Op Sint Maarten heeft nog lang niet iedereen een veilig dak boven het hoofd

Sint Maarten is nog uiterst kwetsbaar. Ruim een half jaar na de verwoestende orkaan Irma hebben lang niet alle inwoners een veilig dak boven het hoofd. En dat terwijl het nieuwe Caribische orkaanseizoen over een paar weken weer begint, voor zes maanden lang. Ook politiek is het eiland nog steeds niet op orde.

Sint Maarten, Phillipsburg, 8-12-2017 Max Madar staat lachend in de deur opening wat eens zijn huis was. Vooral de allerarmste zijn getroffen door orkaan Irma. FOTO : Guus Dubbelman / de Volkskrant Beeld Guus Dubbelman

Irma bleek de zwaarste orkaan ooit gemeten. Ze sloeg het autonome eiland binnen het Nederlands koninkrijk met ‘windkracht 33’ vol in het gezicht. De 40 duizend inwoners op het Nederlandse deel, plus de mogelijk tienduizenden die illegaal op Sint Maarten verblijven, bleven verdoofd achter.

Ruim een half jaar later, nog voordat de toegezegde hulp van honderden miljoenen uit Den Haag goed op gang is gekomen, blijkt ‘the Friendly Island’ zich al deels wonderbaarlijk snel hersteld te hebben. Vooral aan de kust, waar het geld verdiend moet worden met het toerisme, waarvan de economie van Sint Maarten vrijwel volledig afhankelijk is.

Sommige hotels en restaurants zijn voorgoed gesloten. Veel andere zijn, mede dankzij de uitkering van verzekeringsgeld en eigen investeringen van eigenaren, opvallend vlot weer opengegaan. De luchthaven is nog lang niet hersteld, maar de tijdelijke terminals die er zijn opgetrokken, ontvangen de weer op gang gekomen vluchten van maatschappijen uit landen als Nederland en de Verenigde Staten.

Dat is de kust, de rand van het eiland. Maar met het nieuwe orkaanseizoen op komst hebben nog lang niet alle inwoners een nieuw, veilig dak boven het hoofd en moeten velen het stellen met een tentzeil. Eind vorige maand liet minister Emil Lee van Sociale Zaken weten dat het herstelprogramma ‘nu elk moment’ van start kan gaan. Te laat dus. Lee zocht de oorzaak bij het uitblijven van Nederlands geld.

Maar Nederland maakt steeds ook duidelijk dat uiteindelijk de politici en bestuurders van Sint Maarten zélf voor het herstel van het eiland verantwoordelijk zijn. Wat dat betreft geven de afgelopen maanden weinig reden tot hoop.

Ruzie met Nederland

Den Haag eiste de instelling van een zogeheten Integriteitskamer en toezicht op de grenscontroles. Dat leidde tot ruzie met de vorige premier, William Marlin; voor diens voortijdige vertrek (tot tevredenheid van zowel Nederland als Sint Maartenaren); en tot vervroegde verkiezingen, eind februari dit jaar. Maar de stembusgang bleek aan de politieke impasses op het Caribische eiland geen einde te maken.

De winnaar van de verkiezingen, een coalitie van twee partijen, zegt zich te willen richten naar de Nederlandse eisen bij de wederopbouw, maar beschikt binnen het parlement van Sint Maarten net niet over een meerderheid. Weken later is er nog altijd geen nieuwe regering.

De leider van de grootste partij, Theo Heyliger, is bovendien een politicus met wie Den Haag in het verleden niet al te beste ervaringen heeft gehad. Van het door Nederland gewenste ‘goed bestuur’, waarvoor het binnen het koninkrijk ook een toezichtsfunctie heeft, bleek eerder met Heyliger geen sprake.

‘Corruptie, corruptie, corruptie. In gesprek met Nederland komen we nooit een stap verder’, zei Heyliger eind vorig jaar in een interview. Hij bood aan ‘een stap opzij’ te doen. En schreef vervolgens de verkiezingswinst op zijn naam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden