlak voor de maatregelen er zeker is, dat het laatste restje geduld echt nog niet is aangesproken. Ook hier maakt men er het beste van, al prijkt de gang naar de supermarkt bij velen met stip bovenaan de lijst van meest ergerniswekkende ervaringen. Met in hun achterhoofd het doemscenario om naast het laatste pak rijst te grijpen – of nog erger, om corona op te lopen terwijl ze staan te wachten in het pad met blikgroenten – lijken sommigen binnen een minuut met een volle kar de kassa te willen halen.

Wat hierbij vaak niet helpt: anderen op hun gedrag wijzen. Henriëtte Jager probeerde het, vertelt ze terwijl ze wacht op de sneltram naar Utrecht. Ze vertelde een meneer dat het niet verstandig was om zo dicht op een andere klant te gaan staan. ‘Snoep verstandig, eet een appel’, beet hij terug.

Ook bij de tramhalte begint het langzaam maar zeker drukker te worden.Beeld Marcel van den Bergh

In zijn Atlas Versmarkt naast het tramstation voelt Mehmet Ordek zich soms vredestichter en scheidsrechter tegelijk. Aan een blik heeft hij genoeg om te zien met welk been een klant uit bed is gestapt. ‘En als het dan een beetje druk is of diegene kan er even niet door, grijp ik in.’ Hij kan die reacties wel begrijpen. ‘Mensen zijn gewoon sneller geïrriteerd, omdat ze van alles niet mogen.’

Ook Mohamed begrijpt dat wel. Hij heeft net het apparaat stilgezet waarmee hij de vloerbedekking uit een te slopen kantoorgebouw in de wijk Plettenburg stript. Zijn vader ligt nu drie weken op de intensive care van het OLVG in Amsterdam. De ongewone spierpijn na het sporten bleek een symptoom van corona. ‘Mijn vader is 76, hij sportte twee keer per week, heeft nooit gerookt of gedronken. We waren juist bang dat mijn moeder het zou krijgen, zij is astmatisch.’

Mohamed wil niet met zijn achternaam in de krant, hij wil niet dat zijn broers en zussen achterhaald kunnen worden door het coronaverhaal van zijn vader. Maar van hem mag het kabinet nog veel strengere maatregelen opleggen. ‘We horen nu dat er minder mensen op de intensive care liggen, dat de piek voorbij is. Maar dat is juist het gevaarlijke, mensen kunnen zich niet inhouden.’

Risico

Dat vindt ook Rina van Leusden, die haar mopsjes Mini en Lana uitlaat op de Lekboulevard. ‘Mensen kunnen niet inschatten hoeveel risico ze lopen.’ Ze doelt vooral op de groepen jongeren met wie haar dochter te maken heeft, nu ze als zwemleraar even zonder werk zit en bijspringt als boa (buitengewoon opsporingsambtenaar). ‘Terwijl mijn ex-schoonouders juist zo voorzichtig zijn dat ze de dokter naar hen toe lieten komen toen ze bloed moesten prikken. Dat hebben ze in de tuin gedaan.’

Op het perron van de sneltram staat de jonge Nadine (‘doe maar geen achternaam’) klaar om naar haar werk te gaan bij een klantenservice in Utrecht. Wat niet helpt, zegt ze, is dat niemand weet wanneer we ons oude leven weer een beetje kunnen oppakken. ‘Omdat er geen perspectief is, beginnen mensen ongeduldig te worden.’ Zijzelf ook? ‘Nee. De maatregelen zijn nuttig, je weet waarvoor je het doet.’

Vergeleken met het bezoeken van een supermarkt lijkt het reizen per ov in Nieuwegein een koud kunstje. Nadine en de vijf andere reizigers hebben allemaal een eigen deur tot hun beschikking om de sneltram in te stappen. 

‘Pas als de scholen weer opengaan en mensen weer vaker naar kantoor gaan, wordt het drukker’, denkt Henriëtte Jager. Zelf werkt ze de helft van de week thuis en de andere dagen op kantoor bij de Belastingdienst, op de gewraakte afdeling Toeslagen. Glimlach: ‘Er is genoeg werk, want we hebben wat goed te maken.’

Op werk gaat het afstand houden haar prima af, zegt ze. Maar thuis was ze er laatst toch ingestonken. De werklui die haar huis verbouwen, wilden laten zien uit welke tegels ze kan kiezen. Pas toen het al te laat was, wist ze: ik stond te dichtbij. ‘Het sluipt erin.’

Spelregels vergeten

Dat blijkt ook op het plein van Cityplaza, waar het ene stel op leeftijd komt aangesloft bij het andere. Waar de vrouwen nog hun best doen afstand te houden, lijken de mannen in al het enthousiasme over hun weerzien de spelregels van de intelligente lockdown compleet vergeten. Ze gaan nog net niet bij elkaar op schoot zitten.

De 60-jarige Ray gedraagt zich wat dat betreft een stuk voorbeeldiger. In de schaduw op het plein praat hij bij met dochter Alisha. Ze houden afstand, want zij woont bij haar moeder en ze behoren dus tot een ander huishouden. Daarbij hanteert Ray een credo waarmee de premier tevreden kan zijn: dat voorkomen beter is dan genezen. ‘Ik neem dit virus serieus. Heel serieus.’

Vraag hem hoe hij in het anderhalvemeterleven staat en er breekt een brede lach door op zijn gezicht. Het is lekker rustig, vindt hij. Mensen komen niet te dicht bij je staan, dus merk je het niet als iemand met consumptie praat of zijn tanden nog niet heeft gepoetst. Hij zou corona meteen de wereld uit willen wensen, maar dat verplichte afstand houden mag er van hem in blijven. ‘Anderhalve meter? Nee hoor, een meter is wel genoeg.’

Hoofdschuddend had Peter Heyman in het centrum verteld over de mannen uit zijn appartementencomplex, die bij het jeu-de-boulen veel te dicht op elkaar stonden. Het drietal in kwestie doet er, hiermee geconfronteerd, niet moeilijk over. Ongemerkt gebeurt het inderdaad soms, vertelt Ad van der Velde. ‘Als je in het spelletje zit, loop je elkaar weleens in de weg.’

Normaal gesproken jeu de boulen deze heren soms wel met zijn twaalven, nu is drie het maximum.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Toch zeggen ze wel degelijk rekening te houden met wat wel en niet verstandig is. Zo spelen ze nog maar met z’n drieën, waar normaal gesproken gerust een man of twaalf samenkomen op de zelf onderhouden jeu-de-boulesbaan, naast het gebouw beneden aan de Lekboulevard. ‘En als er op de tweede baan wordt gespeeld, spelen we elk een andere kant op.’

Deze heren komen hun tijd wel door, daarover geen zorgen. Van der Velde: ‘Wij hoeven op deze leeftijd niks meer. Al is het jammer dat je je voetbal, je biertje in de kroeg en je kinderen en kleinkinderen moet missen.’ ‘Eigenlijk is dit een heel lange caravanvakantie. Je zit de hele tijd met je partner in één ruimte’, mijmert Hans Le Comte. Van der Velde knipoogt: ‘Nodig ons dan eens wat vaker uit.’

Strooien met miljarden: de peperdure redding van de economie
Een maand geleden kondigde het kabinet een miljarden verslindend noodpakket aan dat de ergste financiële nood moet lenigen van door de coronacrisis getroffen werknemers, zzp’ers en ondernemingen. Hoeveel is er al uitgegeven, en aan wie?

Voor wie is de coronasteun van de overheid? ‘Aandeelhouders zouden de eerste rekening moeten krijgen’
Waar komt de coronasteun voor bedrijven eigenlijk terecht? Bij buitenlandse investeerders en aandeelhouders, vrezen sommigen. ‘Als je steun verleent, is dit het moment om voorwaarden te stellen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden